wulk wulk of kinkhoorn
Buccinum undatum (Linnaeus)

Grootte: tot 10cm

De naam is ontstaan uit wilk, welk (in het oudengels 'weoloc' 'slaksoort'. In Oostende noemt men ze 'wullok'.De naam betekent eigenlijk 'de gewondene' = met windingen.
Kink eigenlijk kronkel . In het middelnederlands 'kink' = opgerolde slak. Kinkhoorn = opgerolde hoorn, hoorn met windingen.

eikapsel wulk Grote, stevige schelp. De laatste winding tot bijna 2/3 van de totale hoogte. De mondopening is zeer groot, tot bijna de helft van de schelp. Geel tot bruinachtig met donkere spiraalrichels.
Er bestaat een variëteit waar de windingen hoger oplopen. De bovenste windingen zijn meer uitgerokken. De mondopening is dan kleiner t.o.v. de hele schelp. Lege schelpen worden vaak door heremietkreeften bewoond.
Het geheel van de eikapsels van de wulk (zie foto onder) ziet eruit als een spons.