De eeuw van Joos

WaldseemŁller en de geboorte van Amerika


Overzicht: Eeuw van Joos / WaldseemŁller / deel 1 / 1D - Vespucci


1D - Vespucci

Amerigo Vespucci (1454 ?-1512) is er het laatste paar eeuwen maar bekaaid afgekomen. De commentatoren noemden hem afwisselend een bedrieger, charlatan, een parvenu, een dief die de veren van Columbus ten onrechte op zijn eigen hoed stak. Ten onrechte. De beminnelijke Florentijnse aristocraat en onbevreesde ontdekkingsreiziger is het slachtoffer geworden van betweters en onwetenden. Hij heeft nooit geprobeerd Columbusí roem te stelen. Vespucci heeft nimmer het continent naar zichzelf vernoemd. Dat is reeds aangetoond door Alexander von Humboldt (1769-1859), de grote Duitse ontdekkingsreiziger en naturalist (Boorstin 1987: 278). Slechts door toeval en een misverstand heeft WaldseemŁller zijn naam gegeven aan de Nieuwe Wereld.

Vespucci werd in 1454 (of 1451) geboren () in een invloedrijke familie in Firenze, toenmaals het brandpunt van de Italiaanse Renaissance. Hij bracht de eerste 38 jaren van zijn leven in zijn geboortestad door. Op jeugdige leeftijd trad hij in dienst van de familie Deí Medici. Net als zijn beschermheer Lorenzo il Magnifico, las Amerigo erg veel, verzamelde boeken en kaarten en ontwikkelde die typische furor animi van de Renaissance, die onverzadigbare honger naar kennis, het vliegwiel van alle wetenschap. In zijn geval was dat een speciale interesse in kosmografie en astronomie. In 1492, het sterfjaar van Lorenzo en het jaar van Columbus, zonden de Medici hem naar Spanje. In Sevilla werd hij voor eigen rekening scheepsuitruster, maar al snel verschoof zijn belangstelling van handeldrijven naar ontdekkingen. In 1499 hadden zijn commerciŽle en geografische belangen hem voorgoed tot zijn nieuwe roeping gebracht. Vespucci wilde de hoop van Columbus om AziŽ te bereiken vervullen. Diens derde reis had immers nog steeds geen zeeweg naar India opgeleverd.

Hij ontmoette Columbus kort na diens terugkeer van zijn eerste reis. Vespucci hielp hem met de financiering en de uitrusting van zijn tweede reis. Zij werden vrienden. In een brief aan zijn zoon in 1505 spreekt Columbus in gunstige bewoordingen over Vespucci als een van de getuigen bij zijn testament.

Klaarblijkelijk maakte Vespucci vier reizen (hoewel daarover nog steeds discussie bestaat). Twee ervan werden ondernomen in opdracht van de koning van Spanje, twee in die van de koning van Portugal. Hun doel was te bepalen aan welke vorst de gebieden toekwamen volgens de pauselijke demarcatielijn van 1494 (vastgelegd in het Verdrag van Tordesillas (), door de beruchte paus Alexander VI Borgia). Hij zegt dat hij met een Spaanse vloot naar Venezuela en HaÔti zeilde in 1497-98, naar Kaap Verde, Venezuela en BraziliŽ in 1499 -dat is een jaar voor de ĎofficiŽleí ontdekking van BraziliŽ door Cabral!- en vervolgens met de Portugezen naar BraziliŽ en PatagoniŽ in 1501-1502 en opnieuw naar BraziliŽ in 1503-1504.

De authenticiteit van het document wordt echter door de historici betwijfeld: als het echt is zou de reis van Vespucci naar Zuid-Amerika een jaar voor die van Columbus hebben plaatsgevonden. Dezelfde historici nemen aan dat Vespucci alleen de tweede en de derde reis ondernomen heeft. Waarom het onmogelijk is dat Vespucci hier eerder dan Columbus was, hebben wij nergens bevredigend kunnen terugvinden. Het heeft te maken met de reeds eeuwen durende bittere controverse tussen Columbusaanhangers en de rest van de geleerde wereld. O.i. is het een typisch en kras voorbeeld van zwart-wit denken.

Binnen een maand na zijn terugkeer in Lisssabon, in 1505, verhuisde Vespucci weer naar Sevilla. In 1508 werd hij, zoals gezegd, aangesteld tot Piloto Mayor, ĎEerste stuurmaní aan de Casa de Contrataciůn de las Indias, De kamer van koophandel voor de IndiŽn, die toezicht hield op alle nieuwe koloniŽn. Tot zijn taken behoorde onder meer lesgeven aan en examineren van de navigators- ter- lange- omvaart en het tekenen en actueel houden van de kaarten van de nieuw ontdekte landen. Stuurlui, die terugkeerden kregen het bevel om bij hem verslag uit te brengen van hun reizen, waardoor de Spaanse kaarten steeds konden bijgewerkt worden. Alle nieuwe ontdekkingen werden namelijk ingetekend op de officiŽle en strikt geheime Padrůn Real, de Koninklijke Kaart.

