
Opwijk
WANDELEN IN OPWIJK
Door Gaston Van de Voorde, secretaris.
en foto's van Freddy Van De Perre: klik HIER
Onze gemeente Opwijk ……even voorstellen
De gemeente Opwijk is een landelijke en groene gemeente, gelegen in de driehoek Brussel-Aalst-Dendermonde en situeert zich in het noordwesten van de provincie Vlaams-Brabant (geflankeerd door de gemeenten Merchtem en Asse), tevens grenzend aan de provincie Oost-Vlaanderen en langs deze zijde geflankeerd door de gemeenten Buggenhout, Lebbeke en Baardegem (Groot-Aalst).
De gemeente Opwijk bestaat uit 4 parochies, namelijk Opwijk-centrum (St.-Paulus en waar wordt verondersteld dat er al in de 8ste eeuw een dorpskern bestond op de Klei), het gehucht Droeshout (St.-Jozef en gesticht in 1895), het gehucht Nijverseel (Onze-Lieve-Vrouw Middelares en gesticht in 1937) en de fusiegemeente Mazenzele (St.-Pieter en gefusioneerd in 1975 met de gemeente Opwijk).
De totale oppervlakte van de gemeente Opwijk bedraagt 1969 ha en er leven binnen de Opwijkse gemeenschap 11.856 inwoners.
De gemeente Opwijk is te bereiken via de gewestweg N47 (Asse-Lokeren) en de gewestwegen N411 – N211 (Aalst-Vilvoorde). De gemeente Opwijk is ook vlot te bereiken met het openbaar vervoer via de spoorlijn Brussel-Dendermonde (lijn 60) en tevens met “De Lijn” Aalst-Londerzeel en Dendermonde-Asse.
Jaarlijks weerkerende activiteiten in de gemeente Opwijk en zeker het vernoemen waard zijn de Sint-Paulus paardenprocessie, de wielerklassieker Brussel-Opwijk, karnaval, de zomerhappening, de voertuigenwijding, de koningsschieting van de schuttersgilde uit Mazenzele en de kerstmarkt. Ook is er de wekelijkse markt op vrijdagvoormiddag. Al deze activiteiten maken van de gemeente Opwijk een bruisende gemeente, een gemeente met …..pit.
Wandelen in de gemeente Opwijk ….. steeds een aanrader.
Onze gemeente Opwijk beschikt over een ruim aanbod van uitgestippelde en bewegwijzerde wandelpaden.
In 1999 werd naar aanleiding van het 10-jarig bestaan van Vakantiegenoegens het “Pieter-Paulus pad” beschreven, bewegwijzerd en officieel geopend. Dit wandelpad werd door de wandelaars, de scholen en wandelclubs zo druk bewandeld dat Vakantiegenoegens besliste om ter gelegenheid van hun 15-jarig bestaan in 2004 nog 2 andere wandelpaden in kaart te brengen. Het “Hestergempad” en het “Droespad” waren een feit.
Op-zicht is een wandeling die is uitgezet door de Seniorenraad in samenwerking met het gemeentebestuur.
Er bestaat ook een beschrijving van de “Dagwandroute”, uitgetekend door de Landelijke Gilde. Deze route kan men eventueel ook met de fiets uitrijden.
Wetende dat het Kravaalbos, het Buggenhoutbos, het Kartelobos, de Faluintjesstreek en het Pajottenland zich uitstrekken in de onmiddellijke omgeving van onze groene gemeente Opwijk, is het voor de wandelclubs uit de gemeente Opwijk een “must” om perfect uitgestippelde omlopen samen te stellen wanneer zij een wandeltocht plannen binnen de georganiseerde wandelsport.
Door de Opwijkse natuur slingeren zich tal van beekjes. De Regenwortelbeek, Langeveldbeek, Dweerbeek, Puttenbeek en Puttengracht behoren tot het Rupelbekken en liggen in het hoger gelegen gedeelte van onze gemeente.
In het laagst gelegen gedeelte slingeren zich de Klokbeek, de Nijverseelbeek, de Kluisbeek, de Asbeek en de Brabantse beek en deze behoren tot het Denderbekken.
