Anti-oorlogsgedichten
Otto Dix
Flandern (1934-1936)
De nazi's beschouwden zijn werk als ontaard.
In 1937 werden 260 van zijn werken 
in beslag genomen.
Neue Nationalgalerie Berlin.
'Flandern' (1934-1936) van Otto Dix (1891 1969).
Olieverf en tempera op canvas (200 x 250 cm).
De nazi's beschouwden zijn werk als ontaard.
In 1937 werden 260 van zijn werken in beslag genomen.
Neue Nationalgalerie Berlin.

In Vlaamse Velden

Klaprozen bloeien in Vlaamse velden,
tussen de kruisen, rij aan rij,
van ons die liggen, zij aan zij.
De zang van koene vogels in de lucht,
schier onhoorbaar door het krijgsgerucht.

Wij zijn de Doden. Gisteren nog
zagen wij dageraad en deemstering,
beminden en werden bemind,
en liggen nu in Vlaamse velden.

Bekamp de vijand met nieuwe moed
en grijp de toorts waarvoor wij streden;
Als je verzaakt aan ons die leden,
dan gun je geen rust aan helden,
waarvoor klaprozen, rood als bloed,
bloeien in Vlaamse velden.


John McCrae
© Hertaling van Lepus


Gebed van een soldaat in Frankrijk

Mijn rugzak weegt door, ik kan niet meer;
Uw Kruis was loodzwaar, gij steunt mij Heer.

Ik blijf marcheren al is het hard;
Treed, Heilige Voeten op mijn hart.

Kadaverdiscipline en dwang;
Zij geselden en sloegen Uw wang.

Ze willen mij geen rust gedogen;
Zoute druppels branden in mijn ogen.

Zorg dat mijn vege ziel niet vergeet
Uw Doodsangst en Uw bloederig Zweet.

Mijn schuttershand is stijf en ontveld
Uit Uw palm een bloedrivier ontwelt.

Heer, Gij hebt meer voor mij geleden
Dan alle scharen hier beneden.

Aanvaard mijn pijn en lijden samen
Een miljoenste van Uw gift. Amen.


Joyce Kilmer (1918)
© Vertaling van Lepus


Aan een moeder

                     Haar zoon viel op het slagveld

Je hebt me gezegd: "Mijn zoon is gevallen,-
jij hebt hem niet gekend, zijn voorhoofd niet,
of zijn lippen niet
of zijn handen; geen van allen
die nu naast mij zijn, hebben hem gekend,
maar enkel wààr mijn zoon is gevallen,-
op het veld van eer.
Als ik stappen hoorde op de straat
zei ik: zo zal zijn heimkeer zijn
Dat luisteren en verwachten hoeft nu niet meer.
De penningen die ik heb willen besparen
om hem een jas te kopen,
liggen nog in de kast, naast de oorlogprentjes
uit zijn jeugdjaren.
Je moest voor mijn zoon een gedicht maken,
dat leg ik dan naast de prenten in de kast."

Ik weet, moedertje, je zou graag lezen:
"Wapengeweld, slagveld, held,"
want als een eervolle trits,
                     heeft men je die woorden voorgespeld,
en van je zoon heb je niets meer dan dat.
Woorden die je troosten moeten,
omdat je je zoon niet meer zult wekken;
je zult zijn koffie niet meer bereiden,
steeds als de klok hetzelfde uur slaat,
hem nooit meer nakijken als hij de straat langs gaat
en nou moet je niet meer de woorden bepeinzen
die je hem zeggen zou
in stervensnood.

Slagveld, veld van eer,
vaderland, en de zaak van het recht.
Maar ook staat dit geschreven:
Je zult niet liegen, niet bedriegen.
De laatste kreet van je zoon was: "Moedertje,
belieg mij niet, belieg mij niet.
Mijn vaderland is dood, in de zoenegloed
van mijn moeder die ik derven moet." -

Je zoon, moedertje, viel niet voor een gerechte zaak,
maar zijn bloed werd hem afgeperst door allen,
omdat ons de menselike goedheid is ontvallen.
Maar ik, wij, wij allen zijn de moordenaars van je zoon
en elk woord als eer en held is smaad en hoon.
Elk soldaat die valt in de krijg, hij werd getroffen
door een sluipmoordenaar.
Dit zijn wij allen, allen die het geloof verloren.

Je zoon heeft me gezegd: dit is de goede weg,
en ik heb hem gewezen: ja, die weg is de ware.
Wij hebben gelogen.
"Democratie": wij hebben bedrogen.

Als je zoons zoen aan de bloednatte Aarde
nu niet de waarheid heeft vrijgekocht,
                    betaald met zijn warm vlees,
dan is er weer niets gebeurd.
Om je zoon, om je zoon die viel,
werp de glazen kralen van je dwaze woorden weg.
Als je zoon die viel,
als mijn broeder die nog in de kiel
staat van de loopgraven, als al de zoons en al de broers,
als de miljoenen verlossers,
-laatste teken van de visfiguur; -
die weerom brengen de bloedige offerande op dit uur,
volgens de oude wet, als de miljoenen kruisen,
die zij niet te dragen hadden, dan enkel houten armpjes
en rij aan rij, niet hebben vrijgekocht
de nieuwe erfzonde van machtbegeren
en van waan,
dan wordt dit sacrificie, volgens de oude wet gedaan,
weer nutteloos.

