|
ALGEMENE OMSCHRIJVING

Grootte: Gemeten van
snavelpunt tot staartpunt moet de Japanse Meeuw ongeveer 13 zijn.
Vorm: Een Japanse meeuw
heeft een forse indruken getuigt van een zekere elegantie.
Deze eigenschappen zijn het
gevolg van:
- een
brede schedel
- een goed gevulde nek
- een brede en afgeronde borst
- een breed en vol achterlijf
- relatief korte vleugels
- een trapsgewijs gevormde staart waarvan de middelste twee staartpennen
lancetvormig en verlengd zijn.
Houding: Een Japanse
Meeuw moet rustig op de stok zitten en heeft een opgerichte houding
waarbij de ruglijn een hoek van ongeveer 35° vormt t.o.v. een
horizontale.
Verder dient de vogel aan
volgende eisen te voldoen:
- de
neklijn vormt een zacht glooiende invallende lijn
- de ruglijn is licht hol gebogen
- de staart toont iets hoger dan het verlengde van de ruglijn
- de borst- buiklijn zal regelmatig gebogen zijn
- de vleugels dienen strak langs het Iichaam gedragen te worden waarbij
de uiteinden elkaar op de stuit raken.
Vogels die niet op stok blijven
kunnen niet naar behoren gekeurd worden en worden bestraft.
Conditie: Een Japanse
Meeuw in optimale conditie vertoont een levendige en gezonde indruk.
De bevedering moet zuiver, glanzend, gesloten, ongeschonden en volledig
zijn.Zieke vogels of vogels waarbij lichaamsdelen ontbreken, vervormd of
onvolledig zijn komen niet in aanmerking voor tentoonstelling.
Kleur: De deur moet zo dicht mogelijk de kleuromschrijving van de
"kleur- en tekeningstandaard" benaderen moet bovendien zo egaal
mogelijk zijn (tenzij anders vermeld).Voorgeschreven kleurnuances zullen
geleidelijk in elkaar overvloeien. Met het voorvoegsel "diep" wordt
enkel een lichte kleurnuance bedoeld.
Tekening:
a. Nerftekening: De veren op het achterhoofd,
nek, zadel, vleugeldek- en staartdekveren hebben een lichter gekleurde
schacht. Dit veroorzaakt een streepjeseffect volgens de lengteas valt de
vogel.
b. Borst: Van vleugelbocht tot vleugelbocht loopt een
ononderbroken gebogen lijn welke de kleur van de borst en de buik van
elkaar onderscheidt. Bleek omzoomde borstveren zijn foutief.
c. Visgraattekening: Vanaf de borstaflijning tot aan de
aarstreek, doorlopend op flanken en stuit, bevindt zich een
visgraattekening met volgende kenmerken:
-V-vormig en naar de punt toe gesloten
- scherp en symmetrisch
- regelmatig van grootte: onder de borst mag deze wel iets korter dan op
de flanken
- de visgraattekening moet doorlopen tussen de poten.
Kop en snavel:
De
kop moet een ronde gebogen lijn vormen (zonder afplatting).De snavel
moet vrij kort, kegelvormig en gaaf zijn. Beide snaveldelen moeten goed
op elkaar aansluiten. Van opzij gezien moet de bovensnavel en het
voorhoofd op een vloeiende lijn liggen.
Poten: Beide poten zijn
voorzien van drie voortenen en één achterteen die de stok stevig
omklemmen. Elke teen is voorzien van een licht gebogen nagel van de
goede lengte. Poten, tenen en nagels moeten normaal ontwikkeld en gaaf
zijn.
Ogen : De ogen bevinden
zich juist boven het verlengde van de snavelsnede en liggen op het midden van de lijn tussen
snavelpunt en achterhoofd. De ogen moeten rond en glanzend zijn. De
pupil is iets donkerder.
Kuif: De kuif moet
rosetvormig zijn, uitwaaieren vanuit één middelpunt en afhangen tot een
lijn boven de ogen. Opstaande veertjes en/of dubbele kuiven zijn fout.
Kleuroverzicht
De Japanse Meeuwen kunnen we onderbrengen in
drie grote series; nl. de volkleurserie, de bontserie en de
vedermutaties.
Wat zijn de voorwaarden opdat een kleurslag(vedermutatie) in
standaardeisen kan opgenomen worden?
1.
De vererving van de kleurslag(vedermutatie) moet vastgelegd zijn.
2.
De kleurslag(vedermutatie) moet fokzuiver te kweken zijn.
3.
De kleurslag(vedermutatie) moet duidelijk te onderkennen zijn van andere
bestaande kleurslagen(vedermutaties)
4.
Per mutatie kan slechts één verschijningsvorm erkend worden.
Bij iedere kleurslag is
een zo getrouw mogelijke kleuromschrijving geplaatst. De
bijgeplaatste foto's zijn niet noodzakelijk het ideaalbeeld maar
zijn een illustratie van de kleurslag.
Voor de standaardeisen verwijs ik
naar deze van de Nationale bonden; K.B.O.F., A.O.B., N.B.v.V. en
A.N.B.v.V.
VOLKLEURSERIE
|
|
|
|
|
|
Zwartbruin |
|
|
Zwartgrijs |
|
|
|
|
Mokkabruin |
|
|
Mokkagrijs |
|
|
|
|
Roodbruin |
|
|
Roodgrijs |
|
pastel serie |
|
Pastel mokkabruin |
|
|
Pastel mokkagrijs |
|
|
|
|
Pastel roodbruin |
|
|
Pastel roodgrijs |
|
bleekvleugel serie
|
|
Bleekvl. mokkabruin |
|
|
Bleekvl.mokkagrijs |
|
|
|
|
Bleekvl. roodbruin |
|
|
Bleekvl.roodgrijs |
|
ino serie
|
|
Crème-ino |
|
|
Grijs-ino |
|
|
Albino |
|
gepareld serie |
|
Gepareld bruin |
|
|
Gepareld grijs |
|
BONTSERIE
|
|
BRUINSERIE
|
GRIJSSERIE
|
|
getekenden |
witkop |
Zwartbruin witkop |
|
|
Zwartgrijs witkop |
|
|
Mokkabruin witkop |
|
|
|
|
|
Roodbruin witkop |
|
|
witkop met oogring |
Zb witkop met oogring |
|
|
Zg witkop met oogring |
|
|
Mb witkop met oogring |
|
|
|
|
|
Rb witkop met oogring |
|
|
Witkop met kap |
Zb witkop met kap |
|
|
Zg witkop met kap |
|
|
Mb witkop met kap |
|
|
|
|
|
Rb witkop met kap |
|
|
Witkop met
oogstreep |
Zb witkop met oogstreep |
|
|
Zg witkop met oogstreep |
|
|
Mb witkop met oogstreep |
|
|
|
|
|
Rb witkop met oogstreep |
|
wit
|
VEDERMUTATIES
KUIF
|
In alle
erkende kleurslagen
|
|
FRISE |
hiervan is nog geen ideaalbeeld
opgemaakt |
|