Historiek
Zwarte_rand_boven

De Geschiedenis van bloemisterij tot Gasthof

Ligging:

Foto_001
't Haeseveld is gelegen aan de Alfons Braeckmanlaan 430 te 9040 Sint-Amandsberg (Gent), in de nabijheid van het vroegere station van Destelbergen (spoorlijn Gent-Antwerpen) voor wat de gebouwen betreft. Een deel van het terras, de weilanden en een bosje liggen op het grondgebied van Destelbergen langs de Volderrede en Stationstraat. Het terrein is 5 ha. groot.

Het gebouw, met een villa in Engelse cottagestijl met aanpalend een oud-industriële remise (inpakhal) en watertoren. Het oostelijk gedeelte van dit gebouw is momenteel het gelijknamige "Gasthof 't Haeseveld". Sinds 10 jaar bevindt zich op het zuidoostelijke gedeelte van het terrein eveneens de enige reconstructie van een Keltische hoeve in Vlaanderen uit de Laat-Ijzertijd (periode van 450-52 v. Chr.). Dit laatste gedeelte van het terrein (2000m²) wordt door de eigenaars van het Haeseveld, de familie De Gusseme-Martens, verhuurd voor 1 symbolische euro per jaar aan de VZW Gallisch Dorp.

Historische context van de Industriële tuinbouw in het Gentse.

Foto_002Reeds in de 18e hadden verschillende rijkere families in het Gentse, tuinbouw als een liefhebberij. Toen reeds bezaten ze een goede tuinbouwreputatie. Gent werd zowat de eerste stad op het Europese continent waar de industriële revolutie een feit werd. De daarmee gaande expansie van de industrie met haar vervuilende fabrieken zorgde ervoor dat verschillende tuinbouwers de stad verlieten naar de omliggende gemeenten met toen nog landelijke omgeving m.n. Ledeberg, Gentbrugge, …enz.

De kennis werd toen van vader op zoon of dochter doorgegeven, maar dit gaf alles behalve een garantie op het vlak van continuïteit laat staan een permanente basisopleiding op het gebied van handelstechnieken, talen en (wetenschappelijke onderbouwde) kennis van plantenkweek. De man die hierin de grote ommekeer bracht was de Ieperling Louis Van Houtte. Naast zijn eigen eerste industriëel tuinbouwbedrijf in het Gentse te Gentbrugge (Langs Oudebrusselseweg en Van Houttestraat), richtte hij een drukkerij op die zowel tijdschriften, compendia, en catalogussen over planten en plantkunde.

Foto_003Hierbij bouwde hij als tuinbouwer een internationale reputatie op, maar het allerbelangrijkste was dat hij de eerste was die een middelbare tuinbouwschool stichtte (1849) waardoor de bovenvermelde problemen werden aangepakt. Dank zij hem verkreeg Gent en haar omgeving een blijvende basis op het vlak van tuinbouw en de wetenschappelijke kennis. Uit zijn school zou befaamde tuinbouwers en latere plantkundigen voortkomen. Later kreeg hij hiervoor de steun van de overheid. Met zijn scherpe geest maakte Louis Van Houtte ook handig gebruik van de spoorwegen om zijn planten snel en toch over grotere afstanden vers aan de man te brengen. Het moderne tuinbouwbedrijf was een feit.

Omstreeks 1860 werd het octrooirecht afgeschaft waardoor niet langer belastingen hoefde betaald te worden op invoer van goederen in een stad (gemeente). Het gevolg was dat het industriële Gent, dat toen al uit zijn voegen barstte, een groot aantal nieuwe kansen kreeg om bedrijven nu ook winstgevend zonder fiscale beperkingen buiten de stad op te richten. Vanaf dat moment werd de industrialisering en verstedelijking buiten Gent een feit.

Foto_004In het oorspronkelijk landelijke Ledeberg, Gentbrugge, en Sint-Amandsberg,… (oorspronkelijk een deel van Oostakker) kenden oprichting van fabrieken en de daarmee gepaard gaande bevolkingsgroei een enorme expansie. Natuurlijk met de nodige milieuvervuiling tot gevolg, en aanzienlijk verminderde gezonde omstandigheden om een tuinbouwbedrijf te runnen. Sommige tuinbouwers hielden het voor bekeken, anderen weken uit naar het nog ongerepte landelijke Melle, Destelbergen, Lochristi, …enz. Veelal aan het begin van de 20e eeuw.