Meer inlichtingen over bovenvermelde wandelingen vindt men op de website van onze gemeente Opwijk, www.opwijk.be
BEZIENSWAARDIGHEDEN IN ONZE GEMEENTE OPWIJK
De natuurelementen op het voorplan
1. HET KRAVAALBOS
Het Kravaalbos is één van de laatste bossen die ten noordwesten van Brussel overblijven. Het is nog een overblijfsel van het vroegere Koolwoud waartoe ook het Zoniënwoud en het Hallerbos behoorden. De totale oppervlakte van het Kravaalbos bedraagt ongeveer 80 hectare. Het bos zelf en zijn onmiddellijke omgeving is zo’n 180 hectare groot en beschermd door K.B.
Het bos bestaat uit verschillende delen : de Herenbos of noordelijke gedeelte is gelegen op de gemeente Baardegem, de Armenbos is het westelijke gedeelte en is gelegen op de gemeente Meldert en deels op de gemeente Asse en tenslotte de Vogelzang of oostelijke gedeelte is gelegen op de gemeente Asse. Het centrale gedeelte zelf heet dan Kravaal wat in feite “steenvallei” betekent (“car” en “vaal”).
In de volle middelleeuwen kreeg het bos grote bekendheid en werden de zandstenen uit het grondwater gespoeld. De St.-Martinuskerk te Aalst en de O.L.Vrouwkathedraal werden met deze zandstenen opgetrokken.
Het hoogste punt van het Kravaalbos ligt op circa 75 meter boven de zeespiegel, het laagste punt om circa 35 meter. Het eigendom is in handen van enkele particulieren en het is dankzij de goodwill van de eigenaars dat het grootste gedeelte van het Kravaalbos toegankelijk is voor het grote publiek.
Een gedeelte van het Kravaalbos is in het gewestplan bepaald onder natuurgebied, een ander gedeelte is natuurreservaat met wetenschappelijke waarde en moet in zijn huidige staat bewaard blijven.De vijver en het bronnengebied werden voor het publiek afgesloten en vormt de enige maatregel om de oevergewassen te beschermen. De rijkdom van dit ongestoorde bostype wordt in de hand gewerkt door de aanwezigheid van dit bronnengebied en men ziet op deze plaats dan ook een dicht elzenbos met talrijke wilgen en een lage begroeiing van waterminnende planten.
Het Kravaalbos is een zwerfbos wat betekent dat de meeste bomen zaadbomen zijn en dus door hun eigen zaad voortplanten. In het eigenlijke bos, dat in de oorlogsjaren sterk te lijden had onder het wegkappen van vele bomen, heeft de mens sterk ingegrepen en werden de tamme kastanje, de es en de Amerikaanse eik aangeplant. Hier bestaat de ondergroei vooral uit braam, zachte witbol en adelaarsvaren. De adelaarsvaren is echter een beruchte plant die omwille van zijn sterk intensieve beworteling verstikkend werkt op andere planten die zich willen vestigen. De boshyacint en de zachte witbol kunnen zich echter handhaven doordat zij hun bladeren ontwikkelen nog voor dat zij door de adelaarsvaren worden overdekt. Van de oorspronkelijke vegetatie resten alsnog valse salie, lijsterbes, dalkruid, lelietje-van-dalen, de bosanemoon en nog enkele andere soorten.
Het Kravaalbos is tevens een overwinteringgebied van de buizerd en de ransuil. Bovendien broedt er voor deze streek een zeer zeldzame fluiter, want al in het voorjaar kan men er de grote bonte specht horen roffelen. In de kruidlaag broeden vooral kleine zangvogels zoals fitis en tjiftjaf.
Enkele jaren geleden zijn er zelfs een paar vossen waargenomen en met een beetje geluk kan men van op enige afstand de schimmen van de herten of reeën bewonderen.
2. LEIREKENSROUTE
.jpg)
Het wandel - en fietspad “Leirekensroute” werd in 1978 aangelegd op de bedding van de afgedankte spoorlijn Aalst – Antwerpen Zuid. Bij de viering van de honderdste verjaardag van het openbaar vervoer in Opwijk werd op 30 september 1978 “Leirekensroute” officieel geopend.
