| Morrelen
aan de familienaam van kinderen in Nederland
Naamswijziging / Ik
wil jouw naam, mama
Jaarlijks krijgen ruim 1100 kinderen een nieuwe
identiteit: ze schrappen de naam van hun vader. Na een scheiding
was dat tot voor kort vrij eenvoudig te regelen. Voortaan kunnen
alleen oudere kinderen er nog om vragen - maar dan mogen ze meteen
ook zelf beslissen. Kan een kind dat?
Hun vader was er zelden. Zowel voor als na de scheiding was hij
de grote afwezige in hun leven. Maar zijn achternaam dragen ze nog.
En dat willen Rick (14) en Justine (12) niet meer. Ze willen naar
hun nieuwe stiefvader heten, die ook de vader is van hun jongste
broertje.
,,Ik zou graag willen dat u mijn achternaam zou veranderen. Omdat
ik hetzelfde wil heten als mijn moeder'', schreef Rick in een brief
aan de koningin - want naamswijziging gebeurt bij koninklijk besluit,
al is het in de praktijk het ministerie van justitie dat beslist.
,,Ik wil ook hetzelfde heten als mijn broertje en mijn stiefvader
natuurlijk. Omdat het nogal lastig is als je bijvoorbeeld op vakantie
gaat. Je wordt ook altijd gevraagd zijn je ouders gescheiden ofzo.
En dat is niet altijd leuk.'' Justine schreef dat haar moeder en
stiefvader 'altijd voor mij klaarstaan'. Ze wil hún naam
dragen.
Omdat ze ouder zijn dan twaalf, mogen Rick en Justine van de overheid
zelf beslissen. Zij zijn een van de eerste kinderen die zich - via
hun moeder en stiefvader - hebben gemeld voor de nieuwe regeling
voor naamswijziging, die sinds ruim een maand van kracht is. Minister
Donner van justitie heeft de regels ingrijpend veranderd. Oudere
kinderen krijgen voortaan een doorslaggevende stem bij de beslissing.
Maar voor jongere kinderen wordt naamswijziging bijna onmogelijk.
Jaarlijks dienden zo'n 900 jonge kinderen een verzoek in; de meeste
aanvragen werden tot nu toe door het ministerie gehonoreerd. Rechters,
die soms ook verzoeken beoordeelden, waren al langer kritisch. Zeer
kritisch, zelfs.
Rick en Justine hebben, toen ze jonger waren, al eens geprobeerd
om de achternaam van hun stiefvader te krijgen. Vergeefs. ,,Ze waren
toen acht en tien jaar'', vertelt moeder Jacqueline de Regt. ,,Hun
nieuwe vader en ik dienden het verzoek in via de rechtbank, tegelijk
met ons verzoek om gezamenlijk het ouderlijk gezag te krijgen. Hun
nieuwe vader is in de praktijk al jaren hun échte vader.
De kinderen zien hun biologische vader eens per week, dat loopt
prima, maar bij de opvoeding is hij nooit veel betrokken geweest.
Het was echt de wens van de kinderen om hun achternaam te veranderen.
Justine zei: 'Het is wel zielig voor papa, maar we willen het tóch'.''
De vader verzet zich tegen de naamswijziging. Hij is bang dat hij
uit beeld raakt, zei hij tegen de rechter.
De familie De Regt noemt dezelfde reden als bijna alle ouders:
ze willen als gezin één naam dragen. Jacqueline de
Regt vindt het onredelijk dat jonge kinderen voortaan moeten wachten
tot ze twaalf zijn. Ook voor jonge kinderen kan die 'oude' achternaam
een last zijn, zegt zij.
,,De kinderen willen erbij horen. De naam is daar het symbool voor.
Dat vinden zíj belangrijk. Maar de rechter vond de 'eenheid
van gezin' niet doorslaggevend. We kregen wel het gezamenlijk ouderlijk
gezag, maar niet de nieuwe achternaam. Er zijn zoveel moderne gezinnen
met een ratjetoe van namen, daar moeten wij ook maar mee kunnen
leven'', zegt Jacqueline de Regt. ,,Maar als ónze kinderen
er nu last van hebben, telt dat niet?''
De zaak van Justine en Rick groeide uit tot een proefproces tot
aan de Hoge Raad. Het arrest in precies deze zaak is voor minister
Donner de concrete aanleiding geweest om de regels aan te scherpen
voor de jongste kinderen (zie kader).
