|
|
STAMREEKS VAN WOUTER TOT WOUTER
Een stamreeks of voorouderreeks is een opstelling van genealogische gegevens waarbij de voorouders van een persoon in de rechte mannelijke lijn worden weergegeven. We krijgen dus een reeks voorouders (mannen met eventueel hun echtgenote) die steeds dezelfde familienaam dragen. Deze kan - zoals hier - uiteraard in de schrijfwijze evolueren. |
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
Beknopte geschiedenis tot de veertiende generatie
Jacob van der Houstrate was in 1398 reeds overleden. Hij gaf vermoedelijk
zijn naam aan een hofstede in Ooigem, gehouden van de heerlijkheid Duufhuze.
Deze hofstede was in ieder geval in het bezit van zijn erfgenamen in 1415. In het
renteboek waar we zijn naam vonden werd hij Jaqmin of Jakemin genoemd. Twee
zonen van Jacob woonden in Ooigem en waren buitenpoorters van Kortrijk: Heinric
en Jan. De voornaam Heinric kan een aanwijzing zijn dat er verwantschap is met
de Heinric die in 1382 sneuvelde. In tegenstelling met zijn gesneuvelde
naamgenoot had Heinric van der Houstrate wel bezittingen. Hij had o.m. een
hofstede in Oostrozebeke en een andere in Ooigem, samen 5 bunders groot. De
hofstede in Ooigem lag onder de heerlijkheid Duufhuze in Bavikhove en Ooigem en
was genoemd de stede ten Steenbecx. In 1417 trad hij op als getuige bij
een Waarheid gehouden in Ooigem, samen met Piet, Jan en Mathys van der
Oustrate. In een andere Waarheid in 1429 was hij samen met Wouter van der
Houfstrate uit Ooigem getuige. Heinric had in Ooigem een broer, Jan van der
Houstrate, die zeker voor 1440 overleden was. In 1423 trad hij op als borg voor
de kinderen van Jan van Waleghem en Margriete van den Steenkiste. Jans vrouw,
Kristyne van Waleghem, was een dochter van dit echtpaar. Ook Jan bezat gronden
in Ooigem (o.m. ten zuiden van de Musschecouter en 14 honderdlands op den
Hoghen acker). Van Jan zijn er geen kinderen bekend. Heinric had alleen
dochters. In de naam is die tak dus al vroeg uitgestorven. |
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|||||||||||||||||||||
|
|
De broer van Wouter, Christoffel, had verschillende kinderen in Ooigem. Eén van de zoons, nl. Pieter van der Houfstrate, had vier dochters, waaronder Leenkin van der Houfstrate die in 1516 trouwde met Jan van Outrive (stamoudgrootouders in de 15de generatie van prinses Mathilde d'Udekem d'Akoz). Van deze tak zijn er in de 16de eeuw nog vele nakomelingen in de mannelijke lijnen, in de 17de eeuw lijken ze allemaal van de aardbodem verdwenen. Ten slotte is er Wouter van der Houfstrate (I). Hij is de stamvader van onze tak
en waarschijnlijk van alle nog levende V(and)er(h)ou(g)straetes. Wouter is
gestorven in het jaar 1397 en woonde in Meulebeke. Hij wordt immers vermeld in
de Kortrijkse stadsrekening van 1397 bij de ontvangsten van de tiende penningen
en issuwen van de kasselrij. Het volgende jaar werden zijn weduwe en enig
gekende zoon vermeld als buitenpoorters van Kortrijk in Meulebeke. Bedoeling van
deze lijst was het afkopen van het verplicht verblijf van de buitenpoorters in
de stad Kortrijk. Daar drie keer 40 dagen per jaar gaan wonen, was voor de
boeren niet te doen. Ook de 303 Meulebeekse buitenpoorters betaalden dus elk
naar vermogen om die verplichting af te kopen. Gheraerd van der Houfstrate
(II) en
zijn moeder (haar naam wordt niet genoemd) betaalden beiden één nobel. Het
hoogste aandeel in de afkoopsom was twee nobels per hoofd, het laagste een half
vierde. Gheraerd was getrouwd met Kateline Patvoorts, dochter van Jan, en was
afkomstig van Dentergem. Daar lag trouwens een heerlijkheid Patvoorde. Ze stierf
in het jaar 1414. Amant van der Brugghe en Maerten Patvoort werden aangesteld
als voogden over de vijf minderjarige kinderen. Amant (een koopman van o.m.