Op deze oude spoorlijn spoorde vanaf 1878 tot 1958 het stoomtreintje op deze Leirekensroute waarvan de naam zou afkomstig zijn van de naam van de eerste machinist ‘Leire of Leireken’ (Valère of Hilaire). Deze spoorweg was oorspronkelijk bedoeld om Antwerpen te verbinden met het industriegebied van Noord-Frankrijk. In 1914 werd om deze spoorlijn door de Duitsers fel gevochten, want ook zij planden een internationale spoorlijn naar Frankrijk.
“Leireken” had maar één enkel spoor wat met zich meebracht dat de trein zich in Aalst niet kon draaien zodat hij moest achteruit rijden om terug te komen tot in de gemeente Opwijk.
Dit wandel – en fietspad loopt momenteel vanaf Aalst (Mijlbeek) over de gemeenten Moorsel, Baardegem, Opwijk, Peizegem en Steenhuffel naar Londerzeel. Over verharde wegen kan men er zalig wandelen of rustig fietsen langs een wondermooi glooiend landschap, doorheen weiden en akkers, langs sprankelende beekjes en knotwilgen. Rustbanken en pic-nic plaatsen zijn onderweg voorzien.
3. DE RIETKRAAG
“De Putten” is één van de meest waardevolle natuurgebieden in onze gemeente Opwijk. De kleine karekiet is hier algemeen en zeldzame vogels als rietgors en de prachtige blauwborst vinden hier nog een uitstekende thuis. Tijdens de winterperiode vinder hier grote aantallen zangvogels hun eten. De Puttenbeek die door dit gebied vloeit is één van de meest natuurlijke en zuiverste beken in onze regio. De Natuurpunt afdelingen uit Opwijk, Merchtem en Asse besloten enkele jaren terug om in deze beekvallei enkele voor de natuur waardevolle percelen grond aan te kopen en deze ecologisch te beheren. Natuurpunt “De Ijsvogel” beheert “de Rietkraag” en maait regelmatig het riet om verlanding te voorkomen. Dit ganse natuurgebied strekt zich zelfs uit tot het gehucht Mansteen.
In deze omgeving, op dit Opwijkse gehucht “De Klei”, aan de Puttenbeek en de Merchtemse grens werden te Opwijk de eerste sporen van menselijke beschaving ontdekt, een paaldorp. Getuigen hiervan waren de palen, de balken, de vuursteensplinters en een bijl uit vuursteen die er werden opgegraven.
Later was er hier een Nervisch dorp met hutten, opslagplaatsen, stallen voor het stapelen van hout, stro en leem.
Bij het samenkomen van de twee oeroude wegen, een eerste vanaf de Schelde overgang te Dendermonde en een tweede komende vanuit de Denderovergang te Aalst, groeide dit dorp uit tot een Vicus (Op-wic of het hoger gelegen gedeelte). Deze Vicus was een centrum van boerderijen, ambachtswoningen, het H. Drievuldigheidskerkje (ongeveer 8ste eeuw) en de watermolen. Vermoedelijk werd dit ganse centrum verwoest door de Gentenaren in 1380.
4.DE BROEVINK
De Broevink is een vochtig gebied met bosjes en weiden die een rijke fauna en flora herbergen. Het is als vrij reservaat voorgesteld bij de Belgische vereniging van natuur en vogelreservaten.
Men vindt hier tevens een grote verscheidenheid van grondlagen : zeer zuivere witte klei naast andere klei soorten die tamelijk rijk zijn aan ijzererts.
Verschillende amfibieënsoorten en zeldzame insecten vinden hier nog een veilig onderkomen. Roofvogels als de buizerd, de torenvalk en de sperwer zijn hier vaak te bespeuren.
Tot de typische flora behoort de grote paardenstaart en verschillende orchideeën. Interessante planten in dit gebied zijn de kervelorchis, de wespenorchis en de gevlekte orchis. Verder ook de gulden boterbloem, daslook, dotterbloem, bosanemoon, sleutelbloem, blauwe bosviooltje en nog tal van andere planten.