Meteen ken je de achtergrond en de basis van de tuinbouwer August Toeffaert, die een industrieel tuinbouwbedrijf oprichtte op vlakbij het toenmalige industrievrije driegemeentenpunt Sint-Amandsberg, Oostakker en Destelbergen net naast de spoorlijn Gent-Antwerpen.

1.Oprichting

Het bedrijf, en gebouw dat gelegen is (was) op voormeld adres (voor 1920 nog Land van Waaslaan genoemd), was oorspronkelijk één de grootste, en destijds modernste bloemisterijen uit de Gentse omgeving.

Foto_005Het was gericht op het kweken van allerlei planten o.a. : Kentias, Anthuriums, Azalea's, Araucarias, Rhododendrons, …enz. met als hoofddoel de uitvoer naar de meeste Europese landen, en ook de Verenigde Staten en Canada.

Het werd gebouwd in 1910, en ligt nog altijd op twee gemeenten: Sint-Amandsberg (Gent, sinds de fusie van 1976), waar zich de villa en de grote remise of inpakhal, de watertoren en stookplaats bevonden. Langs Destelbergen (zuidelijk, grootste gedeelte terrein). Hier lagen de serres, die 1 ha onder glas in beslag namen. Er waren ook een viertal kleine kweekserres nabij de waterput.

Dwars door de eigendom vloeit de LEDEBEEK, die zijn bron heeft nabij Lokeren. De beek mondt uit in de Schelde ter hoogte van de Panhuisstraat te Destelbergen. Op de eigendom het Haeseveld is deze beek de grens tussen de beide gemeenten. De beek is nu overwelfd. Er is ook een toegang tot de eigendom langs de kant van de Stationstraat te Destelbergen.

2.Tijdperk TOEFFAERT.

August TOEFFAERT was eerst bloemist te Gentbrugge (Bree-Limburg) 1870° - Gentbrugge 1931+). Hij woonde op de Oude Brusselweg 200, nabij de huidige Maurice Sabbestraat.

Foto_006August Toeffaert had 3 zusters, allen geboren in Bree:

Marie Toeffaert (1871° - 1930+)
Coralie Toeffaert (1874° - overleden te Brussel)
Alice Toeffaert (1876° - overleden te Brussel)

Zijn vader was Désiré Toeffaert (Gent 1845° - Gentbrugge 1923+), van beroep Conducteur van Bruggen en Wegen in Bree. Hij was een tijd Schepen van Gentbrugge. Naar hem is in Gentbrugge ook een straat genoemd, in de nabijheid van de toenmalige bloemisterij.

De grootvader van August, Joannus Bernardus Toeffaert (Gent 1815°), was loodgieter van beroep met adres: Slijpstraete, Gent.

Uit Bree kwam de familie Toeffaert zich vestigen in de Oude Brusselseweg 10 te Gentbrugge, en verhuisde in 1921 naar nr. 200 waar de bloemisterij gelegen was.

Foto_009In 1910 bouwde August Toeffaert een model-bloemisterij te Sint-Amandsberg (Destelbergen station), met 1 ha. onder glas. De kweekkassen bleven echter tijdelijk nog te Gentbrugge. In 1929 werd de N.V. BLOEMISTERIJ TOEFFAERT, met zetel te Destelbergen gesticht. Het doel van de zaak : kweken en uitvoeren van planten en bloembollen naar het buitenland. De beheerraad bestond o.a uit August Toeffaert en zijn zuster Coralie en Alice.

In 1931 werd, na het overlijden van August Toeffaert, de beheerraad gewijzigd. Louis VANHULLE, expert boekhouder en Henri NEINHAUS, bloemist (die de villa bewoonde sedert 1925) vervoegden de beheerraad. In 1934 werd de N.V. Bloemisterij Toeffaert ontbonden. Het bedrijf werd verhuurd aan de N.V. Bloemisterij FLORA.

