Francesco Petrarca
Petrarca schreef zijn sonnetten 
voor Laura de Noves (1310, +6 april 1348),
voor wie hij een hoofse liefde koesterde.

DIE OGEN

BIJ DE DOOD VAN MADONNA LAURA

SONNET XII

SONNET CXXXIV

Die ogen

Die ogen gloedvol door mij beschreven,
die armen, handen, voeten en gezicht,
waardoor ik vaak innerlijk werd ontwricht
en met geen mensen kon samenleven;

Krulharen met filigraan geweven,
die zoete glimlach op mij gericht,
in een verloren paradijs gezwicht,
waar elk goed gevoel werd prijsgegeven.

Zo leef ik, vol woede en levenswee,
zonder haar uitstraling die ik aanbad,
toen mijn schip leksloeg op de levenszee.

Ga weg, liefdeslied, uit mijn gedachten,
nu de gave verdween die ik bezat;
Van nu af aan bral ik jammerklachten.

Naar boven

Linecol

Bij de dood van Madonna Laura

Owee mooi gelaat, owee zoete ogen,
Owee lichaamstaal, bekoorlijk en vol kracht !
Owee stem, die vervuld was van mededogen
En het beste in iedereen naar boven bracht !

Owee zoete glimlach die de pijl afschoot,
Die mij tot in het diepste heeft geraakt !
Verheven ziel, die heerste bij leven en dood,
Maar haar queeste voor altijd heeft gestaakt !

Van kleur hebt u haar mooi gelaat beroofd
En het licht in die prachtige blik gedoofd;
Die hechte liefde geestelijk verbonden,
Hebt u, Dood, meedogenloos ontbonden.

U kwam mij bestelen en bedreigen
En toen die hemelse stem moest zwijgen,
Huilde ik en had nergens interesse voor;
Ik baal van alles wat ik zie en hoor.


P.s.: De eerste twee kwatrijnen behoren tot sonnet
nr. 267 en de twee laatste kwatrijnen maken deel uit
van sonnet nr.283.


Naar boven

Linecol

Sonnet XII


Als mijn bestaan zolang bestand mag zijn
tegen mijn verdriet, mijn bitter lijden,
dat ik beleef hoe, door de kracht der tijden,
Vrouwe, geen glans meer in uw ogen schijnt,
hoe uw fijn gouden haar naar zilver gaat,
hoe ge geen guirlandes meer zult dragen
en ik niet waag over mijn leed te klagen
als ik de bleekheid zie van uw gelaat,
dan geeft het liefdesverdriet mij zon moed
dat ik de waarheid niet meer zal ontvluchten,
de jaren noem, de dagen en de uren;
al zal t te laat zijn voor verlangen zoet,
dan zal toch niet aan wat ik moet verduren 
de troost ontzegd zijn van uw late zuchten.

Naar boven

Linecol

Sonnet CXXXIV

  Ik vind geen vrede en ik kan niet strijden,
ik hoop en vrees, ik brand en ben van ijs,
ik zweef omhoog en ik lig verstijfd te lijden,
ik bemin de wereld, die ik misprijs.

  Ik ben verlost en kan me niet bevrijden,
ik heb een houvast en raak toch van de wijs,
ik voel me levend en gestorven beide:
ach, liefde is zowel hel als paradijs!

  Ik zie verblind, ik schreeuw en kan niet praten.
ik haat mezelf en hou van iedereen,
ik roep om hulp en wil het leven laten,

  ik huil van vreugde, ik lach terwijl ik ween,
leven en dood, wat kan het mij baten:
en dit, lieveling, komt door jou alleen.

In sonnet CXXXIV maakte Francesco Petrarca
meesterlijk gebruik van het 'oxymoron',
een stijlfiguur die twee tegenovergestelde
begrippen bevat.

© Vertalingen van Lepus


Louïse Labé  werd sterk benvloed door Petrarca
en maakte ook gebruik van het oxymoron
in haar sonnet VIII.


Naar boven

Petrarca
Home Page


Petrarca
Italiano, English, Nederlands


Petrarca
Poemi in Italiano


Dead Poets Society

Nederlandse dichters

Vlaamse dichters


Homepage


Pageviews since/sinds 21-03-2002: 

© Gaston D'Haese: 14-01-2002.
Laatste wijziging: 19-09-2017.

E-post: webmaster