Donderdag 12 november 2009:

De tweede opinie

Run for your life

Cedric en Julie

Mats en Tibo

Seppe en Arno

Na bijna drie maanden hormoontherapie hebben de vijandige cellen in mijn lichaam hun agressief groeigedrag even opgegeven, de PSA sporen in mijn bloed zijn onbeduidend klein geworden, de vermenigvuldigingsdans is gestopt. De theorie achter de hormoontherapie klopt dus, maar het geschut dat werd gebruikt om dit te bereiken was niet min. Normalerwijze hebben deze beestjes testosteron nodig om zich te vermenigvuldigen, dat werd hardhandig onderdrukt door de productie stop te zetten enerzijds (chemische castratie) en anderzijds door hun mondjes (receptoren, anti androgeen) dicht te snoeren zodat ze de lekkernij niet kunnen opnemen. En dat heeft mijn anders zo zorgeloze en gastvrij lichaam mogen ondervinden. Als werd het getransformeerd in een lichaam op leeftijd van een andere sexe, wordt het te pas en te onpas getrakteerd op zogenaamde opvliegers of “vapeurs”. Op onvoorspelbare momenten begint dat lijf in een mum van tijd te gloeien, een inwendige gloed van warmte tracht zich langs alle huidcelkanalen naar buiten te wurmen, als mini vulkaantjes erupteren ze zweetdruppels die als parels de opperhuid bedekken en de naburige kledingsstukken bevochtigen, om even later terug in een te krimpen en het lijf een sensatie van afkoeling te bezorgen, alsof de centrale verwarming ineens wordt herschapen in een ijskast. Een mini sauna waarbij kledij uit en terug aan wordt getrokken alsof het om een pasbeurt ging. En dan is er nog het meest tot de verbeelding sprekende gevolg van de castratie, het libidoloos bestaan. Het eens zo onstuimige lustbezorgend mannelijke lid, door sommigen het penseel der liefde genoemd, is niet meer in staat tot het creëren van enig kunstwerk. Ze hadden me ook borstgroei beloofd…

Hoe moet het nu verder?

Onder impuls en op initiatief van mijn bezorgde dochter, heb ik een tweede opinie gevraagd bij een professor gespecialiseerd in oncologische urologie van het UZ Leuven (Gasthuisberg). Na een zeer uitgebreid gesprek met de professor heb ik begrepen dat de therapie die me werd opgelegd, hoewel door de meeste urologen als standaard gebruikt, op zijn minst voorbarig was. Er is blijkbaar geen evidentie dat deze behandeling in een vroeg stadium van de gevorderde ziekte een betere levensverwachting biedt, terwijl het toch de levenskwaliteit, vooral op lange termijn aanzienlijk bezwaart. Hartproblemen, osteoporose, spierproblemen zijn bedreigende risico’s. Hij heeft me dan ook voorgesteld deze behandeling deels te onderbreken; de productie van testosteron wordt weer opgestart (met mogelijk wedergeboorte van mijn libido), maar de dagelijkse anti androgeen medicatie blijft behouden. Aangezien de professor naar mijn aanvoelen zich meer richt op een kwaliteitsvolle levensverwachting, heb ik gevraagd om mijn lot aan hem en zijn uitgebreid urologisch team toe te vertrouwen.

De vijand is niet dood, hij is even vleugellam, maar als Satan is hij sluw en listig en kan hij vroeg of laat weer de uitdrijvers verschalken, en weer opduiken gemuteerd in een of ander niet te voorspellen vorm. Hoe langer hij vleugellam kan worden gehouden, hoe langer het leven me toe lacht.

Volgende afspraak met de professor is gepland op 25 maart volgend jaar. Het blijft spannend.

Hormonale therapie bij prostaatkanker

Terug

Sofie en Noah