Vereniging ter Promotie van Belgische Neerhofdieren


Vereniging

Grote hoenders

Krielen

Watervogels

Parkvogels
Duiven

Activiteiten

Vraag & aanbod  

Nuttige info

Links

 

Krielen

|Aarschotse kriel  |Bosvoordse baardkriel |Doornikse kriel |Grubbe baardkriel |Tiense vechtkriel
|Antwerpse baardkriel |Brabantse kriel |Everbergse baardkriel |Hervekriel |Ukkelse baardkriel
|Ardennerkriel |Brakelkriel |Famennekriel |Luikse vechtkriel |Waasse kriel
|Bassette |Brugse vechtkriel |Gele van Mehaigne |Mechelse kriel |Watermaalse baardkriel
|Belgische kriel

Antwerpse baardkriel

Antwerpse baardkrielhaan zwart

 

Herkomst : De Antwerpse stamt zeker af van de gebaarde krielhoenders die reeds eeuwen geleden in de Nederlanden voorkwamen en vereeuwigd werden op het doek van menig schilder. Wanneer de selectie van dit ras begonnen is, weet men niet zeker maar in 1858 vernoemt Ch. Jacques het ras uitdrukkelijk onder de naam ‘Race naine coucou dite d’Anvers’. Op het einde van de negentiende eeuw nam de belangstelling toe en werd er zeer zwaar geselecteerd. Het duurde dan ook niet lang of de Antwerpse werd een bekende verschijning op alle grote pluimveetentoonstellingen in ons land. In 1904 werd dan te Brussel de ‘Club Avicole du Barbu Nain’ opgericht met in het bestuur verscheidene klinkende namen van baronnen, graven en industriëlen. Het succes van deze club was enorm. Ze telde meer dan 450 leden en er werd bijna wekelijks vergaderd. In 1910 werden er reeds 9300 Antwerpse baardkrielen geringd waarvan er bijna 3000 ingeschreven waren in de stamboeken van de speciaalclub. De fenomenale bloei van de Antwerpse werd door de oorlog bruusk tot stilstand gebracht. Toch wist het ras de oorlog beter te overleven dan vele andere van onze rassen. Er werd zelfs in volle oorlogsjaren een speciaalclub opgericht te Antwerpen. De spectaculaire aantallen tentoongestelde dieren van voor de oorlog werden misschien wel nooit meer gehaald maar de verovering van de rest van de wereld is blijven doorgaan.

 

Eigenschappen : De Antwerpse is vooral geschikt voor het houden in kleine ruimtes. De diertjes zijn levendig van aard maar worden gemakkelijk handtam. De fok levert haast nooit problemen op. De hennetjes leggen kleine witte tot crèmekleurige eitjes en broeden die zelf uit. De kuikentjes groeien meestal vlot op.

Uiterlijke kenmerken : De Antwerpse is een sierlijke kleine en gedrongen kriel met een kenmerkend asymmetrisch type. Dit wil zeggen dat in profiel gezien de voorste helft van het lichaam de totaalindruk overheerst. De borst is zeer breed en wordt tamelijk opgeheven en naar voren gedragen, hetgeen deze kriel een heel fiere en alerte uitstraling geeft. Een zeer volle driedelige baard is het handelskenmerk van de Antwerpse. Het halsbehang is zeer sterk ontwikkeld en vormt als het ware opstaande manen. Het kammetje is een fijn rozekammetje dat vlak tegen de schedel ligt en de ronding van de kop volgt. De staart wordt bij de haantjes bijna verticaal gedragen en is niet bijzonder weelderig ontwikkeld.

Kleurslagen : Dit ras is erkend in een zeer groot aantal kleuren en regelmatig komen er daar nog bij. De meest typische kleur is tegenwoordig ongetwijfeld kwartel hoewel dit oorspronkelijk koekoek was. De erkende kleurslagen zijn wit, zwart, blauw, parelgrijs, buff, rood, gezoomd blauw, koekoek, kwartel, blauwkwartel, zilverkwartel, blauwzilverkwartel, duizendkleur, isabelporselein, okerwitporselein, zwart witgepareld, blauw witgepareld, parelgrijs witgepareld, zwartbont, blauwbont, parelgrijsbont, patrijs, zilverpatrijs, witpatrijs, wit zwartcolumbia, wit blauwcolumbia, buff zwartcolumbia en buff blauwcolumbia. In het buitenland bestaan er ook nog andere kleurslagen zoals berken, parelgrijszilverkwartel, blauwpatrijs en zilver zwartgezoomd.

Status : Populairste Belgische ras met wereldwijde verspreiding en speciaalclubs in quasi alle continenten. De beste kwaliteit vindt men in België, Duitsland en Nederland.

Zwarte Antwerpse baardkrielhen
Foto: F. Hendrickx