Volgens het nieuwe inzicht hoort een achternaam bij de identiteit
van het kind. aaraan moet je alleen bij grote uitzondering aan willen
morrelen. Die denkwijze weerspiegelt een bredere maatschappelijk
ontwikkeling: het is voor kinderen belangrijk om hun afkomst te
kunnen kennen, belangrijker dan hun wellicht tijdelijke wens om
anders te heten.
,,Hoog tijd'', noemt - om diezelfde reden - prof.dr. Paul Vlaardingerbroek
de nieuwe regels. De hoogleraar jeugd- en familierecht aan de universiteit
van Tilburg vindt dat de regels zelfs nóg strenger moeten
worden. Ook voor kinderen boven de twaalf moet naamswijziging een
uitzondering worden, in plaats van een recht, vindt hij. ,,Zowel
de regels als de toetsing door het ministerie zijn jarenlang veel
te ruimhartig geweest. Het was hoog tijd voor een correctie. Rechters
hebben dat al eerder gezien.''
Hij schetst hoe vanaf de jaren tachtig steeds meer moeders na een
scheiding een andere achternaam voor hun kind aanvroegen, hun eigen
meisjesnaam. ,,Vaak uit eigenbelang: ze wilden die laatste band
met hun ex doorsnijden. Het was ook vaak een strijdmiddel in een
echtscheidingsprocedure. Meer recent zie je dat het speelt in stiefgezinnen.
Daar komen veel nieuwe verzoeken vandaan. De moeder en kinderen
zijn de nieuwe partner dankbaar voor zijn inzet en willen hem belonen.
Het kind krijgt de naam van de nieuwe vader. Maar dat vind ik geen
goede reden. Ik heb al vaak gewaarschuwd voor 'toverbalkinderen':
kinderen die bij elke nieuwe relatie van hun moeder een nieuwe identiteit
moeten krijgen. En wat als de relatie met stiefvader
stukloopt? Nóg een keer je achternaam wijzigen kan niet.''
Het ministerie was altijd ruimhartig in het toekennen van verzoeken.
,,Het hele idee was tot voor kort dat je die moeders en kinderen
niet tegen hun wil met die naam van de vader mocht opzadelen.''
De eenheid in het nieuwe (éénouder)gezin was het belangrijkst.
Zes jaar geleden werd het beleid al iets terughoudender. ,,Toen
werd de regel ingesteld dat je voor jonge kinderen pas vijf jaar
na de scheiding een andere achternaam kon vragen. Maar verder bleef
het: als de moeder erom vroeg, kreeg ze het, ook als de vader zich
verzette. De Raad voor de Kinderbescherming moest tot de afgelopen
maand toetsen; dat gebeurde niet erg kritisch. Ze adviseerden zelden
negatief, ook omdat de criteria zo ruim waren. ''
Paul Vlaardingerbroek is blij dat rechters al een paar jaar strenger
oordelen. Bij toeval kwamen ook zij te beslissen over achternamen.
,,Sinds 1998 kun je ook via de rechter een nieuwe achternaam vragen,
tegelijk met een aanvraag voor gedeeld ouderlijk gezag. Rechters
hebben heel goed gezien dat je terughoudend moet zijn. Juist in
het belang van het kind. Het is veel belangrijker om je afkomst
te kunnen kennen dan om bij de deurbel één familienaam
op het bordje te hebben. Ook al voelt het kind het misschien zelf
op dat moment anders. Die achternaam hoort bij de identiteit van
het
kind. Het kind heeft twee ouders gehad, dat moet je niet willen
wegpoetsen.''
Ruud Schonewelle voerde als gescheiden vader een dure juridische
strijd over de achternaam van zijn zoon Kasper (12). Hij spande
een civiele bodemprocedure aan tegen zijn ex-vrouw, die hij won.
Zij had hun zoon Kasper na de scheiding vast haar eigen achternaam
gegeven. De jongen was toen vijf jaar. Zo kon hij wennen; later
zou ze ook officieel de nieuwe naam aanvragen.
,,Ze gaf de nieuwe naam door aan de school en schreef hem daarmee
in bij diverse sportverenigingen. Iedereen vond dat ik me er niet
zo druk om moest maken dat hij niet langer naar mij heette. Ze verklaarden
me voor gek dat ik naar de rechter stapte. Maar ik vond dat ik mijn
zoon moest verdedigen. Ik wil niet dat hij mij later kan verwijten
dat ik geen moeite heb gedaan om die naam voor hem te behouden.''
Met een videocamera filmde de boze vader de sportwedstrijd waarbij
de naam van zijn kind werd omgeroepen, als bewijsmateriaal.
