Oorspronkelijk
kwam de waterpijp mogelijk uit
India (er zijn verschillende
theorieën), maar toen was
hij nog in zijn meest primitieve
vorm: een kokosnoot. Maar het
principe is hetzelfde gebleven:
een gedeeltelijk met water gevulde
fles rust een standaard met daarin
een brandende kooltjes en daarin
de tabak. De door het water afgekoelde
rook wordt via een lange slang
met een mondstuk aan het einde
opgezogen. Zijn populariteit
verspreidde zich tot Iran en
de rest van de Arabische wereld.
Er zijn vele benamingen: hookah,
shisha, narghile of hubbly-bubbly.
In Turkije
kende de waterpijp zijn grootste
opgang en veranderde niet meer
van stijl gedurende de laatste
paar honderd jaar. Tijdens
het Ottomaanse tijdperk werd
de waterpijp een object d'art
met flessen in kristal, gekleurd
glas en zilveren decoraties.
De nargile zelf bestaat uit
4 delen: het mondstuk, het
bovenstuk, de slang en het
onderste deel waar het water
in komt. Elk onderdeel werd
door ambachtslieden gemaakt
en de benamingen kwamen meestal
uit de streek waarin deze werden
gemaakt. In het verleden werd
het mondstuk in amber gemaakt,
omdat men toen geloofde dat
amber geen bacteriën kon
overbrengen.
De waterpijp
werd een onmisbaar element
in de coffeeshop cultuur. De
rokers (zowel mannen als vrouwen)
beleefden een uniek plezier
aan dit eenvoudige maar tevens
mooie rookinstrument en mettertijd
ontstonden er regels i.v.m.
het aansteken, het roken, etc.
Een ervaren roker besteed soms
wel drie uur aan de hele ceremonie
om een waterpijp te roken.
Zulke rokers hebben meestal
ook hun eigen persoonlijke
waterpijp in de coffeeshop,
deze wordt uit het zicht gezet
en door niemand anders gebruikt,
ook al komt de roker gedurende
enkele maanden niet opdagen.
Sommigen hebben dan weer steeds hun eigen zilveren mondstuk
op zak voor het geval iemand anders het amberen mondstuk
met zijn lippen zou hebben bezoedeld. Deze toegewijde rokers
hebben ook hun eigen tabak bij voor die ene ober die hij
vertrouwt. Deze weet exact hoeveel tabak te gebruiken en
hoeveel kool er bovenop te leggen.
Niet alle
tabakssoorten kwamen in aanmerking
om te roken in de waterpijp
en vooral de donkere tabak
uit Iran vond aanhang bij de
nargile roker. Deze tabak werd
verschillende keren gewassen
voor gebruik omdat deze erg
sterk is. Alleen de kolen van
eik werden gebruikt om de tabak
aan te steken en ervaren rokers
deden soms fruit (zoals kersen
of druiven) in de fles om te
genieten van de bewegingen
die deze dan maakten in het
water. Anderen deden dan weer
fruitsappen of rozenolie in
het water om de smaak aan te
passen.
Nu nog steeds prefereren de ouderen vooral de sterke tabak
van de grens met Syrië terwijl de jongeren liever de
fruitige smaken uit Egypte roken. Deze fruittabak is erg
populair en je hebt heel wat smaken: appel, meloen, kersen,
koffie, munt, ... In waterpijp-bars worden de waterpijpen
meestal per smaak gesorteerd want de smaak van de tabak blijft
in de smaak zitten en de volgende klant die dezelfde smaak
wil krijgt dezelfde pijp.
De rook is aanzienlijk koeler dan die van sigaretten en de schadelijke stoffen die we anders zouden inhaleren worden nu door het water vastgehouden. Absoluut taboe is om een sigaret aan te steken aan de kolen van een waterpijp daar dit het ritme verstoort van het branden van de kool. Iemand die waterpijp rookt kijkt ook met minachting naar sigaretten: deze zijn voor haastige, nerveuze en competitieve mensen. Een waterpijp roken daarentegen geeft tijd om na te denken, het leert je geduld, verdraagzaamheid en je leert goed gezelschap appreciëren. Nargile rokers hebben een visie ten opzichte van het leven dat veel meer uitgebalanceerd is dan die van de sigarettenroker.
Het roken van de waterpijp werd een belangrijk statussymbool en werd een teken van vertrouwen en de waterpijp niet doorgeven werd beschouwd als een ernstige belediging. Helaas heeft de massale opkomst van de sigaret de populariteit van de nargile doen minderen maar nog steeds zijn er mensen die alleen maar waterpijp roken.
Het is nog
niet zo lang geleden dat er
in elk koffiehuis in Turkije
een hoekje gereserveerd was
uitsluitend voor de waterpijproker.
Deze waren steeds de eersten
in de coffeeshop, als het nog
maar net licht was kwamen zij,
voor ze gingen werken, een
waterpijp roken zittend op
een kussen of op een sedir.
Nog steeds
zijn er koffiehuizen waar zowel
mannen als vrouwen een waterpijp
roken. Terwijl je zachtjes
het water hoort bubbelen in
de fles hoor je de geluiden
van domino- en backgammonstenen
terwijl de patroon van de zaak
in gedachten verzonken is.
Nooit wordt er luid gepraat
of is er veel lawaai. Alcohol
wordt niet geserveerd en meestal
wordt koffie of thee gedronken
tijdens het roken.
In vergeten
dagen rookten sommige sultans
een speciale mix van opium
en andere bestanddelen met
de waterpijp. Het gaat er echter
niet om wat in de pijp zit
maar wel om de hele ervaring
in zijn totaliteit. In nargile
cafés vind je altijd
goede mensen, oude mensen en
interessante mensen. Zo lang
er behoefte is aan gezelschap,
vriendschap, zo lang mensen
willen stilstaan om na te denken,
zullen er altijd waterpijpen
bestaan.
|