Bij
opzoekingen in de jaren 1986-87, ter voorbereiding van de tentoonstelling “150
jaar spoor” van de Heemkring Ravensteyn Boortmeerbeek,
ontdekte Robert Korten dat op het grondgebied van de
gemeente Boortmeerbeek
een transport met 1.636 joodse gevangenen -op weg naar de vernietigingskampen in Duitsland- tot
staan werd gebracht. Bij nader inzien bleek dit een uniek feit in de
geschiedenis van de deportaties tijdens WO II te zijn. Robert
Korten en de Heemkring vonden dit
feit belangrijk genoeg om de nagedachtenis van de gedeporteerden te laten
voortleven in een gedenkplaat.
Oprichting van de gedenkplaat
In
1992 kwam Robert Korten toevallig in verbinding met
een joodse verpleegster, Regine Krochmal. Regine ontsnapte
uit het bewuste XX-ste transport. Dank zij haar
contacten met de joodse gemeenschap van België en met name
met de directeur-generaal Michel Laub,
kwam er terug schot in het project. De N.M.B.S.
werd bereid gevonden om gratis de basis van de gedenkplaat (sporen en
dwarsliggers) te leveren en te plaatsen. Het gemeentebestuur van Boortmeerbeek
liet zich ook niet onbetuigd en leverde de nodige logistieke steun. Tussen al
deze verschillende partners ontstond een enthousiaste samenwerking zodat het
project kon worden gerealiseerd. Er werd een gedenkplaat opgericht aan het
station van Boortmeerbeek.
Deze plaat werd op 16 mei 1993 onthuld n.a.v. de 50ste verjaardag van de aanval
op het XX-ste transport te Boortmeerbeek.
Op
de gedenkplaat staat volgende tekst:
Over deze spoorlijn deporteerden de
nazi’s 24.906 joden en 351 zigeuners, 1.205 overleefden.
Uniek feit in de geschiedenis van de
deportaties van joden in Nazi-Europa: op 19.04.1943
stopten Jean Franklemon, Georges Livschitz en Robert Maistriau hier het 20ste transport met 1.631
gedeporteerden. Voor de grens ontsnapten er 231 uit de trein. 205 hervonden hun
vrijheid. 26 lieten -als vrije mensen- hierbij het
leven.
Dit gedenkteken werd opgericht dank
zij Robert A.G. Korten – Heemkring Ravensteyn,
de joodse gemeenschap van België en de N.M.B.S.
|
|
De oprichter van het monument en eerste coördinator van de herdenking van het XXste transport. Robert
Korten. Overleden
op 21 maart 1999 |
Oprichting van het herdenkingsmonument
Op zondag 8 mei 2005 werd
ter ere van de drie aanvallers op het transport m.n. Jean
Franklemon, Georges Livschitz en Robert Maistriau, een herdenkingsmonument opgericht aan het
station van Boortmeerbeek.

Dit monument van
beeldhouwer Etienne Desmet,
kwam tot stand op initiatief van Maurice Tzwern en van het Joods Museum van Deportatie en Verzet te Mechelen. Fondsen kwamen van vrienden en instanties rond Maurice Tzwern, zoon van Hena Wasyng. Zij is hier in Boortmeerbeek bevrijd uit het XXste
transport. De Gentse beeldhouwer Etienne Desmet heeft een sobere
zuil ontworpen van cortenstaal. De drie handen op de zuil zijn niet enkel een symbool
van strijd tegen onverdraagzaamheid, discriminatie, geweld en marteling, maar
ook van hoop en solidariteit.
Het
monument wil naast een herinnering aan de heldendaad van drie jongeren ook een
aanklacht zijn tegen alle genocides in de wereld.

“Vriend
voorbijganger,
toon eerbied voor deze
heldhaftige handen,
zij hebben hen gered,
die door krachten van
het kwaad
naar de hel werden
gezonden.”

Op de achterzijde van de zuil staat volgende tekst:
“Dit monument is een
symbool en een geheugenbaken in de strijd tegen elke volkerenmoord. Het is
opgericht als eerbetoon aan Robert Maistriau, Georges Livschitz en Jean Franklemon, die met onverzettelijke moed streden tegen de
wreedheid en de barbaarsheid van de onverdraagzaamheid.”