SILICEA
nood aan innerlijke structuur: de patient mist "ruggegraat"
fijngevoelig, kwetsbaar, gevoelig en toegeeflijk
emotioneel wel in balans, maar mist een gevoel van eigenwaarde; tekort aan zelfvertrouwen; bang om te falen tijdens examens; bang voor op een podium te staan en mensen toe te spreken
mentaal minder helder met een gevoel van tekort te schieten
hij is onzeker over zijn bekwaamheden en heeft twijfels over zijn werk; onzeker over wat anderen van hem denken; hoe kom ik over bij de mensen? Als oudste zoon moet hij de goede naam van de familie hoog houden.
hij blijft gefixeerd op kleine details op een dwangmatige manier om zijn tekortkomingen te compenseren (ars); hij is rigide, mist flexibiliteit
dit extreem gewetensvol zijn kan naar angst overslaan
de patient kan verlamd zijn in zijn initiatieven door besluiteloosheid en onzekerheid: hij overweegt om het op te geven
ontwikkelingsachterstand in kinderen: achteropblijven van de groei
afwijkingen van het beendergestel, de nagels, de tanden, het haar
fysiek: kouwlijke patiente, gevoelig aan tocht, kan niet tegen afkoeling, zweetvoeten met zure geur, gevoelig aan verkoudheden
sankaran: het is een sycotisch middel: de patient heeft de neiging zijn eigen zwakheid te verbergen voor de buitenwereld; silicea is kwarts, een basisstof om glas van te maken. Glas is hard, onbuigzaam. Silicea mensen zijn koppig, onbuigzaam en hebben onbuigzame ideeën (idée fixe) waar ze onder geen beding van afwijken. Cristal is hoogwaardig glas en moet blinken. De silicea patient is bezorgd hoe hij overkomt; hij wil "aanzien". Zijn schrik bestaat erin dit te verliezen bv na een slecht examen, een mislukte speech. Op voorhand is hij nerveus dat dingen kunnen mislukken (anticipatie). De plicht tot het hooghouden van aanzien en de vrees om dit niet te kunnen waarmaken is de sleutelsituatie van dit middel.