uitheems fruit uit Kortrijk) werd na zijn overlijden als voogd vervangen door de
oudste zoon, Stevin van der Houtstraten. De wezen erfden 7 gemeten (3 ha 30 a)
in Meulebeke, de helft van een woonhuis en een tashuis of schuur en het achtste
deel van een ander woonhuis. Joris, de tweede zoon, trouwde in 1439 met Mynkin
Slachout fa Joris. Met zijn kinderen staat hij onder Meulebeke ingeschreven in
de belastingsrol van 1440 van de Kortrijkse buitenpoorters. Na zijn overlijden
ca. 1458 werden Stevin van der Houfstraete en Jan Donaes aangesteld als voogden
over de twee weeskinderen Hanekin en Claerkin. Op 6 november 1460 erfden de
wezen van hun moeder de andere heft van het bezit. De stamoudvader (VI) is Pieter van der Houstraete. Hij is overleden in Tielt voor 21 februari 1558. Ook hij was buitenpoorter van Kortrijk in Tielt van 1540 tot 1557. Hij trouwde ca. 1541 met Grietkin Cornet, een dochter van Willem en Yzabeele Heytincx. Toen hij in 1547 een schuldbrief tekende voor Grietkin van Essche fa Jaspers stonden Maerten Cappal fs Joos uit Meulebeke en Jan Ame fs Pieter uit Tielt borg voor hem. Zoals reeds gezegd erfde Pieter van zijn vader de gronden onder Gruuthuze. Toch boerde Pieter niet zo goed, want toen hij stierf (hij moet niet veel meer dan 40 geweest zijn) weigerden de voogden op 21 februari 1558 uit naam van de wezen de erfenis omdat er meer lasten waren dan baten. Wellicht zijn het de slechte financiële toestand en de tijdsomstandigheden die het gezin dwongen uit te wijken naar het naburige Meulebeke. Van Pieter zijn vijf kinderen bekend ( ze staan vermeld in de akte van renonciatie): Steven, Lauwers, Jan, Grietkin en Jannekin. Steven bleef ingeschreven als buitenpoorter van Kortrijk in Tielt van 1566 tot 1581. Hij woonde echter zeker al een aantal jaren in Meulebeke waar hij eigenaar en pachter was onder de heerlijkheid Schoondorp. Steven komt in sommige akten voor als Stevin Veroustraete gheseyt Loeys. Ongetwijfeld zo genoemd naar zijn grootvader. Wat er met Stevin na 1581 gebeurde weten we niet. Zoals zovelen in deze crisistijd lijkt hij van de aardbodem verdwenen. Er is één zoon van hem bekend die in 1600 opduikt als nieuwe buitenpoorter van Kortrijk in Tielt: Jan (Joannes) trouwde met Tanneken Goemaere. Hij werd de stamvader van een talrijk nageslacht waarvan er velen tamelijk hoog de sociale ladder opklommen. Lauwers bleef ook buitenpoorter in Tielt tot 1581, maar woonde zeker in 1575 reeds in Meulebeke. Janneken trouwde met Joos Hellebuucq. Bij hun overlijden ca. 1599 legden Jan Van Ouststraete (sic) fs Pieter uit Meulebeke de eed af als voogd over de weeskinderen.
De volgende in onze rij voorvaders is Jan van der Houstrate
(VII). Jan staat
ingeschreven als buitenpoorter van Kortrijk onder Tielt van 1577 tot 1581. Met
het uitbreken van de crisis in 1582 verliezen we voor enkele jaren zijn spoor.
Hij duikt terug op in 1593 in Meulebeke zoals zijn broers. In een telling van
dat jaar op het bezit van vee en woeste gronden wordt Jan van der Oustraete
vermeld met twee coyen ende een swyn en 8 honderd ontbloet land.
Samen met Pieter Van Keirsbilck fs Jans laat Jan Van Ougstraete fs Pieters zich
op 9 oktober 1600 met zijn drie zoons Pierken, Joos en Hansken inschrijven als
nieuwe buitenpoorters van Kortrijk in Meulebeke. Jan bleef verder ingeschreven
tot 1625. In 1622 bv. staat hij in de lijst op de 81ste plaats van de 246
Meulebeekse buitenpoorters van Kortrijk. Op 25 juni 1599 legde Jan Van(der)
Ougstraete fs Pieter uit Meulebeke de eed af als voogd over de wezen van Joos
Hellebuuck. Na het overlijden van Jans vrouw werd op 30 september 1602 een staat
van goed opgemaakt. De voogden over de wezen Pierkin, Jooskin, Hanskin en Maykin
waren Jan vander Ougstraete fs Steven uit Tielt en Pieter Vander Heye fs Jans
uit Wielsbeke, wellicht een broer van Jans vrouw, Maeyken Verheyde. In het
sterfhuis waren er geen onroerende goederen, de wezen kregen elk een vierde van
175 lb 19 s 6 d par. Daarvoor stonden Maryn Verhulst uit Wielsbeke en Pieter Van
Keirsbilck uit Meulebeke op 17 januari 1603 borg. De losse staat bezorgt ons wel
details over huisraad, vee en schulden. Deze laatste leren ons dat Jan pachter
was van Jan Gillis en dat het sterfhuis nog schulden had aan Jan van der
Ougstraete voor dienst ende anders en aan Gillis van der Ougstraete. Er moest
heerlijke rente betaald worden aan de ontvanger van de heerlijkheid den Ackere