3.Tijdperk FLORA.

In 1934 werd de BLOEMISTERIJ FLORA N.V. gesticht, met zetel te Destelbergen, die het roerend goed en de handelszaak van Toeffaert N.V. overnam. Foto_010De beheerraad bestond o.a. uit:

Léon DE BRUYKER (1895° - 1983+)
Louis VANHULLE (1980+)
Nis KOCK (1894° - 1974+), door toetreding in 1935.

Vanaf 1934 werd de villa bewoond door Mr. DE BRUYKER en familie.

Léon DE BRUYKER was ook afkomstig van Gentbrugge, en woonde toen ook langs de Oude Brusselseweg 203, schuin over Toeffaert. Hij was Licentiaat Economische Wetenschappen, en serrebouwer. Eveneens had hij een zaak voor expertises en openbare verkopingen van bloemisterijen. Louis VANHULLE was expert-boekhouder te Gent

Nis KOCK was afkomstig uit Denemarken. Hij had zaad- en plantenteelt gestudeerd. Hij kwam naar Gent in 1914, en was bediende bij de grote bloemisterij J.P. Hartmann (Consul van Denemarken te Gent), in de Azaleastraat te Sint-Amandsberg. Hij bezat de Deense nationaliteit en werd later directeur van het Consulaat van Denemarken te Gent. Nis KOCK werd in 1919 benoemd tot directeur van de bloemisterij Hartmann, waar hij bleef tot in 1935.

Foto_011Het doel van de nieuw opgerichte N.V. FLORA bleef de uitvoer van planten en bloembollen naar Europa, de Verenigde Staten en Canada. Alles werd in die tijd ingepakt in de grote inpakhal achter de villa.

Om verschillende collies rechtstreeks in de spoorwagons te kunnen laden en stapelen, was een zijspoor van de N.M.B.S. langs de noordzijde van de inpakhal voorzien. Belangrijke klanten gaven soms bestellingen op , die grote wagons volledig konden vullen.

Gemiddeld werkten 20 personen in de bloemisterij, en tijdens de verzendtijd (na- en voorjaar) ongeveer 35.

Begin oorlogsjaren 1940/44 waren er Belgische soldaten ingekwartierd. Later na de Duitse inval kwamen Duitse soldaten, en op het einde van de oorlog Duitsers op doortocht. Bij de bevrijding (september 1944) kwamen Polen en Canadezen, wiens aalmoezenier van het Leger des Heils in de inpakhal filmvertoningen gaf.

Foto_012Van 01/01/1942 tot 31/05/1945 kwam een fusie GROOT-GENT tot stand. De Alfons Braeckmanlaan werd tijdelijk omgedoopt tot Ruiterslaan. Tijdens de winter van 1944/45 bevroren alle planten door gebrek aan kolen.

Voor het volgende seizoen 1945/46, en om tegemoet te komen aan de vraag van de klanten, ging N.V. Flora over tot de aankoop van planten bij andere bloemisten. Het verpakken en de uitvoer bleef in de grote inpakhal.

Later werd de economische toestand onzeker. Door de verliezen van 1944 en 1945 en het uitvoerverbod (door protectionisme) naar meerdere landen, werd in 1947 beslist het bedrijf stop te zetten.

De serres werden in 1948/50 tijdelijk verhuurd aan de Firma DE SCHRIJVER-DE BOCK van Oostakker, en in 1950/51 afgebroken en verkocht aan dezelfde firma. De firma FLORA N.V. werd in 1957 ontbonden, en de volledige vereffening gebeurde in 1980.

4.Tijdperk KOCK & DE BRUYKER

Foto_014De pakhal kwam terug in dienst, toen van 1947 tot 1953 Nis KOCK terug aan planten- en bloembollenexport deed, samen met zoon Marc. Van 1953 tot 1981 heeft Mr. Nis Kock met familie de villa bewoond.

In de kelderverdieping woonde reeds van 1948 tot 1980, Roger VAN PETEGHEM en zijn vrouw. Hij was werkzaam in de fabriek N.V. RASPOORT ernaast.

