De eeuw van Joos

Waldseemüller en de geboorte van Amerika


Overzicht: Eeuw van Joos / Waldseemüller / deel 3 / 3.09 Noten


ambassadors.jpg (36050 bytes)

3.09 Noten

Hans Holbein de Jonge, De Franse gezanten aan het Engelse hof (1533)
Olieverf op hout, 203 x 209 cm. Londen, The National Gallery.

1) Dit vind je uitgewerkt in: 

Martens, J., Kalender en wereldbeeld in de kunst van de Nederlanden
in: Hermes, nr. 29, 2003/4, p. 4-10, en hier op de website Joos de Rijcke

Sporen van dat holistisch denken zijn terug te vinden in de kalenders van religieuze handschriften. Die zijn, anders dan de onze, geen jaar- maar eeuwigdurende kalenders, geconcipieerd tot het einde der tijden. De kalender representeert niet alleen de lineaire tijd, die zich in ieder mensenleven voltrekt, maar ook en vooral de religieuze, de kosmische en de circulaire tijd. Het is een uiterst complex begrip dat zeer nauw met het wereldbeeld is verbonden.

1. De Elementen. 
Niet alleen het universum, maar ook de wereld waarin wij leven wordt gezien als bepaald door de elementen waaruit hij is opgebouwd, namelijk aarde, lucht, water en vuur. De specifieke eigenschappen van deze elementen en hun onderlinge verhouding zijn hierbij van primordiaal belang. De planeten waren noodzakelijk om de kosmos tot een harmonisch geheel te maken. Zij vormen een schakel tussen de drie hemelen en de vier aardse elementen, die krachtens hun natuur zo ver van elkaar af staan dat een geleidelijke overgang onvermijdelijk was. Vervolgens oefenen zij invloed uit op het verloop van de tijd en het ontstaan en vergaan van alle stoffelijke elementen, waaronder ook het menselijk lichaam. Zonder hun invloed zou er geen geboorte en geen dood zijn. Hierbij speelt ook de dierenriem een belangrijke rol. De verschillende delen in de macrokosmos zijn immers op dezelfde wijze geordend als in de microkosmos. De vier elementen vormen de grondslag van de vier seizoenen en hun eigenschappen, die telkens doorheen drie sterrenbeelden wentelen: aarde versus weegschaal, schorpioen, boogschutter; water versus steenbok, waterman, vissen; lucht versus ram, stier, tweeling; vuur versus kreeft, leeuw, maagd. Om het nog complexer te maken zijn daaraan ook de planeten, de temperamenten, de dagindeling, de koortsen, de smaken en de leeftijden verbonden. Op die wijze ontstaat een ingewikkeld netwerk van connecties, dat zelfs het ziektebeeld van de mens gaat bepalen.
Aan de basis ligt de overtuiging dat de mens moet pogen door zijn handelen eenzelfde orde te bereiken en te behouden op aarde en bij zichzelf, als aan het uitspansel heerst. Dat handelen kan de aardse orde verstoren, en dat heeft dan weer een weerslag op de kosmische harmonie. Als die verstoord wordt, betekent dat onherroepelijk het afroepen van ziekten en rampen over deze wereld en zeker over het individu dat verantwoordelijk is voor de verstoring van die orde.

2. De Temperamenten. 
In de temperamentenleer wordt het verband gelegd tussen de vier elementen en de vier werkende substanties in het menselijk lichaam, de vier humoren, bloed, gele gal, zwarte gal en wit flegma. Naargelang een van de vier vochten overheerst, wordt aan de persoon een eigen temperament toegekend. In ons hedendaags taalgebruik is daarvan nog een vage echo te horen, wanneer men spreekt van een zwartgallig of een choleriek karakter. 

3. Rondom de vier elementen en temperamenten worden vervolgens andere inhouden geordend zoals de seizoenen, windrichtingen, fasen van het leven, beroepen, dieren enz.


Terug naar artikel 3.03


2) Karl Popper (1902-1994) en zijn 'Wereld 3'- theorie. 

Volgens Popper - een der meest omstreden wetenschapsfilosofen van de 20ste eeuw - bestaat er naast een objectieve wereld van materiële objecten (die hij 'Wereld 1' noemt) en een subjectieve wereld van de geest ('Wereld 2') ook een 'Wereld 3' van ideeën, kunst en wetenschap, taal, ethiek, instituties - kortom het hele erfgoed van de cultuur - in zoverre die in code gebracht is en geconserveerd in objecten van 'Wereld 1' als daar zijn: boeken, machines, films, computers, afbeeldingen en alle soorten registraties enz., zolang ze maar potentieel toegankelijk zijn. Het originele van zijn gedachtegang schuilt hierin: hoewel alle Wereld 3 -objecten voortbrengselen zijn van de menselijke geest kunnen zij bestaan, onafhankelijk van elk kennend subject. Het lineair-B van het minoïsche Kreta, de Egyptische hiërogliefen, de Mayagliefen, Etruskische teksten, de Peruaanse quipu's (knopenschrift) ontlenen hun belang voor de mensheid louter aan hun blote bestaan, ook al was (en is gedeeltelijk) geen mens op deze planeet in staat die tekens te begrijpen.
Het verschil met De Franse gezanten is niet zo groot, gezien door de ogen van de leek die we waren bij onze eerste kennismaking met het schilderij in de National Gallery. Holbein heeft een 'Wereld 3' geborsteld die ons pas nu, door de decodering van de tekenen zijn waarde en betekenis blootgeeft.


Terug naar artikel 3.03


Overzicht: Eeuw van Joos / Waldseemüller / deel 3 / 3.09 Noten