in Meulebeke. De kinderen van Jan stellen ons wel voor een aantal problemen. De
gegevens uit de jaarlijkse poorterslijsten blijken immers niet volledig overeen
te komen met de gegevens uit de staat van goed. In ieder geval was de oudste
zoon Pieter en die overleed ca. 1674. Hij was buitenpoorter in Meulebeke van
1611 tot 1674. Hij is getrouwd met Cathelyne Van Nieuwenhuyse gezegd Baen. Het
volgende kind is een dochter, Maykin die ca. 1607 getrouwd is met Joos van den
Bussche fs Lieven. Dan volgt Joos, die wel voorkomt in de staat van goed en
bij de inschrijving, maar niet in de jaarlijkse lijsten. Jan was buitenpoorter
van 1618 tot 1632. Hij was getrouwd met Tonyne Pattyns. Met
Joannes Veroustrate
(IX), geboren in Meulebeke en er gedoopt op 1 mei 1629 (p. Jan Vanden
Bussche, m. Elisabeth, echtgenote Antonius Decog. ) komen we in de tijd van de parochieregisters en hebben
we dus meer zekerheid over
data en identiteit. Jan vestigde zich in Bavikhove vanwaar zijn vrouw,
Maria
Verbeke, afkomstig was. Ze was geboren als dochter van Guilielmus en
Judoca Vercruse en gedoopt in Bavikhove op 27 juli 1635, overleden aldaar op 4
november 1704. Jan en Maria hadden vijf kinderen, geboren in Bavikhove. Twee van zijn zoons hebben nakomelingen gehad:
Joannes die trouwde met Maria Schotte en zich in Heule vestigde en zijn oudere broer Joos Van Roestraete
die de stamvader is van alle nog levende Roelstraetes. De jongste zoon was onze volgende
voorvader : Ignatius Roelstraete (XI). Ignatius, wever van beroep,
werd geboren in Ooigem op 7 september 1710 (p. Ignatius Panne, m. Maria Van
Marcke) en overleed er op 9 juni 1775. Hij
woonde in een huis dat toebehoorde aan de heer van Ooigem. Immers in een
beschrijving van de goederen van de heer van Ooigem, bestaande uit de
heerlijkheid van Ooigem, wesende vrij eyghendom, gheseyt franc alleux,
gehouden van Godt alleene, bestaande uit een schoon kasteel, de mote van het
kasteel met de wal errond, de gebouwen op het neerhof gebruikt door Lefevre en
de gebouwen op den aert gebruikt door Ottevaere en het huis gebruikt door
Joseph Vercruysse, Ignatius Roelstraete en Joannes Sabbe. Dezelfde gegevens
treffen we aan in de rekening van het sterfhuis van Nicolaas Frans de Lens, heer
van Ooigem. Er is sprake van de ontvangsten op 26 februari 1759 van Joseph
Vercruysse voor drie jaren pacht van het hofstedeken voor de ene helft en van
Ignaes Van Rousstraete, gebruycker van d'ander helft over ghelijcke drije
jaeren t'leste verschenen 1en meye 1759 tot de somme van 9.0.0 lb. Ook
Ignatius stond in dienst van parochie en heer. Dezelfde rekening maakt immers
gewag van nog te betalen schulden aan Ignatius Roestraete over arbeytsloon
van delven, planten van boomen tot Oyghem, Bavechove en Pitthem gedeurende 1760,
1761, 1762, alsmede het dienen van de metsers op d'hofstede gebruyckt by Pieter
Vergote. In het Quoteboek van de parochie Ooigem, getekend door landmeter
Jan Baptiste Van Huffel fs Pieter in 1778 vinden we p. 87 dat het nr. 415
verdeeld is in drie: de helft (1 c 13 1/2 r) werd gepacht door de weduwe van
Ignace Roelstraete van Robert Alexander Marie Guislin de Lens, heer van Ooigem.
Het werd door haar afgestaan in mei 1781 aan Joannes de Leersnijder. De andere
helft werd nogmaals in twee verdeeld. 1 c 13 1/2 werd door Joannes de
Leersnijder afgestaan aan Judocus de Gheselle en nog eens 1 c 13 1/2 r aan
Marten Verrewaere. Op p. 159 zien we dat de helft van nr. 415 in mei 1781
aanvaard werd door Martinus de Verrewaere, voordien gepacht door Joseph
Vercruysse. Volgens de telling van 1735 was Ignatius wever. Ignatius trouwde in
Ooigem op 17 februari 1734 met Joanna Josepha De Vlaeminck, dochter van
Franciscus en Apollonia de Bosterhout. Ze stierf in Ooigem op 25 april 1748.
Ignatius hertrouwde op 25 november 1750 in Ooigem met Maria Joanna
Sabbe,
dochter van Joannes en Joanna Baert (° Ooigem 25.1.1723, + Ooigem 22.2.1792). |
|
|||||||||||||||||||||
|
|
Viergeslacht met v.l.n.r. Camiel, Pierre, Johan en Amaat Roelstraete. |
|
|||||||||||||||||||||
|
|
Er waren volgens tellingen in 1999 in België 219 Roelstraetes,
waarvan 173 in West-Vlaanderen. In Frankrijk wonen er in het département du
Nord en Pas-de-Calais. Sommigen veranderden hun naam in Roelstrate. |
|
|||||||||||||||||||||
|
|
Op deze bladzijde rust copyright. Niets mag overgenomen worden zonder toelating van de auteur. |
|
|||||||||||||||||||||