In het hoger gelegen gedeelte van de Broevink treffen wij verschillende bronnen aan die ervoor zorgen dat dit gebied het hele jaar drassig blijft.
Natuurpunt “De Ijsvogel” uit Opwijk heeft in dit gebied twee percelen aangekocht, waaronder het orchideeënweitje. Elk jaar wordt dit perceel twee keer gemaaid om de grond te verschalen zodat de oorspronkelijke plantengroei kan terugkeren.
5. DIEPENBROECK (TROD) EN DOKKENE
Het gebied links, Diepenbroeck (Trod) , en rechts, de Dokkene, van het Perreveld en gescheiden door een kouter, zijn samen ongeveer 25 hectare natuurgebied dat in 1962 het statuut kreeg van “vrij reservaat”. Deze natuurlijke biotoop van bos, rietland, beken en moerassige weiland is beschermd gebied waarin het leven van plant en dier bestudeerd en gevrijwaard wordt.
Tot de voornaamste activiteit behoort het “ringwerk” die toelaat de gedragingen van de vogels en vooral de vogeltrek te bestuderen. Volgende voorname vogels zijn er regelmatige gasten : ijsvogel, blauwe reiger, klapekster, bonte specht, ransuil, steenuil, vuurgoudhaantje, wielewaal, ….. e.a.
Verder werd ook een nauwkeurige inventaris opgemaakt van de in het wild levende planten. Er zijn meer dan 125 soorten planten waaronder de vrij zeldzame : de gevlekte orchis, de keverorchis, de gevlekte aronskelk, de eenbes, daslook, ….
Behalve tijdens de broedperiode in de lente is het reservaat gans het jaar toegankelijk voor wandelingen en studiedagen.
Andere bezienswaardigheden in onze gemeente Opwijk
Alle bezienswaardigheden worden beschreven op informatieborden tijdens de wandelingen.
1. De Markt
Op dit plein tussen het oude kerkhof en het gemeentehuis werd vroeger op dinsdag markt gehouden.
Het huis met nummer 61 is het (vernieuwd geboortehuis van Mgr De Smedt, Bisschop van Brugge (°30-10-1909).
In vroegere jaren werd er tijdens de zomermaanden op de Markt de kaatssport beoefend, een typische volkssport.
In het verlengde van de Markt, in de Marktstraat, staat aan huisnummer 41 de gedenkplaat als hulde aan Jan (geschiedschrijver), Paul (landbouwkundige), Jozef (gynaecoloog), Leo (missionaris) en Constant Lindemans (priester-schrijver).
2. De St.-Pauluskerk
De oorspronkelijke kerk werd gebouwd in de jaren 1410 en 1420 in Brabantse hooggotiek. Door de vele branden en verwoestingen werd de kerk heropgebouwd en plechtig herwijd in 1603. In 1742 bekwam pater Alexander te Rome een relikwie van St.-Paulus voor de kerk in Opwijk en een relikwie van St.-Pieter voor de kerk te Mazenzele. Deze relikwieën werden plechtig ingehaald op 25 september van het jaar 1742. Op 22 april 1773 werd begonnen met de vergroting van onze St.-Pauluskerk. Deze vergroting behelsde een merkelijke verbreding en ook de verlenging van het schip, wat duidelijk zichtbaar is aan de verschillende bouwstenen van de pilaren. Met deze verbouwing verkreeg de kerk haar huidig uitzicht.
Het kunstinterieur en de kunstschatten van onze St.-Pauluskerk zijn bewonderenswaardig.
.jpg)
Boven het altaar prijkt een eikenhouten Kalvariegroep en is één van de mooiste die in Vlaanderen gebeeldhouwd werden. Vermoedelijk afkomstig uit de beroemde Brusselse beeldhouwerschool van Jan Borman.Verder bezit onze kerk heel wat rijkdom aan beeldhouwwerk.
