De St.- Gertrudiskerk

English version

De pastorie

 

 

 

Het kasteel 'Prinsenhof'

 

 

 

De abdij van Herkenrode
Een kennismaking met het rijke verleden van Kuringen

 

 

 

Klooster en Bezinningshuis

 

 

 

 

 

 

 

 

De Sint-Gertrudiskerk staat binnen een ommuurd kerkhof. Nu grasplein, dicht bij het Prinsenhof en geniet bij K. B. van 29-06-1949 het statuut van beschermd monument.

De driebeukige kerk is het resultaat van verscheidene bouwfases. Eerst stond hier een Romaans kerkje uit de periode van 1182-1232, de tijd dat de graven van Loon hun residentie van Borgloon naar Kuringen overbrachten.

Onder prins-bisschop Jan van Heinsberg (1419-1455),  werd omstreeks 1419 het Romaans kerkje gesloopt en vervangen door een kerk in Demergotiek. Hiervan resten nog het koor, de kruisbeuk en de torenbasis. Zijn voorliefde voor Hasselt en Kuringen blijkt evenzeer uit het feit dat de prins-bisschop op beide plaatsen munt liet slaan. Jan van Heinsberg is de geschiedenis ingegaan als een vredelievende vorst, die steeds zo mogelijk aanstuurde op overleg en bemiddeling. Na zijn troonsafstand in 1455 bracht hij zijn laatste levensjaren door op het kasteel van Kuringen. Op 19 oktober 1459 overleed hij in Diest ten gevolge van een longontsteking.

Omstreeks 1515 liet prins-bisschop Erard van der Marck (1506 1539) een bisschoppelijke kapel bijbouwen, met particuliere toegang vanuit het kasteel. Deze kapel werd nadien sacristie en is nu de doopkapel. De privé-ingang werd in 1965 dichtgemetseld. In deze kapel bevindt zich het epitaaf van Joris van Oostenrijk, prins-bisschop van Luik (1544-1557).

Onder het abbatiaat van Augustina van Hamme (1777-1790) kreeg de Sint-Gertrudiskerk haar huidige vorm. Naar het ontwerp van de Luikse architect B. Digneffe werd de kerk in l772-1774 classicistisch verbouwd en vergroot. Op de rechterzijbeuk prijkt het wapenschild en -spreuk "Regique Deoque" = "Voor Koning en God' van Augustina van Hamme, abdis van Herkenrode (l772-1790), met als jaartal 1783. Het kruis tegen de rechter zijbeuk dateert uit de 16de eeuw.

De toren in Diestse ijzerzandsteen dateert uit de 14de 15de eeuw. Hij werd in 1901 in neogotische stijl heropgebouwd. Terzelfdertijd werd de zijingang dichtgemetseld.

In 1929, onder pastoor Schroyen en naar de plannen van architect J. Deré uit Hasselt, werd de kerk gerestaureerd en voorzien van een spitsvormig portaal. 

Op de puntgevel van de rechter kruisbeuk met spitsboograam, een overblijfsel van de oorspronkelijke gotische kerk uit de 15de eeuw, staat een wapenschild. Dit is jammer genoeg zodanig verweerd dat het niet meer leesbaar is.

Tegen een der steunberen van het koor staat een verweerd bas-reliëf met de afbeelding van prins-bisschop Joris van Oostenrijk, die zijn hart schonk aan de Heilige Gertrudis.

Links van de kerk werd in 1965, onder pastoor Verschelde, naar ontwerp van architect A. Daniëls en onder toezicht van Commissie van Monumenten, een sacristiewinterkapel bijgebouwd die via een gang is verbonden met de kerk.

Het kerkmeubilair (altaren, sommige beelden, biechtstoelen, preekstoel en communiebank) werd uitgevoerd in Luikse stijl (navolging van de Luikse kunstenaar Jean Del Cour 1631-1707/10, mogelijk werk van Jean Hans, J. Vivroux, C. van der Werck, Guillaume Evrard?). Centraal op het plafond van de middenbeuk prijkt eveneens in stuc het wapenschild en spreuk van abdis Augustina van Hamme.

Tot de kunstschatten behoren o.m. kelken, kruisbeelden, een doopvont ged. 1668, het epitaaf van het hart van Joris van Oostenrijk, prins-bisschop van Luik, beelden uit de 13de eeuw, verscheidene waardevolle schilderijen, en een beroemd handschrift: het Register van de br