Melanotaenia lacustris

Familie: Regenboogvissen (Melanotaeniidae)

By W.Vergauwen

   

Deze prachtig gekleurde regenboogvis is een streling voor het oog. Deze vis heeft prachtige kleuren die variëren van lichtblauw tot donkerblauw over groen. Het zijn echte juweeltjes. De mannetjes hebben in de paartijd een iet of wat gouden kleur. Deze verschijnt meestal op de kop en op de voorrug van de vis, meestal bij het baltsen zeer goed zichtbaar. Het geslachtsonderscheid is niet altijd simpel te zien. Het mannetje heeft fellere kleuren dan het vrouwtje. Het vrouwtje heeft dan weer iets grotere vinnen.

De Melanotaenia lacustris is een scholenvis die in de natuur gemakkelijk met 20 – 40 vissen bij elkaar zwemmen. Het is dan ook niet moeilijk te verstaan dat men deze vis het beste houdt in een groepje van 8 – 10 exemplaren. (Hoe meer hoe beter natuurlijk). Het zijn vredelievende vissen die zéér graag zwemmen. Ze houden zich meestal op in de middelste waterlagen. Deze vissen houden van de ochtendzon zorg er daarom ook voor dat het aquarium zo opgesteld staat dat de vissen ’s morgens invallend zonlicht ter hun beschikking hebben. Ook voor de kweek is dit belangrijk.
De inrichting van het aquarium dient aangepast aan hun levenswijze. Het zijn ‘zwemmers’. Zorg er dan ook voor dat ze de plaats hebben in het aquarium. Deze vis wordt in de natuur 12 cm groot maar durft in het aquarium ook wel een lengte van 10 cm bereiken. Als u dan een groepje houdt van 10 exemplaren kan u verstaan dat het aquarium voldoende groot dient te zijn en dat er voldoende vrije zwemruimte moet zijn. Naast deze vereisten dient er zich langs de zijkanten van het aquarium een dichte beplanting te zijn. Dit is nodig omdat deze vis in het begin vrij schuw is en ze zich moeten kunnen verstoppen wanneer zij hun bedreigd voelen. Dit is heel belangrijk! Een zandige bodem, lichte stroming, helder en zuiver water, de nodige verlichting zorgen er mede voor dat de vissen een goede thuis krijgen.

Het voedsel dat men deze regenboogvis het beste aanbied zijn: muggenlarven, artemia, cyclops, fruitvliegjes, watervlooien, groenvoer,… dit aanvullen met droogvoer en je komt zo tot een evenwichtig dieet dat je vissen fit en gezond zal houden. Wie ze constant droogvoer geeft zal moeten toegeven dat de kleuren veel minder zijn en de seksuele activiteit ook minder zal zijn dan bij degene die een goed dieet aanhoudt. Afwisselend voeren is de boodschap.

De kweek is niet moeilijk. Selecteer twee goed gezonde ouderdieren die mooie kleuren hebben en waar geen afwijkingen aan te zien zijn. Voeder ze gedurende twee weken goed. Plaats deze dan over naar een kweekbakje dat je hebt ingericht met javamos, fijn gevederde planten, … Wanneer ze kuit hebben afgezet is het wijselijk de vissen terug uit het kweekbakje te vangen. Vaak zal de kweekpartij dan nog verder gaan in de gezelschapsbak. De eitjes komen na 4 – 6 dagen uit, afhankelijk van de watersamenstelling en de temperatuur. De jongen zijn op te kweken met zeer fijn stofvoer. Beter is nog pas ontloken artemia. Overvoeder de jongen niet. Ververs regelmatig het water, dit bevordert de groei van de jongen. Probeer de opgekweekte jongen door te spelen aan aquariumzaken en andere liefhebbers.

 
 

FICHE

Lengte : 10 cm
Ph : 7 – 8
°dGH: 10-17
Temperatuur: 22-26°C
Voedsel : zowel vlokken als levend- en diepvriesvoer.
Vindplaats : Papua Nieuw-Guinea
Aquarium grootte Min. 120 cm (echt wel minimum voor een schooltje).

 
 
Home