Deze fabriek werd in 1942 op een perceel grond van het eigendom (links van de hoofdingang) door de H.H. DE BRUYKER en VANHULLE gebouwd. Na de oorlog werd deze verkocht en kwam PLASTIMATEL.

Nu is het eigendom van het aannemersbedrijf MENGE & Zonen. De hoofdingang van het bedrijf werd toen verplaatst.

Tussen 1953 en 1960 kwam een samenwerking tot stand tussen de Kock & De Bruyker, steeds met hetzelfde doel: verzenden van planten.

Daarna heeft Nis Kock nog enkele jaren de zaak alleen bedreven, tot hij op rust ging in 1965. Hij overleed in 1974. Rond de jaren 1970 werd de pakhal bouwvallig.

5.Hedendaags: GASTHOF 't Haeseveld.

Naar het einde toe van haar leven heeft Coralie Toeffaert, die nog altijd eigenares was, het eigendom verkocht aan Louis Vanhulle, wiens erfgenamen, na zijn dood (1980+), het in handen kregen.

Foto_015In 1981 nam de familie DE GUSSEME-MARTENS het eigendom over. Op 1 oktober 1982 vierde men feestelijk de opening van het huidige "GASTHOF 't HAESEVELD".

In de villa bevindt zich een grote gezellige bar, hoofdsalon met een aangename klassieke aankleding. Een grote reproductie van het schilderij "Moulin de la Galette" van de beroemde Franse impressionist Pierre-Auguste Renoir draagt bij tot de bijzondere sfeer in het hoofdsalon waar de bar zich bevindt. Er zijn 3 aparte aangrenzende salons waar je in klein gezelschap kan genieten van een drankje, maar die eveneens geschikt zijn als vergaderzaal (voor 10 à 15 pers.). De gezellige bibliotheekzaal is uiterst geschikt als vergaderzaal en ontmoetingsruimte. En een grote feestzaal (gelijksvloer, deel remise) die tot 80 personen kan ontvangen, en de mogelijkheid biedt aan verschillende verenigingen voor hun activiteiten (voordrachten, cursussen,…enz.).

Foto_016Door de huiselijke gezelligheid en de aangeboden infrastructuur zijn diverse verenigingen in Gasthof 't Haeseveld kind aan huis: van de Goochelclub "De Magische Cirkel Gent", Astrologiegroep, tot de geschiedenisliefhebbers & de archeologen van VZW Gallisch Dorp. Culturele activiteiten en evenementen zijn niet vreemd op 't Haeseveld.

Waar ooit de serres stonden loopt nu op verschillende weiden een vrolijke beestenboel : paarden, ezels, schotse runderen, geiten, pauwen, …en wilde konijnen. Bij mooi weer kunnen de cliënten, langs de zuidzijde van de oude inpakhal, op het ruime terras genieten van de rustgevende landelijke omgeving. Door de grote toegankelijkheid: enerzijds A. Braeckmanlaan (St-Amandsberg) met ruime parking en anderzijds de Volderrede/Stationstraat (Destelbergen) komen ook de fietsers en wandelaars gemakkelijk tot rust. Verder kunnen op het kleine speelpleintje de kinderen ravotten onder het waakzaam oog van hun ouders. Ook een petanquebaan ontbreekt niet op het appel.

Foto_019De oude watertoren ligt anno 2006 nog wat bouwvallig, en het grootste gedeelte van de inpakhal (die 250 personen zou kunnen ontvangen) is nog niet in gebruik en doet momenteel dienst als opslagplaats voor materiaal. De familie De Gusseme hoopt ook dit ooit te kunnen restaureren en in gebruik te nemen. Dank zij een politiek van het combineren van behoud en vernieuwing, is een belangrijke getuige van het Industriëel Archeologisch verleden van de tuinbouw in het Gentse bewaard gebleven.

In oktober 2007 is het in elk geval de moment om met Illiana De Gusseme-Martens, samen met haar dochter Bernadette, en haar zonen Bart, Filip en Hans De Gusseme en de rest van de familie De Gusseme het Zilveren Jubileum te vieren van Gasthof 't Haeseveld.

