Kijken naar een tweekleppige schelp
Elke schelp heeft een aantal elementen die van belang zijn voor het bepalen van de soort. Elke soort heeft immers haar eigen typische kenmerken. Op deze bladzijde maak je kennis met die verschillende elementen.
BUITENKANT
Wanneer we een schelp vinden, kijken we meestal eerst naar de buitenkant.
Daar is natuurlijk wel wat te zien.
de vorm vb. rond, driehoekig, ovaal, amandelvormig, langwerpig, ...
de top vb. klein, steekt ver uit, in het midden, gebogen, ...
de rand vb. mooi glad, gezaagd, ...
de kleuren Een zelfde soort kan in meerdere kleuren voorkomen.
de radiale ribben Dit zijn de ribbels die van de top naar de rand lopen. vb. kokkel
de concentrische ribben Dit zijn de ribbels die in kringen rond de top liggen.
vb. venusschelp
de tekening vb. de stralen bij de grote strandschelp, ...
de groeilijnen Dit zijn de lijnen gevormd door het groeien van de schelp.
de opperhuid Het bovenste laagje van de schelp. Slijt vlug af.
bijzonderheden vb. een geultje bij de ruwe boormossel, ...
BINNENKANT
Maar ook de binnenkant is bij elke schelp weer verschillend.
De twee foto's hieronder tonen de binnenkant van dezelfde schelp. Op de tweede foto hebben we enkele lijnen getekend met bijhorende namen. Zie je links wat er rechts is aangeduid?
Die tekening aan de binnenkant van de schelp is bij elke soort verschillend. Helaas is bij sommige (vooral oude) schelpen deze tekening niet goed meer te zien.

Wil je weten of je een linker- of een rechterklep van een schelp gevonden hebt? De schelp met de mantelbocht links is de linkerklep, de schelp met de mantelbocht rechts is de rechterklep. De schelp op de foto hierboven is dus de linkerklep.
Bij schelpen zonder mantelbocht is dat wel wat moeilijker. Dan moet je kijken in welke richting de top wijst. De top wijst naar de voorkant. Vanaf de buitenkant gezien is de schelp met de top naar links gebogen, de linkerklep. Bij sommige schelpen is ook dat moeilijk te zien!

HET SLOT
Een levend schelpdier kan zijn twee kleppen open en dicht doen. De twee kleppen passen precies op en in elkaar door het slot. Dat slot zit aan de binnenzijde van de top. Elke soort heeft haar eigen typische slot. Op de volgende foto's zie je de onderdelen van een slot.
cardinale tanden 'Cardinale' tand betekent 'voornaamste, belangrijkste tand, hoofdtand'.
laterale tanden 'Laterale' tand betekent 'zijdelingse tand, tand aan de zijkant'.
chondrofoor Lepelvormig vergroeide tanden in linkerklep van sommige tweekleppigen of driehoekig stukje in de bijhorende rechterklep. vb.ruwe boormossel
Soms spreekt men ook over een heterodont slot en een taxodont slot. Een heterodont slot heeft verschillend gevormde tanden, een taxodont slot heeft gelijk gevormde tanden.
heterodont slot taxodont slot
HET LIGAMENT OF SLOTBAND
De twee kleppen van de schelp worden door een hoornachtige band, slotband of ligament bijeen gehouden. De slotband bevindt zich aan de buiten- of aan de binnenkant bij de top.
Sommige schelpen hebben geen ligament of slotband. De schelpen worden door het dier zelf bij elkaar gehouden. Deze dieren graven zich in door beide schelphelften afwisselend te bewegen. Van deze soorten zal je dus nooit doubletten vinden, tenzij het dier nog leeft. vb. de witte boormossel