DE  EERSTE  RADIO  ONTVANGST TE  ANZEGEM Na de eerste wereldoorlog in 1919 was Hector Vandenabeele pastoor te Anzegem. Hij was de stichter van de avondschool in Anzegem en werd in 1923 benoemd te Ieper als bestuurder van het H. Hart gesticht. Een van zijn onderpastoors was Richard Dedeurwaerder, geboren in 1880 te Zwevegem, was legeralmoezenier geweest in de oorlog 14-18 en in 1922 aangesteld tot onderpastoor, hij overleed in het jaar 1926. Het was de onderpastoor Dedeurwaerder die in 1922 als eerste in Anzegem radiosignalen ontving van uit Londen en Parijs. Hij woonde toen in de Kerkstraat, een woning tussen Adolf Quatannens en Jules De Reycke. Hij had vanaf de stukgeschoten toren ( werd pas in 1926 hersteld) een antenne gespannen tot aan zijn woning . Een lengte van bijna 250 meter. In de oudheid was het de tam tam die de mogelijkheid gaf met elkaar te communiceren over grotere afstanden, later werden het optische signalen met vuur ( vuurtorens ) en pas in 1896 werden de eerste radiosignalen bruikbaar. Vanaf het jaar 1920 werden de eerste regelmatige uitzendingen van enkele uren per dag gestart vanuit Londen en in 1921 van uit Parijs. Mijn ouders mochten als  gebuur af en toe eens gaan luisteren en Mevr. G. Devos, toen als kind van 8 à 9 jaar, heeft  meerdere malen de koptelefoon mogen opzetten en kan daar nog over vertellen hoe ze het zwakke signaal van muziek kon horen en gesprekken in een taal die ze toen helemaal niet begreep. Onderpastoor Dedeurwaerder had namelijk zelf een ontvanger gebouwd met de toen reeds op de markt zijnde bouwdozen. Het was de kristalontvanger of galèneradio welke werkte zonder elektriciteit of batterij. Mijn ouders heb ik herhaalde keren horen vertellen over dat gebeuren en de sensatie er om heen. Toen ik negen jaar was wisten zij me te vertellen dat ze van hun huwelijksreis in 1929 naar Lourdes enkele galènesteentjes hadden medegebracht, welke ze hadden gevonden in de Cirque de Gavarnie in de Pyreneen, dat men met zulke steentjes een radioontvanger kon bouwen. Dat was de start: ik zou een galèneradio bouwen en meteen op zoek naar boeken en tijdschriften over radioontvangers. En zo is alles begonnen, enkele maanden later had ik een eerste ontvanger gebouwd en later volgden er meer ingewikkelde toestellen. Gedurende de oorlog bouwden we samen met een buurman de hr. Declerq Adolf een paar ontvangers voor de witte bende, onderandere voor Furniere Gilbert. Onder de oorlog in 1943, op internaat in het college, had ik een klein doch degelijk ontvangertje verstopt in het deksel van een koffer samen met een kaderantenne. Hiermede kon ik het NIR ontvangen en radio Lille. In de jaren 1929 en 1930 werden de galèneposten vervangen door radio's met lampen en afzonderlijke luidsprekers. Er waren een tiental huisgezinnen in Anzegem die een dergelijke radio aangeschaft hadden, het waren vooral de merken Philips en Telefunken. De luidspreker was een afzonderlijk stuk en was toen nog niet ingebouwd. Zo had ons vader op een mooie zomerdag de luidspreker in de hof geplaatst voor het beluisteren van muziek, toen op het middaguur het nieuws gesproken werd riep de toen tachtig jarige buurman Veys met lange witte baard aan de overkant van de haag:  " Meester het spookt in dien bak!!! dat kan toch niet!!! " Ons vader heeft met veel moeite de man kunnen bedaren, want voor hem was het een spook. galènepost Dit was de radio van Meester Joseph Quatannens van Ingooigem 1928 Dit  was de radio van  Meester Prudent Devogelaere  te   Anzegem in 1929         Telefunken 40W   1929 De geschiedenis van de radio DE RADIO IN BELGIË   In 1907 werden door R. GOLDSCHMIDT en M. PHILIPSSON proeven gedaan vanaf het justitiepaleis te Brussel naar Tervuren, de citadelle van Namen en het observatorium te Luik. In 1913 heeft de Italiaanse ingenieur MARZI een radio proefstation gebouwd in een deel van het koninklijk paleis te Laken. De eerste radiophonische concerten van Europa werden er uitgezonden. In 1914 heeft koning Albert in het koninglijk paleis een ontvangstpost geinstalleerd. Ingenieur BRAILLARD bestuurd een eerste technische TSF school in Laeken. Bij het uitbreken van de oorlog werden alle installaties vernietigd. In 1922 La Société Belge de Radio électricté ( SBR ) begint radio's te bouwen in serie. In 1923  SBR installeert een zender van 150 Watt op 400 m golflengte. In 1924 werd Radio Bruxelles officieel Radio Belgique genoemd. Het waren uitsluitend concerten welke men toen uitzond. OP 30/03/1924 om 22 uur werd voor de eerste keer gesproken informatie uitgezonden. Het waren artikels uit de