Een O.L. vrouwbeeld (1624) en een St.-Paulusbeeld zijn werken van de befaamde Anthony Faidherbe. En natuurlijk is er nog de monumentale preekstoel die de bekering van St.-Paulus voorstelt en in 1823 gebeeldhouwd werd door de Mechelse meesters Laurent en Tambuyser. Er hangen ook tal van schilderijen in onze kerk. Het schilderij “St.-Paulusbekering” – 1630 (boven het zijaltaar rechts), “Sint-Niklaas gehuldigd door drie krijgslieden” – 1638 (achteraan links), “O.L. vrouw omringd door Heiligen” – 1649 (zijaltaar links), “Doopsel van Kristus door St.- Jan Baptist” (achteraan rechts). Deze schilderijen werden allen aangekocht door pastoor Gillis Van Lokeren.
De geschilderde kruisweg dateert van 1865.
Her orgel werd in 1879 vervaardigd door Mechelaar Frans Loret.
De glasramen in het hoogkoor, de kruisbeuken en oksaal werden in 1902 geplaatst en zijn vervaardigd door J Dobbelaere.
Tevens bezit onze kerk nog een zilveren Ciborie (1628) van J. van Overschelde en een zilveren montrans door goudsmid J. van Horenbeke
3. Kloostergebouw van de Zusters van St.-Vincentius à Paulo

Het oorspronkelijke kloostergebouw met kapel, school, godshuis en gasthuis bevond zich in de Gasthuisstraat, maar werd al vlug te klein.
Het huidige klooster werd tussen 1902 en 1904 gebouwd, sober maar indrukwekkend. De ruime kloosterkapel werd later in 1933 bijgebouwd. Zowel vanaf de straatzijde als vanuit de kloostertuin is het als geheel best bewonderenswaardig. De prachtige lange kloostergangen geheel in rode baksteen en met uitzicht op de kapel en de kloostertuin stralen een stemmige sfeer uit van rust en sereniteit. Dit gebouw is tevens het “moederhuis” van deze kloosterorde die in 1847 gesticht werd door pastoor-deken P.J. Van Hemel met als leefregel deze van St.-Franciscus van Assisië en met als patroonheilige St.-Vincentius à Paulo. De orde telt meer dan 300 religieuzen in 52 verschillende communiteiten verspreid in Vlaanderen en met missiegebieden in Mali en Marokko.
4. De Singel
.jpg)
De Singel maakte oorspronkelijk deel uit van de watergordel rond de Borcht.
De pastorie, gebouwd in 1847 – 1850 in neoclassicistische stijl en het parochiecentrum “De Waag”
staan op de Singel.
5. Hof ten Hemelrijck
.jpg)
Dit gebouw was vroeger een omwalde hoeve van middeleeuwse oorsprong en dateert uit de 14de of 15de eeuw, mogelijk nog vroeger. Wel staat vast dat Jan Van der Scueren, pastoor te Opwijk in 1442, zijn eigen huis ’t Hemmerik bewoonde.
In de volksmond werd dit gebouw ook wel “Spechteshof” genoemd, naar de naam van de vroegere eigenaars (de Verspechten).
Deze Brabantse hoeve, in een oase van groen midden in onze dorpskern werd met meer dan 3 ha gronden, weide en boomgaard in 1977 door het gemeentebestuur van Opwijk aangekocht. Intussen werd deze hoeve gerestaureerd en omgevormd tot het Gemeenschapscentrum van Opwijk.
Het vroegere woonhuis is ingericht als conciërgewoning, alle stallingen en andere hoevegebouwen zijn omgevormd tot vergaderzaal of tentoonstellingslokalen.
Rond dit hoevecomplex worden wandelwegen aangelegd en de nieuwe aanplantingen moeten er voor zorgen dat de natuur de bovenhand haalt.
6. Oude pastorie

Deze oude pastorie was een comfortabel woonhuis dat in 1626 in opdracht van pastoor Gillis Van Lokeren gebouwd werd en die het ook deels met eigen gelden betaalde.
In deze nog gave en rustige omgeving is het huis, ondanks de verbouwing in de 18de eeuw, in zijn oorspronkelijke toestand nog voortreffelijk bewaard gebleven. Vooral het schuurtje met leem en rieten vlechtwerk links bezijden het woongedeelte is authentiek gebleven.
In 1847, wanneer de huidige pastorij op de Singel werd gebouwd, ging het huis over in privé eigendom om als hoeve te worden gebruikt.
