CALCAREA CARBONICA
calcium of kalk: basis bouwstof, komt uit de oesterschelp: deze behuist en beschermt de levende oester: dus calc is een basis element van bescherming bv pasgeboren babies die geborgenheid nodig hebben, of later op oudere leeftijd: werk, woning, pensioen
gevoelig om ziekten te ontwikkelen: verkoudheden t/m kanker, hartziekten, neurologische en mentale ziekten; kan het ziekte proces daadwerkelijk doen omkeren
WERK en VERANTWOORDELIJKHEID: het zijn betrouwbare harde werkers bv de boer op het veld; hij is praktisch aangelegd en gaat recht op zijn doel af met soms vlug overspannen en overwerkt. Hij neemt "teveel hooi op zijn vork" Zo kan hij ineenstorten bv burnout. Ook bij fysieke overspanning: rugpijn, gewrichtspijn etc. Het zijn dus "recht voor de raap" en "no nensense" types, die hun tijd niet verliezen met filosofische beschouwingen. Hij is geboren met een "baksteen in zijn maag": hij zal werken voor zijn huis
ZEKERHEID: deze mensen hebben angst en vrees voor GELDtekort en ZIEKTEN. Hierdoor wordt hij wanhopig (psor) Hij is bang dat hij het niet zal volhouden en zijn werk en verantwoordelijkheden moet opgeven bv zijn nieuwbouw niet kunnen afbetalen
OVERLADING: hij overlaadt zichzelf met extra funkties en taken bv voorzitter zijn van verschillende verenigingen Aangezien hij vermoeid is kan hij deze funkties niet naar behoren uitoefenen. Dit maakt hij enorm angstig en hij zal zijn hoofd erbij verliezen of in het slechte geval zijn verstand. Echter laat hij dit niet blijken: niemand mag zien hoe "slecht hij er aan toe is" "wat zullen de mensen zeggen..."
VREES en fobie: hoogtevrees, bang voor dieren: ratten, muizen, insecten
DEPRESSIE: door aanhoudende angst en overspanning bv na faillisement van de werkgever, ontslag door reorganisatie; hij kan alle interesse verliezen en hij zal "in de goot" komen of "onder de bruggen van de seine" of een clochard worden (sulph)
KINDEREN: ze zijn mollig en rond en hebben weinig weerstand tegen infekties (veel verkoudheden) Ze kunnen wat achter in ontwikkeling zijn (wat dik en kinderlijk voor hun leeftijd) Praten en stappen laattijdig. Ze hebben een sterke wil (opbouwen), maar angstig bezorgd over zekerheden: ouders moeten gezond zijn, woning veilig. Soms ook nieuwsgierig en vroegwijs: vragen over religie en zelf filosofische onderwerpen: "als ik dood ga, waar ga ik dan naar toe" en willen geruststellende antwoorden. Veel angstdromen. Het kind begrijpt dat het ooit zijn plan zal moeten trekken in het leven en onafhankelijk worden: bv een eigen huis hebben en dat hij moeten studeren en werken. Praktisch aangelegd zijn is dus een sleutelsymptoom. Ook krijgt hij al vlug zijn eigen visie: eigenwijs. Een eigenwijs dik kopje! Als hij iets in zijn hoofd heeft, krijg je het er moeilijk uit. Dus dikkere kinderen, gemakkelijk klam zwetend op hun hoofd en nek met zure geur (rheum, hep), ook van de stoelgang: gemakkelijk obstipatie. Gemakkelijk oververmoeid na inspanning. Niet gemakkelijk toenemen in gewicht bij babies, die gemakkelijk zweten in de nek en wat zurig ruiken (mag-c)