pers. Op 01/11/1926 leest T. Fleischman als eerste het gesproken nieuws van Radio Belge. Op 15/03/1928 doet Radio Schaerbeek zijn eerste stappen. In 1928 beschikt België over twee officiele radio's: Radio Belgique en français en N.V. Radio in het nederlands. In Juni 1930 werd bij wet : Institut Nationale Belge de Radiodiffusion  I.N.R en krijgt drie golflengten toegewezen. In 1930 waren er reeds   76.872  radio's In 1931.........................200.000  in 1934  600.000 en in 1939 reeds 1.148.659 radio's. In begin der jaren dertig betaalde men respectievelijk 20 en 60 Bfr jaarlijkse taks voor een galèneontvanger en een lampenontvanger. In diezelfde jaren werden de privaatzenders gestart met onderandere de in 1928 gestichte West Vlaamse radioomroep met zender te Vichte ( Een van de stichters was meester Jozef Quatannens van Ingooigem.) De senioren hebben allemaal de evolutie kunnen meemaken... en nu vindt iedereen het normaal...een radio aan bed, in de  woonkamer, keuken en in de auto en zelfs een wandelradio. Dit alles hebben we te danken aan de hiervoor genoemde pioniers. WERKING VAN EEN KRISTALRADIO Het grondprinciepe van een radio is het detecteren van de radiogolven en daarvoor hebben we nodig: Een antenne om de golven te kunnen ontvangen Een afstemkring om de gekozen frequentie te kunnen selecteren Een detector ( galènekristal) Een koptelefoon Om iets te ontvangen moet er ergens anders iets verstuurd worden. Dit geschiedt in de zendstations. Een microfoon vangt geluiden op een membraan, die ze omzet in elektrische signalen, deze worden versterkt en omgevormd in elektromagnetische golven voortgebracht door een oscilator. Deze bouwt ladingen op over een condensator die zich ontlaadt in een spoel en hierdoor worden EM radiogolven afgegeven. Als deze stroom door de antenne vloeit ontstaan radiogolven door de uitbreiding en inkrimping van de magnetische en elektrische velden rond de antenne in dezelfde frequentie als de trillingen. De antenne straalt EM energie uit in pieken en dalen op een bepaalde frequentie. Als de radiogolven die we niet kunnen zien of horen op een radioantenne vallen, veroorzaken deze een stroom in de antenne, juist zoals een magneet die langs een spoel wordt bewogen en een spanning induceert. Deze wisselstroom heeft dezelfde frequentie als de radiogolven. Deze golven worden omgezet in elektrische signalen in juiste overeenstemming met de zendfrequentie. Een detector verwijdert de draagfrequentie uit het signaal en een afstemcondensator zorgt voor de juiste selectie van de zender die men graag wil horen en dit gebeurt met de koptelefoon. galènesteen galènesteen gemonteerd in een houder Koptelefoons een eenvoudig, een beter en een beste schema voor het bouwen van een ontvanger De galène: is een kristal van zwavellood ( cristal de sulfure de plomb ). Het is een kristalsteen van donkergrijze kleur met verscheidene zilverkleurige vlakken. Men vindt deze kristallen of galènesteentjes in de loodmijnen in Frankrijk en vooral in Bretagne en in de Pyreneen. Twee Amerikaanse opzoekers DUNWOODY en PICHARD ontdekten in 1910 dat dit kristal de eigenschap had een wisselstroom van hoge frequentie slechts door te laten in  één  richting ( later werd de diode hiervoor gebruikt ) en de golven te detecteren voor deze hoorbaar te maken voor muziek of gesprek in de koptelefoon. Men plaatste een stukje galène in een geleidend voetje en met een scharnierend mechanisme voorzien van een scherp veertje werd het steentje afgezocht om het gevoeligste punt te vinden op dat stukje galène. De eerste ontvangers waren enkel uitgerust met een antenne aansluiting de galènezoeker een goede koptelefoon en een aarding. Later werden een of meerdere circuits bijgeplaatst om de gevoeligheid en de selectiviteit te verhogen. Zo een bijgeplaatste eerste circuit of regelbare circuit is samengesteld uit spoelen met regelbare windingen en parallel geschakeld met vaste of regelbare condensatoren om een juiste afstemming te bekomen op een wel bepaalde te berekenen frequentie. Volgens de lengte van de antenne kan men zenders ontvangen die tot 300 km veraf gelegen zijn. De sterkte van de ontvangst was zeer zwak maar van uitstekende muzikale kwaliteit. De meeste jongens hebben in de jaren dertig bij middel van een bouwdoos een kristalontvanger gebouwd er heel wat bij geleerd en ook soms geluisterd tot een stuk in de nacht.... tot ze er bij in slaap vielen. In dezelfde periode is de radio zeer snel geevolueerd en bijna elk huis had zijn radio  nog voor de tweede wereldoorlog Zo waren de eerste ontvangers gebouwd 11