JAPANSE MEEUWEN                                                                                          The Belgian Bengalese site                                                                                                  copyright ©Edwin Gilson  
ARTIKELS




 

KWEEK EN VERERVING VAN DE JAPANSE MEEUWEN

SPLITVOGELS

Onder splitvogels verstaan we vogels die één of meerdere kleuren maskeren.
Splitvogels zijn in de meeste gevallen te herkennen door hun afwijkende kleureigenschappen ten opzichte van de standaard.
Hoewel deze vogels voor de tentoonstelling niet bruikbaar zijn kunnen ze in de kweek in sommige gevallen goede diensten bewijzen.

In de kweek van geslachtsgebonden ino's, recessieve albino's en witten zijn splitvogels onontbeerlijk.

Indien men splitvogels wil kweken moet men dit zeer beperkt en weloverwogen doen. Splitvogels kweken heeft maar zin als men hiermee vogels van een kleurslag kan verbeteren.

Bij het samenstellen van koppels om splitvogels te kweken, mogen volgende punten niet over het hoofd gezien worden:
- De vogel waaruit men splitten wenst te kweken, moet van zeer goede kwaliteit zijn en de eigenschappen bezitten die men in de andere kleurslag wenst in te kweken en die aanvullend werken op deze van de partner. Hiermee wordt nogmaals onderstreept dat het onmisbaar is goede vogels van de klassieke kleurslagen te hebben. Ze kunnen ons helpen bij het verbeteren van de recentere kleurslagen/mutaties.
- De vogel waaruit men splitten wenst te kweken, moet de eigenschappen bezitten die aanvullend werken op deze van de partner.

- De vogel waaruit men splitten wenst te kweken, moet een kleurslag hebben welke samen gaat met deze van de partner.
Niet alle kleurslagen kunnen met succes gecombineerd worden.

Bij de selectie van splitvogels mogen volgende punten mogen niet over het hoofd gezien worden:
- De splitvogels waarmee men verder kweekt moeten beter zijn dan de vader of moeder wiens kleur hij maskeert.
- Het is niet zinvol generaties na elkaar splitvogels uit spinvogels te kweken. De gewenste kwaliteit gaat zo verloren. Beter is elk jaar of om de twee jaar nieuwe splitvogels te kweken en dit zolang het nodig blijkt.
- Het is niet aangewezen met splitvogels te kweken welke split kunnen zijn voor meerdere kleurslagen of waarvan men niet weet voor wat ze split zijn. Dit schaadt de kwaliteit en men zal veel tussenkleuren (miskleuren) kweken. Tevens zal men nauwelijks meer kunnen voorspellen welke kleur de jongen zullen hebben en wat
te vererven.

Een tabel geeft u een idee van welke kleurslagen zinvol met elkaar te combineren zijn. Hierover zal verder uitgeweid worden bij de bespreking van de diverse kleurslagen.

ALGEMENE RAADGEVINGEN VOOR DE KWEEK

1. Een goede stam opbouwen is een kwestie van geduid en kennis.

2. Concentreer u in de eerste plaats op de kwaliteit. De kwantiteit komt op de tweede plaats. Beperk u tot één kleurslag of meerdere kleurslagen die met elkaar te combineren vallen.

3. Goede tentoonstellingsvogels zijn niet noodzakelijk goede kweekvogels.
Tentoonstellingsvogels worden alleen op hun uiterlijke kenmerken beoordeeld. Bij kweekvogels spelen de verborgen eigenschappen ook een zeer belangrijke rol. Sommige vogels geven hun goede eigenschappen in hogere mate aan hun nakomelingen door, bij andere is dit in veel geringere mate het geval.Houd bij de selectie van uw kweekvogels hier ook rekening mee. Dit is alleen mogelijk als men de afstamming van de vogel kent. Een goed kweekboek waarbij van elke vogel enkele bijzonderheden staan vermeld is onontbeerlijk.

4. Een goed kweekkoppel bestaat uit twee vogels die elkaar aanvullen; m.a.w. wat bij de ene ontbreekt wordt door de andere aangevuld.
Een goed kweekkoppel geeft jongen waarbij de goede kwaliteiten van beide oudervogels zichtbaar samengebracht zijn.

5.
"Never change a winning team"`: d.w.z. houd de zeer goede koppels een gans kweekseizoen samen. Heeft men koppels, bestaande uit kwaliteitsvogels, die geen bevredigende resultaten geven dan kan men deze splitsen en een nieuwe combinatie samenstellen.

6. Selecteer streng en met de standaardeisen voor ogen. Plaats na de kweek de jongen en de ouders in tentoonstellingskooien. Hierdoor krijgt men een algemeen beeld van de kwaliteit en krijgt men een idee welke verborgen eigenschappen de ouders en de jongen kunnen bezitten. Selecteer zowel op de zichtbare (fenotype) ais de onzichtbare eigenschappen(genotype).

7.
Kweek nooit met vogels met meer dan één minder goede of slechte eigenschap: het is al moeilijk genoeg één slechte eigenschap uit te kweken.
Slechte eigenschappen bij de Japanse Meeuwen zijn
o.a.:
- tweekleurige bovensnavel,
- te lichte poten,
- onregelmatige visgraattekening.
- geloverde borstband,
- ontbrekende nerftekening,
- te klein formaat.
- slechte houding.

8. De ideale combinatie is intensief (kortbevederd) of medium x schimmel (langbevederd).
Paar nooit twee schimmel vogels aan elkaar.

9
. Kweek alleen met kwaliteitsvogels van een goede afstamming. Uit een minderwaardig koppel kan wel eens een goede vogel te voorschijn komen, maar vergeet echter niet dat deze vogel de minder goede eigenschappen van de ouders in zich draagt.

10. Inteelt of lijnenteelt kan zeer goede resultaten geven
maar men moet hiervoor over goede vogels beschikken waarvan men de afstamming en de eigenschappen kent.

11. KWEEK DE KLEURSLAGEN RASZUIVER! Om de kwaliteit te verbeteren
kunnen we wel eens doelbewust met splitvogels werken doch houd dit onder controle.

12. Volharden is de boodschap,
laat U niet ontmoedigen door een minder goed resultaat.

13. Goede vogels kweken is één zaak, goede tentoonstelingsresultaten behalen is een andere!
Alleen vogels in optimale conditie zullen op de tentoonstelling de verwachte resultaten behalen.