Kaspers geschiedenis illustreert hoe gevoelig de naamskwestie kan
liggen in 'samengestelde' gezinnen. De moeder had al een dochter
uit een eerdere relatie, die ook haar achternaam draagt. Het jongetje
schreef de rechter: ,,Ik wil graag ook zo heten. Ik hoor toch bij
hun.'' Zijn vader: ,,Ik heb Kasper gevraagd: 'hoor jij dan niet
meer bij míj?' Maar daar heeft een kind natuurlijk geen antwoord
op. Zijn moeder had gezegd dat hij heet naar degene bij wie hij
woont. Nu naar mama, dus. Het is vooral háár wens,
denk ik. Hij mocht vroeger ook al geen 'papa' tegen me zeggen. Hij
moest 'Ruud' zeggen, want dat zei haar oudste dochter ook. Het is
altijd een teer punt geweest.''
De rechtbank in Maastricht maakte de moeder harde verwijten. ,,Als
er al gesproken kan worden van verwarring en frustratie bij het
kind, dan is dit onder de omstandigheden te wijten aan de vrouw
zelf'', schrijft de rechter in het vonnis. De moeder heeft voorlopig
haar plannen gestaakt om ook officieel een andere achternaam voor
het kind aan te vragen. Volgens vader Ruud Schonewelle verloopt
sindsdien ook de omgangsregeling soepeler.
Ook deze rechter oordeelde, in een al even baanbrekend vonnis,
veel kritischer over naamswijziging dan gebruikelijk was in de praktijk.
De rechter strafte de moeder voor haar initiatief, het ministerie
was de afgelopen jaren juist gewend dat te belonen. Vrouwen die
vast hun kind lieten wennen aan een andere achternaam, hadden een
veel grotere kans dat een officieel verzoek werd ingewilligd. Juist
omdat het kind er al aan gewend was. Kaspers moeder deed niets uitzonderlijks.
Honderden moeders geven jaarlijks vast hun kind op school op met
een andere achternaam.
Kasper werd vanwege de naamskwestie vermalen tussen zijn strijdende
ouders. Tussen een vader en moeder die beiden hun kind hún
achternaam willen geven, beiden omdat ze dat in het belang van het
kind zelf vinden. En slechts één kan er gelijk hebben.
Wie? Het kind moet het beslissen, voortaan. Kun je zo'n beslissing
overlaten aan kinderen?
Ja, vindt minister Donner. Kinderen van twaalf jaar zijn er oud
genoeg voor. Althans, dat valt op te maken uit de summiere toelichting
bij de nieuwe regeling: ,,Omdat het hier kinderen van twaalf jaar
en ouder betreft, is het verantwoord om de naamswijziging met hun
instemming toe te staan'', schrijft Donner.
Nee, vindt professor Paul Vlaardingerbroek. ,,Dit zijn keuzes die
je niet aan kinderen moet voorleggen, ook niet als ze twaalf zijn.
Kinderen laten zich op die leeftijd leiden door de mening van hun
ouders. De ouders hebben hun eigen motieven om van die achternaam
af te willen. Al is er per 1 april feitelijk niet zoveel veranderd:
bijna alle verzoeken van kinderen boven de twaalf werden toch al
goedgekeurd, ook als een vader er niet mee akkoord ging.''
Dat heeft alles te maken met het feit dat kinderen de afgelopen
jaren meer rechten hebben gekregen. Bij echtscheiding hebben kinderen
van twaalf jaar en ouder bijvoorbeeld het recht om te vragen om
wijziging van het ouderlijk gezag: vader moet in plaats van moeder
voor hen gaan zorgen, of andersom. Ook dat zijn ingrijpende besluiten.
De minister van justitie wil consequent zijn, en voegt het nieuwe
recht toe aan de bestaande kinderrechten.
Professor Vlaardingerbroek vindt dat Donner een vergissing begaat.
,,Ouderlijk gezag kun je wijzigen en opnieuw wijzigen. Naamswijziging
is eenmalig. De leeftijdsgrens moet omhoog. Misschien moeten er
aparte criteria komen voor kinderen die de naam wensen van een stiefouder,
een niet-biologisch verwant persoon. En wat mij betreft wordt het
algemene criterium dat de achternaam alleen gewijzigd kan worden
als het kind er
ernstig onder gebukt gaat. Niet meer zoals nu: omdat het gezelliger
is.''