Van de vroegere omwalling is echter nog weinig zichtbaar.
Historisch en bouwkundig is deze oude pastorij voor de gemeente Opwijk een waardevol van zijn kunstpatrimonium.
7. St.-Anna kapel
Deze St.-Annakapel werd om twee bijzondere redenen gebouwd. Ten eerste om te voldoen aan de innige godsvrucht der Opwijkenaren jegens de Heilige Moeder van Maria, ten tweede ter gelegenheid van de jaarlijkse processie en om in deze kapel een rustplaats te hebben voor het H. Sacrament des Altaars te hebben en de benedictie te geven.
Eigenlijk moest de bouw van deze St.-Annakapel een versiering zijn van de nieuwe straat, de processiestraat. De kapel van St.-Anna behoort in volle vrucht toe aan de parochiale kerk van Opwijk; zij werd gebouwd op bevel en onder toezicht van de Kerkenraad bij middel van vrijwillige giften door de godsvruchtige parochianen. Tot lof en dankbetuiging voor de leden van de gemeenteraad en van de heer P.J. De Smedt, burgemeester, moet er gemeld worden dat de grond waarop de kapel thans is gebouwd gratis aan de kerk van Opwijk gegeven werd.
De eerste steen werd gelegd op 3 september van het jaar 1870.
Het origineel houten St.-Annabeeld bevindt zich thans op de pastorij en het dateert vermoedelijk uit de 17de eeuw.
Uit de kostenrekening opgemaakt op 31/11/1872 blijkt dat de kapel totaal afgewerkt 2682,83 frank heeft gekost.
De H. Anna was moeder van O.L. Vrouw en echtgenote van de H. Joachim, vandaar ook deze beelden in de kapel.
Achter deze kapel werd door de gemeente een groene ruimte gecreëerd, een oase van rust in de dorpskern.
8. VTB – Rustbank
Een monumentale constructie in een creatief spel van betonelementen welke opgesmukt zijn met hoogtepunten uit de Opwijkse geschiedenis : paalwoningen, Frankische hoeven, Hendric van Dendermonde 1296 (eerste Opwijkse meier), Op-wic Nether-wic, verwoesting van de Drievuldigheidsparochie op de Klei 1380, bouw van de St.-Pauluskerk 1410, verwoesting van het dorp door de Geuzen in 1579, bouw van de oude pastorij 1626, vergroting van de St.-Pauluskerk 1773, Opwijkse torens, St.-Paulusprocessie.
Het geheel werd ontworpen door architect Frans Berghman en kunstenaar Jan Mannaaert.
Het werd verwezenlijkt door de inzet en de inspiratie van de Opwijkse VTB-VAB afdeling. Tijdens de plechtige onthulling op 14 mei 1972 werd dit monument door de VTB voorzitter overgedragen aan de gemeente Opwijk.
9. St.-Pauluskapel
Door het verbreden en het heraanleggen van deze nieuwe straat diende de oude kapel afgebroken te worden in 1969. Deze nieuwe kapel werd in 1970 gebouwd in opdracht van het gemeentebestuur naar een ontwerp van Leo De Koster. De waardering voor deze kapel moet niet alleen gezocht worden in de grote verering van St.-Paulus in onze gemeente, maar zeker ook omdat dit bedehuisje nauw verbonden is met de vermaarde St.-Pauluspaardenprocessie.
Het linden houten St.-Paulusbeeld van beeldhouwer Serneels dateert uit de 19de eeuw en is het originele beeld uit de oorspronkelijke kapel.
Dit witte kapelmonument is passend opgevrolijkt met kunstglasramen waarvan de linkse zijde de bekering van St.-Paulus voorstelt. St.-Paulus wordt te Opwijk aangeroepen tegen oogziekten en dierenziekten
10. De Brouwerij
Van de enkele tientallen brouwerijen die onze gemeente sinds de 16de eeuw kende, is deze brouwerij nog de enige in volle bloei en houdt hiermee ook de traditie van het bier brouwen in ere. In 1775 kocht de familie Staes een hofstede “De Sterre” aan op de Markt en baatte er een brouwerij en herberg uit. In 1832 werd de brouwerij omgevormd tot een naamloze vennootschap zonder daarbij haar familiale karakter te verliezen en verhuisde daarbij naar haar huidige locatie. Men brouwt er de traditionele streekbieren van hoge gisting, de “speciale”. Hier brouwt men hoofdzakelijk de Speciale Op-ale en het abdijbier van Affligem.