Alles is schoonheid. - Herinner je nog je zoon
toen hij tegenover je aan de ontbijttafel zat, -
wij moeten ons eigen geweten, ons begrijpen bevrijden
van de waanzonde.

De miljoenen zwarte fatum-kruisen
zijn zwijgend, maar hun zwarte, wijd-open wonde
heeft het woord gevonden: Alles is waan, alles is zonde;
levenden, vergaart de kleine krachten die u nog blijven
tot geloof in het levende leven.
Alles is zo grenzeloos schoon, luistert naar
                    dit ontluikend begrijpen
in ons geweten.


Paul van Ostaijen

Uit "Het Sienjaal" - 1918


In Flanders fields

De grond is hier het vetst.
Zelfs na al die jaren zonder mest
zou je hier een dodenprei kunnen kweken
die alle markten tart.

De Engelse veteranen worden schaars.
Elk jaar wijzen zij aan hun schaarse vrienden:
Hill Sixty, Hill Sixty One, Poelkapelle.

In Flanders Fields rijden de maaldorsers
steeds dichtere kringen rond de kronkelgangen
van verharde zandzakken, de darmen van de dood.

De boter van de streek
smaakt naar klaprozen.


Hugo Claus

Uit "Ik schrijf je neer",  De Bezige Bij - 2002.


Klaprozen

      
Meestal bloeien wilde klaprozen
naast korenbloemen
al schuwen ze ook distels niet

Toch gedijen zij best in grond
die is omgewoeld door kogels
loopgraven en granaten

Zij hebben de kleur van bloed
dat nutteloos vergoten werd
en de Vlaamse velden drenkte


© Lepus (31 maart 2005).
3e strofe herwerkt op 17-08-2011.



Johnnie

Johnnie had gelogen van zijn leeftijd
Hij was wel groot maar pas veertien jaar
Maar ze konden iedereen gebruiken daar
Dus leeftijd daar vroeg niemand meer naar

Zijn moeder huilde zachtjes bij het afscheid
Zijn vader was al vechten aan het front
Diens laatste brief dateerde van maanden geleden alweer
Dus Johnnie kon niet vragen wat hij er van vond

Het was niet nodig lang te trainen
Dat deden ze al maanden niet meer
Gewoon een pak, een helm en een geweer, meer niet
En Johnnie werd direct getransporteerd

Go Johnnie go, Go Johnnie be good

Het was heel anders dan ze hem vertelden
Al het lawaai en de verschrikkelijke stank
En dat ze altijd schreeuwden en altijd vloekten
En de verplichte sterke drank

Nee, er was niets prachtigs aan den oorlog
Zoals ze thuis zo fraai hadden beloofd
Elke bom maakte de aarde meer tot blubber
En niemand die daar in vrede gelooft

En nergens is een vriend of een makker
Iedereen is minstens even bang
Dus drinken ze hun flessen en zingen hun lied
Dan duurt de angst tenminste minder lang

Go Johnnie go, Go Johnnie be good

Al na een week is Johnnie murw geslagen
Weet hij al nergens meer iets van
Verdoofd door kou, door modder en door bommen
Wou hij alleen dat er een einde aan kwam

Dus toen het bevel kwam van ten aanval
Was Johnnie zo gehoorzaam als een hond
Hij is nog twintig meter ver gekomen
Toen een kogel zijn vermoeide lichaam vond

Ze konden hem niet redden waar hij lag
Dus stierf hij daar na uren helse pijn
Tegen de stank bedekten ze hem met aarde, in de nacht
Dat moest dan maar het graf voor Johnnie zijn

Go Johnnie go, Go Johnnie be good

Een hoge officier kwam bij zijn moeder
En hij heeft haar het verhaal verteld
Hoe hij voor 't vaderland is gestorven in Vlaanders veld,
Nee, haar zoon was werkelijk een held

En voor zijn durf en zijn getoonde moed
Kreeg zij voor hem een eremetaal
Dat hing ze naast dezelfde van zijn vader, aan de muur
En dat is dan het eind van het verhaal

Van Johnnie die dacht dat oorlog mooi was
Omdat ze hem dat steeds hadden verteld
Dat je door domme plicht, tucht en discipline
Werkelijk kan worden tot een held

Go Johnnie go, Go Johnnie be good



Bram Vermeulen   -  Johnnie (Pastorale)



Quelle connerie la guerre
De oorlog wat een kloterij


Jacques Prévert - Uit zijn chanson 'Barbara' (Paroles, 1946)

Naar boven

War-Poems
In English

John McCrae
'In Vlaamse Velden'

John McCrae
'In Flanders Fields'

Joyce Kilmer
'A prayer of a soldier
in France'

Wilfred Owen
'Dulce et Decorum est'

Jacques Prévert
'Barbara'

Dead Poets Society

Terug naar 'vertalingen'


Homepage


Pageviews since/sinds 21-03-2002: 

Gaston D'Haese: 18-05-2006.
Laatste wijziging: 20-09-2017.

E-mail: webmaster

© Overnamen van delen van teksten of zelfs korte teksten,
zoals gedichten, zijn toegelaten wanneer het voor studiedoeleinden
is en met uitdrukkelijke vermelding van de bron en de naam
van de auteur, tenzij de auteur (of rechthebbenden) zich daartegen
zou(den) verzetten.