Zijn reisverslag werd waarschijnlijk gedrukt in Firenze eind 1502 of begin 1503 onder de titel Mundus Novus (De Nieuwe Wereld). Deze eerste editie werd spoedig gevolgd door Latijnse uitgaven in VenetiŽ, Parijs en Antwerpen en met uitgaven in Keulen, Neurenberg, Straatsburg en Rostock. De Duitse vertaling uit 1504, verschenen in Augsburg, is de eerste gedateerde. Hoe getrouw al die uitgaven waren aan het oorspronkelijke verslag, is nog steeds onderwerp van debat. Dat de zeer levendige beschrijvingen van zijn avonturen door het publiek gretig verslonden werden, is onweerlegbaar. Het is bekend dat hij Thomas More inspireerde tot het schrijven van zijn Utopia (Todorov 1991: 309). Columbus schreef documenten, Vespucci schreef literatuur! Natuurlijk is Vespucci een typische vertegenwoordiger van de Renaissance. Nederigheid of bescheidenheid is hem volkomen vreemd; zijn prestaties als navigator zet hij dik in de verf. Bij Amerigo zijn de enige onwaarschijnlijkheden nochtans zijn overdrijvingen. Die duiden echter eerder op de behoefte van de mooiprater om de waarheid naar zijn hand en de verwachtingen van zijn lezerspubliek te zetten dan op de naÔviteit van de gelovige. Dat laatste was wel het geval bij Columbus, die het originele aards paradijs meende gevonden te hebben in Venezuela.

In de kwarteeuw na de eerste uitgave werden driemaal meer publicaties over Vespucci gedrukt dan over Columbus. Van alle uit die tijd in Europa gedrukte werken waarin de ontdekkingen in de Nieuwe Wereld worden beschreven, ging de helft over Amerigo Vespucci.

Vespucciís eervolle ontvangst na zijn tweede reis. Houtsnede uit de Duitse vertaling van ĎMundus Novusí, Bazel, 1505. Typisch voor deze vroege drukken: de houtsnede kon zondere probleem gerecycleerd worden voor een ander verhaal over een willekeurige andere ontdekkingsreiziger, bijvoorbeeld Columbus of Da Gama. En zulks gebeurde ook regelmatig, kwestie van besparingen.

Toen Vespucci een eerste keer de oceaan overstak in navolging van Columbus, deed ook hij dat in de geest van Ptolemaeus. Maar bij zijn tweede reis liet hij een nieuw geluid horen, in een brief aan zijn Florentijnse vriend en beschermheer Lorenzo, zoon van Pietro Francesco Deí Medici.

ďHet dunkt mij, zeer vereerde Lorenzo, dat door mijn reis de opvatting van het merendeel der filosofen wordt weerlegd, die beweren dat niemand kan leven in de Tropische Gordel vanwege de verzengende hitte, want op deze reis ontdekte ik het tegendeel. De lucht is frisser en gematigder in dit gebied en er leven zoveel mensen dat hun aantal dat van hen die erbuiten wonen overtreft. In alle eerlijkheid, laat het fluisterend gezegd worden, is ervaring stellig meer waard dan theorie.Ē

Vergeet niet dat in deze periode het gezag van de Antieken -in dit geval Ptolemaeus- onaantasbaar was en niet voor discussie vatbaar!

Het probleem van het bepalen van de lengtegraad, essentieel voor het reizen over de oceaan in westelijke richting, hield Vespucci al lang bezig. Op het spoor van een oplossing, had hij astronomische tabellen van de maan en de planeten meegebracht. Tijdens twintig dagen gedwongen rust, van 17 augustus tot 5 september 1499, toen zijn bemanning zich herstelde van een gevecht met de indianen, wijdde hij zich aan dit vraagstuk. Op 23 augustus 1499 was er een conjunctie van de maan met Mars, die volgens de almanak in Ferrara om middernacht moest plaatsvinden. Aan de hand van zijn gegevens berekende Vespucci hoe ver hij naar het westen was gekomen. Zijn astronomische methode leverde veel betere resultaten op dan het gegist bestek van Columbus, maar werkte nog niet voldoende accuraat bij ontstentenis aan precisie-instrumenten. Niettemin verbeterde hij de berekening van de lengte van een graad op de evenaar, wat een schatting opleverde van de aardomtrek die verreweg de nauwkeurigste was van zijn tijd -slechts 80 km minder dan de werkelijke afmetingen. Maar het zou nog lang duren voor zijn berekeningen aanvaard werden en nog drie eeuwen voor zij wetenschappelijk bewezen werden (Boorstin 1987: 273).

Op 13 mei 1501 vertrok Amerigo Vespucci met drie karvelen vanuit Lissabon voor een zestien maanden durende reis die de oogst moest binnenhalen van wat Columbus had gezaaid. Hij bereikte Zuid-Amerika en noemde het voor het eerst een nieuw continent, dus niet een deel van AziŽ, zoals Columbus zou blijven volhouden. Vespucci volgde de kust ongeveer 2400 mijl ver, wat hem tot diep in PatagoniŽ bracht, slechts ongeveer 650 km ten noorden van de zuidelijkste punt van Vuurland!

Hij maakte plannen voor nog een reis, maar hij had malaria opgelopen, toen nog ongeneeslijk en meestal dodelijk. Ironisch genoeg zouden niet lang nadien Ďwildení uit het door hem verkende BraziliŽ de Europeanen een geneesmiddel aan de hand doen: kinine, gewonnen uit de bast van de kina-kinaboom.

In 1512 stierf Amerigo Vespucci.

 

Meer over Columbus op deze website: klik hier


Overzicht: Eeuw van Joos / WaldseemŁller / deel 1 / 1D - Vespucci