Het amberbier Op-ale werd in 1935 op de wereldtentoonstelling tot vier maal toe met goud bekroond om zijn kwaliteit en zijn samenstelling.
Vandaag de dag vormt het abdijbier Affligem de succesfactor en kent de brouwerij een krachtige groei.
De voorbije jaren werd er aanzienlijk geïnvesteerd in de gistcapaciteit, de filterinstallatie, de stoomketels, de bottelarij en de waterzuiveringsinstallatie.
11. Schuttershof
Het Schuttershof was vroeger het oefenterrein van de St.-Paulus Handbooggilde. In het jaar 1811 werd hun ganse bezit door de Fransen als domeingoed aangeslagen en verkocht, doch de toenmalige koning van de handbooggilde Joos Heyvaert kon het echter terug inkopen. Een deel van het terrein werd door de gilde terug ingenomen, op het andere gedeelte werden een tiental huisjes gebouwd. In 1856 werd door de erfgenamen van de familie Heyvaert de voorste helft van het Schuttershof aan de gemeente Opwijk geschonken die er een lagere school liet bouwen.
De enige nog bestaande gemeenschappelijke buurtwaterpomp is op het Schuttershof nog te vinden.

12. Kapelletje O.L. Vrouw van Bijstand
Dit prachtig gelegen veldkapelletje vindt zijn oorsprong in de Boerenkrijg, toen hier op de Hulst Adrianus De Smedt (uit Waaienberg) door de Franse soldaten neergeschoten werd op 27 november 1798.
Het kapelletje kreeg zijn huidig uitzicht na verbouwing in 1950. Het mooie houten beeld dateert uit het einde van de 18de eeuw. Wegens de grote waarde ervan wordt het in de kapel vervangen door een pleisteren beeld van O.L.Vrouw van Lourdes. Het oorspronkelijke beeld wordt bewaard ten huize van de huidige eigenaar.
13. Hoeve Stiennon
Een niet onaardig bouwwerk in hoevestijl gebouwd rond 1864. Aan de voorzijde is dit woonhuis vanaf de steenweg te bereiken langs een prachtige beukendreef, 200 meter lang met 40 beuken.
In de bloementuin van dit domein, van de Hulststraat gescheiden door een haag, staat een eigenaardige boom, een Ginkgo Biloba van Aziatische afkomst. Hij is de enige overblijvende sierboom in de soort van de Ginkgo-aceeën. Hij is afkomstig uit China waar hij in het wild groeit en als heilige boom vereerd wordt. Omstreeks 1750 werd deze boomsoort in Europa ingevoerd. Deze boom is meer dan 150 jaar oud, heeft een hoogte van ongeveer 25 meter en een stamomvang van meer dan 2 meter.
Verder bezit men hier, aangebouwd tegen de woning, een prachtexemplaar van een botermolen die door de kracht van een hond die erin liep, in beweging werd gehouden.
14. Nijverseel en de kerk O.L.Vrouw Middelares.
.jpg)
Bij Koninklijk Besluit van 28 juli 1937 werd de parochie Nijverseel gesticht.
Het stemmige kerkje werd gebouwd naar de plannen van de Opwijkse architect Paul Semal.
Op 30 juli 1939 werd de kerk officieel
ingewijd. De beelden O.L.Vrouw Middelares, H.Hart, St.-Jozef en de levensgrote
eiken Christus zijn werken van de beeldhouwer Jef De Somer uit Erpe.
Het kruisbeeld voor de absis is werk van Joos De Somer.
15. Kapel O.L.Vrouw van het H.Hart
Reeds meer dan 150 jaar prijkt hier deze monumentale kapel midden prachtige kastanjebomen. Het is een typische burenkapel die hier rond 1835 gebouwd werd door de mildheid van enkele welstellende boeren van dit gehucht.
