De brief voor de koning

Door Tonke Dragt

Dit boek gaat over Tiuri. Het begint in de kapel waar Tiuri zijn nachtwake moet doen om ridder te worden. Plots klopt er een oude man op de deur. Die geeft Tiuri de opdracht om een brief naar de zwarte ridder met het witte schild te brengen. Tiuri neemt het paard dat achter de kapel staat en gaat op weg. Hij komt langs de herberg waar de ridder zou verblijven maar daar was hij niet meer. De waard vertelt dat de zwarte ridder met het witte schild een tweegevecht is begonnen met de zwarte ridder met het rode schild. Dus Tiuri gaat verder.

Tiuri vind de zwarte ridder met het witte schild maar die is stervende. Hij geeft Tiuri de opdracht om de brief naar koning Unauwen te brengen die in het land aan de andere kant van de bergen regeert en geeft hem zijn ring. Tiuri aanvaardt de opdracht en gaat op pad. Maar eerst wil hij melden dat de ridder dood is.

Als Tiuri bij de herberg komt, ziet hij de eigenaar van het paard dat hij leende. Die zegt dat Tiuri het heeft gestolen en achtervolgt hem. Als Tiuri hem heeft afgeschud, neemt hij het paard van de zwarte ridder met het witte schild mee en vervolgt zijn reis.

Tiuri komt niemand tegen tot rovers hem overvallen. Ze willen de ring maar Tiuri weigert. Ze laten hem de ring houden maar ze nemen wel het paard mee. Later op die dag komt hij twee monniken tegen en die begeleiden hem naar hun klooster. De abt van dat klooster vertelt hem dat hij de volgende ochtend kan verder reizen naar kasteel Mistrinaut. Als hij daar aankomt, is het avond en gaat hij slapen.

De volgende ochtend sluiten de grauwe ridders Tiuri op in een torenkamer. De dochter van de kasteelheer brengt hem wapens (ze is een beetje verliefd op hem) en gaat weg. Daarna komt de kasteelheer en doet hetzelfde. De grauwe ridders komen hem ophalen en vallen hem aan omdat ze denken dat Tiuri de zwarte ridder met het witte schild heeft vermoord. Tiuri kan zich beschermen en uitleggen dat het de rode ruiters waren.

Daarna vertrekt Tiuri vergezeld door de grauwe ridders. De rode ruiters vallen hen onderweg aan! Maar ze kunnen hen overmeesteren. Dan komen ze aan bij een splitsing waar Tiuri de grauwe ridders moet verlaten.

Tiuri vervolgt zijn weg door de bergen. Onderweg vraagt iemand (Jaro) om mee te reizen maar Tiuri verwacht niet veel goeds. Als ze aankomen bij kluizenaar Menaures trekken ze voort maar met een gids: Piak. Piak besluit bessen te gaan halen en als hij weg is, vertelt Jaro dat hij bij de rode ruiters hoort en dat Tiuri moet oppassen voor Slupor, een andere spion van de rode ruiters.

Tiuri en Piak reizen verder over de bergen. Als ze aan de andere kant zijn, horen ze van Piak zijn oom dat er een rijke man elke maand naar Dangria reist en dat ze mee kunnen gaan met hem. In Dangria vraagt de burgemeester om bij hem te komen. Hij wil hen gevangen nemen. Maar ze kunnen ontkomen en trekken verder naar de Regenboogrivier maar daar schijnt tol te zijn. Ze proberen tijdens de nacht in een kapot bootje over te steken maar dat zinkt.

De volgende ochtend laat de tolheer hen opsluiten. Tiuri vertelt zijn opdracht aan de tolheer en laat de ring zien. Ze mogen verder en komen aan in een dorpje. Daar overnachten ze en daarna gaan ze verder naar de Maanheuvels. Als ze ergens midden in de Maanheuvels zijn, vinden ze een lijk.

Daarna komen ze 1 van de ridders van de tolheer tegen en die vergezelt hen tot bij het kasteel van ridder Iwijn. Daarna gaan Tiuri en Piak alleen verder. Ze komen aan in de stad van Unauwen, de hoofdstad van dat land. Daar zien ze een bedelaar (die later Slupor blijkt) die hen wil vermoorden. Het lukt hem niet en hij wordt gevangen genomen en Tiuri en Piak worden meegenomen naar het paleis.

Tiuri vertelt de inhoud van de brief (die vernietigd was in het stadshuis van Dangria) aan koning Unauwen. Enkele dagen later maakt koning Unauwen bekend wat er in de brief stond en geeft hen een brief voor de koning van het land waar Tiuri woont mee.

Daarna vertrekken Tiuri en Piak naar huis. Ze komen allemaal personen tegen die ze eerder tegenkwamen en vertellen hun wat er is gebeurd. In de bergen neemt Tiuri afscheid van Piak. Van daaruit is Tuiri snel in kasteel Mistrinaut. Daar krijgt Tiuri het paard van de zwarte ridder mee en komt snel aan in de hoofdstad van zijn eigen land. Daar geeft hij zijn koning de brief af en wordt hij later die avond tot ridder geslagen. En zo eindigt dit geheimzinnige verhaal.