FEITELIJKE HENGELSPORTVERENIGING JURGENSWEB


BOOTINFO
A

Aankoop

Allereerst moet u uw nieuwe jacht inschrijven en moet u Belasting op Inverkeerstelling (BIV) betalen. 

Die bedraagt 2.748 euro voor een nieuwe boot met een waterlengte langer dan 7,50 meter. 

Voor een tweedehandsboot vermindert de BIV met 10 procent per jaar. Wanneer de boot 10 jaar oud is, moet u enkel nog administratieve kosten van 67 euro betalen bij de inverkeerstelling.

Factuur nodig ? klik op deze tekst

Antifouilling

Antifouling beschermt uw schip tegen aangroei
Antifouling is een onderwaterverf dat u schip beschermd. Als het voorjaar zich aandient lopen de planken in de winkels weer vol met blikken antifouling en onderwaterverven van vele gerenommeerde merken. Epifanes, Hempel, De IJssel International, