JAPANSE MEEUWEN                                                                                          The Belgian Bengalese site                                                                                                  copyright ©Edwin Gilson  
ARTIKELS




 

JAPANSE MEEUWEN SEXEN.

Japanse Meeuwen vertonen, net zoals andere lonchura’s , geen uiterlijke geslachtsverschillen. Dit maakt het niet gemakkelijk om kweekkoppels samen te stellen of om vogels bij te kopen.

Toch zijn en verschillen die ons kunnen helpen.

DE ZANG.

Het sexen van de vogels kan men best beginnen als de jonge vogels een 6-tal weken oud zijn. Jonge mannen beginnen dan met het oefenen van de zang (zonder dat het als een baltszang kan aanzien worden). Als men een vogel ziet zingen is het aangewezen deze uit te vangen en het ringnummer te noteren. Ook is het praktisch deze te voorzien van een kleurring of deze bij andere mannen in een kooi of volière onder te brengen.

Na verloop van tijd kan me de resterende jongen in een kooi of volière bij de poppen plaatsten. Mocht er dan nog een man bijzitten dan is de kans groot dat deze  begint te zingen.

Sommige mannen zingen zeer zelden en het is mij al overkomen dat ik bij nader inzien twee mannen in de kweekkooi had geplaatst.

De lokroep.

De lokroep van man en pop zijn verschillend.

De lokroep van de man is langgerekt en klinkt als “(q)oui” of “joök-joök”.
De lokroep van de pop is kort en klinkt als “brrt”, “tr-tr-tr” of “britt”.

Bij de pop zal men dus altijd een “r” in de lokroep horen.

DE OGEN.

Bij de man ligt de onderste oogrand iets boven het verlengde van de scheidingslijn tussen onder- en bovensnavel .
Bij de pop ligt de onderste oogrand iets onder het verlengde van de scheidingslijn tussen onder- en bovensnavel .

De stand van de staart.

Men laat voorzichtig de vogel met zijn kop tussen midden- en wijsvinger hangen. Is de vogel rustig dan zal:

- bij de man de staart in het verlengde van het lichaam hangen,
- bij de pop de staart opgericht staan.

DE PENDEL.

Het gebruik van de pendel bij geslachtsbepaling is omstreden. Bij sommige liefhebbers werkt het vrij goed, bij anderen niet. Als men een stukje metaal aan een koordje hangt heeft men een pendel. Men neemt de vogel in de hand met de buikzijde naar boven en men hangt de pendel iets boven de aars. De pendel begint te bewegen en:

- bij de man zal deze in de dwarsrichting van het lichaam slingeren,
- bij de pop zal deze een ronddraaiende beweging maken.

Besluit:

De zang geeft absolute zekerheid dat men met een man te maken heeft.
Het onderscheid tussen de lokroep tussen man en pop is betrouwbaar bij het vaststellen  het geslacht.

Als men vogels aan schaft waarvan het geslacht niet gekend is en er geen zang of lokroep te horen is kan men eventueel voortgaan op de stand van de ogen en staart of de pendel gebruiken.