Het pleisteren beeld van O.L.Vrouw van het H.Hart is een uitzonderlijk afgietsel van een model dat slechts heel tijdelijk vervaardigd werd en zijn oorsprong vindt bij Bourges in Frankrijk.
Het O.L.Vrouw beeld, met centraal voor zich het kind Jezus werd door de kerkelijke overheid niet goedgekeurd. De O.L.Vrouw figuur werd te groot bevonden tegenover het kind Jezus.
16. St.-Pieterskerk van Mazenzele

De St.-Pieterskerk van Mazenzele is langs de buitenkant alleen al merkwaardig om haar 13de eeuwse gotische toren.
Het schip van deze kerk dateert uit 1835. De toren is opgeblazen geweest in 1914 en hersteld in 1923. De laatste algehele restauratie dateert uit 1957.
Op één van de zijaltaren staat een mooie gepolychromeerde St.-Pietersbeeld (eigendom van de St.-Pietersgilde).
Achteraan hangt een fraai schilderij van Gaspar De Crayer en dateert uit de 17de eeuw.
De kruisweg is van de Opwijkse keramist Dries Van den Broeck. De oorspronkelijke kruisweg bevindt zich in Japan. Eén van de vorige pastoors van Mazenzele deed het cadeau aan de Mazenzeelse missionaris William Michiels.
Het oorspronkelijke kerkorgel verhuisde naar de kerk van Nijverseel.
Andere kunstschatten zijn veiligheidshalve geborgen in de pastorij rechtover de kerk. Deze pastorij dateert uit 1777.
Vroeger was Mazenzele bekend om zijn begankenis voor kinderen die niet konden lopen.
17. Den Dries
Deze Dries is een dorpsplein van het Frankische type.
Dit driehoekige plein is eigendom van de St.-Pietersgilde. Het is 1 ha 32 a en 30 ca groot en is verdeeld in 28 delen waarvan evenveel gildebroeders eigenaar zijn.
Hier staat ook de staande wip waar de schuttersgilde haar jaarlijkse koningsschieting houdt op Sinksen.
18. Kintskapel
.jpg)
Deze oudste Opwijkse kapel is toegewijd aan de H. Rochus.
Deze kapel werd in 1770 gebouwd in opdracht van de legendarische juffrouw ’t Kint. Bij deze kapel heeft vroeger een pachthof gestaan, midden uitgestrekte domeinen waarvan de nalatenschap van juffrouw ’t Kint, na bijna 200 jaar, nog steeds betwist wordt.
Deze kapel met laat barokke voorgevel werd hier in 1770 gebouwd als herdenking een de vreselijke pestjaren.
De H. Rochus is patroon tegen de pest !
19. St.-Jozefkerk Droeshout

Deze parochie werd gesticht in 1895.
De huidige parochiezaal aan de steenweg was de voorlopige kerk bij de stichting, men kan dit merken aan de bouwstijl van de gevels.
De huidige kerk werd gebouwd in 1910-1911. Het hoofdaltaar en het St.-Jozef altaar werden gebouwd met marmer van het voormalige altaar van het Groot Seminarie van Mechelen.
Het houten zijaltaar links is het oorspronkelijke altaar uit de vroegere kerk. De preekstoel werd gemaakt in de artisanale school van de abdij van Maredsous.
De afsluiting van het oksaal is kunst en vakwerk van Karel Lateur.
Met een marmeren gedenkplaat brengt men hulde aan de vroegere pastoors.
20. Watertoren
.jpg)
Deze watertoren werd voor het eerst in gebruik genomen in 1955.
Het water in dit torenreservoir, met een inhoud van 1000 kubieke meter, komt vanuit de spaarbekkens van Meerbeek bij Leuven.
Vanaf deze watertoren wordt het waterleidingsnet van de N.W. Brabant bediend.
21. Molen van Mazenzele
Deze molen wordt in Mazenzele meestal “de stenen molen” genoemd. Spijtig genoeg zijn de wieken van deze molen verdwenen.
De molen werd voor het eerst in gebruik genomen in 1849 en tot voor kort werd hier dagelijks nog gemalen.