De hoogleraar is bang dat kinderen later spijt krijgen. Of dat
ook regelmatig gebeurt, is echter moeilijk te beoordelen. Er is
geen onderzoek naar gedaan. Signalen zijn er eigenlijk niet. ,,Het
onttrekt zich aan je waarneming.''
Lonnie Puntman heeft zich die vraag ook gesteld: wat als mijn dochter
spijt krijgt? Mag ik dit wel voor haar beslissen? Haar dochter Anna
(11) heet sinds een paar maanden óók Puntman. De aanvraag
liep via het departement, met een 'brief aan de koningin'. De toestemming
kwam afgelopen november. Met de kerstpost stuurden ze alle familie
en vrienden een kopie van het besluit van Hare Majesteit mee, en
voor het eerst tekenden ze een kerstkaart met 'Anna en Lonnie Puntman'.
,,Toen ik er eenmaal achter was bij welke instantie ik moest zijn,
was het eigenlijk heel eenvoudig om een andere achternaam te vragen'',
zegt de moeder.
Ze stelde de naamswijziging zelf voor aan haar dochter, twee jaar
geleden. ,,Ik zei: wat dacht je ervan als je mijn naam krijgt? Het
klopte gewoon steeds minder. Haar vader is bij ons weggegaan toen
Anna een baby van negen maanden was. Hij is min of meer spoorloos.
Ik heb haar altijd verzorgd. We zijn al jaren met z'n tweeën.
Hij heeft ook niet gereageerd op ons verzoek om naamswijziging.
Dat vond Anna rot. Anna was heel blij toen ik het voorstelde. 'Hé
Puntman', zei ik thuis al wel eens voor de grap. We zíjn
twee Puntmannen, zo voelen we ons.''
Lonnie Puntman wil nuchter zijn: er is een kans dat haar dochter
haar later verwijt dat ze een bloemrijke, Braziliaanse achternaam
is kwijtgeraakt. Anna's vader is een Braziliaan. ,,Niet dat ik lichtvaardig
heb besloten. Dit is Anna's belang. Zij zegt zelf: dit is goed zo.
Maar je maakt in je leven vaker keuzes voor je kind; niet altijd
kun je de gevolgen overzien. Dat zal ik haar dan wel uitleggen.
Dat kán ik haar uitleggen, ook.''
Op hun verzoek zijn de namen van de leden van de familie De Regt
veranderd.
Twee manieren
Een nieuwe achternaam aanvragen kan op twee manieren. Via het ministerie
van
justitie of de rechter. Het ministerie ontving vorig jaar meer dan
903 rechtstreekse verzoeken van kinderen jonger dan twaalf jaar
en 505 verzoeken van kinderen ouder dan twaalf. Het is niet bekend
hoeveel verzoeken rechters beoordeelden.
Per 1 april krijgen jonge kinderen zelden meer toestemming van
het departement, waar eerder driekwart van de verzoeken werd toegewezen.
Naamswijziging kan alleen nog als beide ouders instemmen. Is de
vader er tegen, dan kan het alleen als hij er voor de scheiding
zelden was, als hij uit de ouderlijke macht is ontzet of als hij
is veroordeeld voor seksueel misbruik. De toetsing door de Kinderbescherming
verdwijnt. Het ministerie verwacht het komende jaar extra aanvragen
van oudere kinderen. Als de vader tegen is, en het kind blijft toch
bij het verzoek, dan krijgt het de gevraagde, nieuwe achternaam.
Rechters wezen de afgelopen jaren al veel verzoeken af, vooral
van jongere kinderen. Zij laten zwaar wegen of het kind nog een
band met de vader heeft.
Wilma Kieskamp
In Trouw van 10 mei 2004
Commentaar bij dit artikel :
Persoonlijk vind
ik de nieuwe regeling daaromtrent in Nederland vanaf 1 april 2004
karakteristiek voor de permissiviteit inzake gezinsaangelegenheden
in ons buurland. Het is voor mij een verdere ondermijning van het
(authentieke biologische) vaderschap in deze tijd. Met dergelijke
dingen spring je niet zo maar lichtvaardig om.
Ook in het Belgische parlement en bepaald in de Kamercommissie van
de Justitie zijn wetsvoorstellen omtrent de naamswijziging van kinderen
aan de orde. Laten wij daarvoor hopen dat de parlementaire inertie
speelt en dat ze de legalisering in deze legislatuur niet bereiken.
Daarmee heb ik mijn visie daarop wel duidelijk kenbaar gemaakt.
Ghislain Duchâteau
|