6. Gasthof 't Haeseveld & VZW Gallisch Dorp en de GALLISCHE HOEVE.

Foto_025Op 20 april 1992 schreef Illiana De Gusseme-Martens (Mater Familias) en familie De Gusseme, letterlijk en figuurlijk geschiedenis op het vlak van de experimentele archeologie in Vlaanderen. Illiana, eveneens ondervoorzitster van VZW Gallisch dorp stelde toen het zuidoostelijke gedeelte van het domein, zowat 2000 m², ter beschikking van deze VZW voor een duurtijd van 20 jaar. Dit voor de toen symbolische prijs van 1 BEF, momenteel € 1,00.

VZW Gallisch Dorp ontsproot uit de geest van Raymond Van Horebeek (Ekeren°, Maatschappelijk Assistent). Het doel was een zo exact mogelijke kopie, op basis van archeologische en historische ontdekking, te maken van een prehistorisch dorp uit het laatste gedeelte van onze prehistorie. De door het publiek niet zo gekende maar toch boeiende periode van de Ijzertijd. De VZW werd opgericht in oktober 1988. Archeologen, historici, en andere enthousiaste geïnteresseerden waren bij de oprichting aanwezig. De vereniging bestaat uitsluitend uit vrijwilligers. Dit kan je uitgebreid terugvinden in de geschiedenis van de VZW.

Foto_028Als vorm van experimentele archeologie, een deelwetenschap van de archeologie om aan de hand van archeologische ontdekkingen en historische inzichten het dagdagelijkse leven e.a. in de praktijk te brengen. Met behulp van nagemaakte artefacten (gebruiksvoorwerpen), reconstructies gebouwen, …enz, krijgen we méér en méér inzicht in het technisch kunnen van elke dag van, in dit geval, onze Keltische voorouders via eigen wetenschappelijke ondervinding. Anderzijds is het de bedoeling van de VZW om de hedendaagse geïnteresseerde bezoeker en het onderwijs een verantwoorde educatieve teletijdmachine aan te bieden van 2000 jaar terug in het verleden. Geschiedenis en Archeologie zijn niet langer een saaie bedoening.

Het Dorp zou een educatief uithangbord worden. Prof Dr. Jean Bourgeois, van de Vakgroep Archeologie Oudheid Europa van de Universiteit Gent en één van de wetenschappelijke coachen, merkte echter op dat in onze gewesten in die tijd géén dorpen werden aangetroffen maar wel losstaande hoeven (die wat verwijdert van elkaar soms een nederzetting vormden).

Foto_030Één gereconstrueerde hoeve uit de Laat-Ijzertijd (450 – 52 v. Chr.) zou de kern vormen, van de educatieve werking van de VZW. Basis werd de ontdekking en opgraving van dergelijke hoeve door Prof Bourgeois en zijn team te Kemzeke (Stekene, Oost-Vlaanderen). Hierbij zorgde hij voor een archeologische verantwoorde reconstructietekening die de basis vormt van de huidige hoeve; verder uitgewerkt door voormalig bestuurslid en architect Patrick Gryson. De moeilijkheid was de nodige sponsors en fondsen te vinden om het project te financieren. Gelukkig kwam de Provincie Oost-Vlaanderen mee over de brug met behulp van het Provinciaal Archeologisch Museum Zuidoostvlaanderen (PAMZOV) te Velzeke.
Foto_031
Het moeilijkste bleef een geschikt terrein te vinden in de omgeving. Illiana, cultuur- en natuurliefhebster en ondervoorzitster van de VZW, zorgde met het ter beschikking stellen van een deel van het domein Haeseveld voor de definitieve oplossing. Een droom die een tiental jaar sluimerde werd op deze wijze werkelijkheid. Mee dank zij de sponsors, de vrijwilligers en de deskundigen is de enige reconstructie van een prehistorische hoeve in Vlaanderen nu een feit. Eind maart 1995 eerste paal, april 1996 aanvang grondconstructie hoeve en een jaar later vond in april 1997 de inwijding van de Gallische hoeve plaats.

Zwarte_rand_onder
Zwarte_rand_boven

Copyright © 2006-2011 - Gasthof 't Haeseveld - alle rechten gereserveerd

Zwarte_rand_onder
Buttonbar_01
Buttonbar_03