Brief aan de kampcommandant van de Dossinkazerne


1.jpg

Brief van Myriam ReichmanGrosz

aan de kampcommandant Kazerne Dossin (1943)

 

Myriam (Marie) Reichman is geboren op 18/11/1902 in Satu Mare, een stad in het noordwesten van Roemenië op korte afstand van de grens met Hongarije (13 km) en Oekraďne (27 km). Zij is aangekomen in België in 1925 vanuit Roemenië en is zonder beroep. Haar man Zoltan (genoemd Zoly) Grosz is ook in Satu Mare geboren op 29 juni 1896. Hij immigreert één jaar voordien in 1924 vanuit Roemenië. Hij is diamantarbeider en wonen samen in de Lange Leemstraat, 413 in Antwerpen. Zoltan Grosz wordt reeds opgepakt op 4 september 1942 en op de deportatielijst geregistreerd onder het nummer 49. Hij is niet “vrijwillig” naar het verzamelkamp gekomen maar wordt vermoedelijk  door de Duitse politie of hun collaborateurs gearresteerd. Het IXde transport deporteert hem naar Auschwitz. Er wordt geen stamnummer teruggevonden en ook geen overlijdensakte. Hij heeft zijn deportatie niet overleefd. In welke omstandigheden of wanneer hij is gestorven weten we niet.

 

Door deze gebeurtenis heeft Myriam waarschijnlijk besloten om samen met haar drie kinderen onder te duiken. Van ongeveer 20 oktober 1942 tot de bewuste nacht van 30 op 31 januari 1943 verblijft zij met haar kinderen Paula (°Antwerpen, 16/01/1926), Alexander (°Antwerpen, 03/07/1928), en Annie (°Antwerpen,26/10/1929) bij het echtpaar Sluys-Schuyten op het Withof in de Heuvelstraat 3 te Boechout. Zij worden aangehouden door vijf Vlaamse Sipo-SD-leden waaronder Louis Debra (Dollmetscher & chauffeur voor de Sipo-SD van Antwerpen) ten huize van deze familie. Na eerst allemaal te zijn ondervraagd om mogelijk andere ondergedokenen te kunnen terugvinden wordt zij met haar kinderen op 2 februari 1943 naar de Mechelse Dossinkazerne overgebracht.

 

In een brief aan de kampcommandant (zie document) smeekt ze om niet op transport gesteld te worden. Haar kinderen zijn geboren in België en zowel haar man als zijzelf hebben de Hongaarse nationaliteit. Haar verzoek wordt niet aanvaard. Myriam en de drie kinderen worden toch op 19/04/1943 met het XXste Transport onder de nummers 454, 455, 456 en 457 gedeporteerd. Van hen wordt geen stamnummer teruggevonden en ook geen overlijdensakte. Zij worden na hun aankomst naar de gaskamer van crematorium II van Birkenau gestuurd en daar vermoord. Ook Myriam’s vader, Ludovic Reichman (XX/311), zit op datzelfde transport, met zijn tweede echtgenote, Feiga Glatt (XX/ 312). Ook zij verdwijnen zonder enig spoor achter te laten.

 

reich1.jpg

reich2.jpg

Diamantarbeider Zoltan Grosz met

Myriam Reichman.

 

De kinderen van de familie Grosz-Reichman uit Antwerpen.

Anna (13 jaar, l inks) Paula (16 jaar, boven) en Alexander (14 jaar, vooraan)

(Antwerpen, ca. 1937).

 

Terug naar archieflijst