In verband met logopedie ...

Net alsof je een kapotte bandopnemer hoort. Zo heb ik ooit het spreken van ataxiepatiënten weten typeren. Misschien kun je van die beschrijving zeggen dat ze oppervlakkig klinkt en niet precies genoeg is. Toch moet je toegeven dat het vreemde gepraat van een ataxiepatiënt aardig gekarakteriseerd wordt en dat de benadering bovendien erg vriendelijk is. Wie het heeft over de spraak van een dronkeman, bedoelt hetzelfde maar verwoordt zijn indruk minder hoffelijk.

Mensen met een ataxie blijken wel te weten wat en hoe ze iets moeten zeggen. De klanken die ze produceren, geven datgene wat ze willen vertellen, vaak zo vervormd weer dat hun boodschap niet of slecht verstaan wordt.

Als het bij de spraak misloopt op het niveau van de uitvoering spreekt men van een dysartrie. Sommige vormen van dysartrie zijn voorlopig, bv. dysartrie ten gevolge van een tumor verdwijnt als de tumor er niet meer is. Andere vormen zijn blijvend en een daarvan is de dysartrie in geval van een ataxie: een atactische dysartrie.

Als er sprake is van dysartrie is de hulp van een logopedist noodzakelijk.

Door gerichte logopedische revalidatie wordt de ataxielijder in staat gesteld om de moeilijkheden die zijn aandoening meebrengt op communicatief vlak, zo goed mogelijk op te vangen. Bovendien kan de kinesitherapeutische waarde van oefening van spraak en ademhaling moeilijk overgewaardeerd worden.

Het ligt voor de hand dat je daar geen genezing van mag verwachten. Uiteraard blijft de ziekte evolueren maar dankzij de hulp van een logopedist is een atacticus in staat om wat orde en structuur te brengen in wat hij nog kan op het vlak van de spraak.

Wie begeleid wordt door een logopedist die sterk orthopedagogisch actief is, krijgt veel extra.

Door visuele oefeningen worden het discrimineren, concentreren, fixeren en de detailwaarneming geoefend en onderhouden, met als doel bij het lezen de sterk wisselende oogbewegingen te controleren en een bepaalde leeslijn snel en adequaat te vinden en vast te houden.

HET REMGELD VAN DE FEDERALISERING

Samen met je neuroloog roep je de hulp van een logopedist in. Een logopedist begeleidt je bij je poging om een zo duidelijk mogelijke uitspraak en een aangepaste ademhaling te verwerven en te behouden. Een logopedist oefent een paramedisch beroep uit: zelf is hij geen arts maar zijn werk en de geneeskunde zijn zeer nauw met elkaar verbonden en hij krijgt zijn opdrachten vaak van medici (andere paramedici zijn bv. verpleegkundigen, kinesitherapeuten, enz.).

Een deel van een behandeling door een logopedist gebeurt op kosten van het ziekenfonds. Een gedeelte wordt niet terugbetaald en blijft dus ten laste van de patiënt: dat is het zogenaamde remgeld.

Als de logopedische revalidatie al een poosje aan de gang is, krijg je te horen dat het ziekenfonds er wettelijk toe verplicht is om geen logopedie meer terug te betalen aan wie meer dan twee jaar aan dezelfde ziekte lijdt. Je zult maar ataxiepatiënt zijn en dus met een blijvende dysartrie opgezadeld zitten!

Enige jaren geleden was er niets aan de hand voor wie aangesloten was bij het Rijksfonds voor de Sociale Reclassering van de Minder-Validen. Na een weigering van het ziekenfonds nam het Rijksfonds een deel van de kosten voor zijn rekening.

Het Rijksfonds was een nationale instelling: dat werd opgeheven en Vlaanderen kreeg zijn eigen Vlaams Fonds. Meteen werd dan ook de bevoegdheid van dat Vlaams Fonds voor Sociale Integratie van personen met een handicap omschreven. In tegenstelling met het vroegere Rijksfonds zou het Vlaams Fonds zich niet alleen bezighouden met mensen die opnieuw in het beroepsleven konden stappen; het zou zich veel ruimer opstellen en hulp verlenen aan alle gehandicapten om die in staat te stellen om aan het maatschappelijk leven deel te nemen. De zgn. functionele revalidatie (logopedie, kinesitherapie, ...) ging echter tot de taak van de ziekenfondsen behoren.

In een klap bedroeg de terugbetaling voor een logopedische behandeling in geval van dezelfde ziekte na meer dan twee jaar nog precies nul frank. Wie denkt dat ten gevolge van de regionalisering het remgeld verhoogd werd tot honderd procent, heeft het mis. Als het ziekenfonds niets terugbetaalt, is er ook geen remgeld! De logopedist werd een soort van alternatieve genezer en de ataxiepatiënt nog zonderlinger dan hij al was. Datzelfde geldt helemaal niet voor de kinesitherapie, integendeel. Voor kinesitherapeutische behandeling geldt geen beperking in de tijd. Je kunt zelfs een toestemming vragen om meer dan zestig keer per jaar (de gewone grens) naar een kinesist te mogen gaan en om een verhoogde terugbetaling te krijgen.

Inconsequent en vermoedelijk het onbedoelde gevolg van regeltjesmakerij die niet van visie getuigt.

 

ZIEKENFONDSEN PASSEN KEURIG DE REGELS TOE

De bovenstaande regeling wordt netjes door de ziekenfondsen toegepast.

En kritiekloos bovendien. Zelfs na herhaalde vragen van hun leden blijven ze doen wat de voorschriften hen opleggen (en zo hoort het ook!) maar ze spannen zich niet in om mee te helpen een betere regeling tot stand te brengen.

Ze zijn daartoe zelfs niet in staat: aangezien ze niet op de hoogte zijn van wat hun leden hebben gedaan nadat ze gedurende twee jaar logopedie hebben gevolgd, beschikken ze niet over exacte gegevens.

 

BESLUIT

Wie met een ataxie zit, kan niet vroeg genoeg aan logopedie beginnen. Een logopedist kan alleen maar voortbouwen op wat er nog is.

Hoe dan ook, het blijft de moeite waard.

 

Graag uw reactie op deze website :