|
Pelvicachromis taeniatus of Smaragdprachtcichlide
Familie: Cichlidae (Dwergcichliden) |
![]() (mannetje) |
|
Deze vis is familie van de alom bekende kersenbuikcichlide. Persoonlijk vind ik deze variëteit (taeniatus) veel mooier van kleur. De Pelviachromis taeniatus is reeds gekend onder verschillen variëteiten en kleuren (ongeveer 10). Het mannetje heeft meestal een roodgekleurde muil. Ook de borst kan een rode schijn aannemen net als de borstvinnen die bovenop de rode kleur een blauw streepje kunnen bevatten. De rest van het lichaam is grijzig van kleur. De staart heeft verschillende kleuren: blauw, paars, geel, zwarte stippen, …. De rugvin neemt de kleur van het lichaam aan maar de bovenste rand kan rood tot oranje gekleurd zijn. Bij een volwassen mannetje zijn de vinnen uitlopend en eindigend op een punt. Het vrouwtje is opmerkelijk kleiner van gestalte. Zij valt op daar haar paars, rode buik. De rugvin is meestal geel tot oranje. Tijdens de balts kunnen deze kleuren enorm snel veranderen. De staart is ook geel met meestal hier en daar wat zwarte stippen. De buikvinnen zijn paars tot zwart afhankelijk van de variëteit. De kieuwdeksels zijn dan weer geel. Als besluit kan men hier stellen dat dit een zeer kleurrijke dwergcichlide is. Deze dwergcichlide kan men best als paartje houden. Meerdere exemplaren van
deze soort in één aquarium houden is om problemen vragen. Heeft
men een aquarium groter dan 150 cm dan kan met het wel eens overwegen. Ze zijn
vreedzaam en passen zich snel aan, aan hun nieuwe omgeving. Men kan hier praktisch
alle vissoort bij houden. Grondelsoorten of vissen die op de bodem leven kunnen
wel al eens het slachtoffer worden wanneer de pelvicachromis in de paartijd
is. Ze verdedigen hun territorium tegen indringers. Wanneer deze dwergcichlide
goed gehouden wordt zal men hem overal in het aquarium aantreffen. Zowel onderaan
als aan de oppervlakte als het in middengebied en dit in zijn volle kleurenpracht. Deze dwergcichlide is een alleseter. De menu bestaat uit muggenlarven (zwarte, witte), cyclops (vooral bij jonge pelvicachormissen), cichlidenmix, artemia (voor een mooie rode kleur), watervlooien, enz.. Ook een aanvulling van droogvoer wordt geapprecieerd. Wissel af met het soort voedsel dat je hen geeft. Wil je met dit visje een kweekje proberen geef ze dan krachtig voer. |
|
|
|
|
loodst. We geven de jongen best pas uitgekomen artemia, cyclops, gezeefde zwarte muggenlarven, … Het beste resultaat krijgt men wanneer men het koppel overbrengt naar een aparte kweekbak. |
|
|
|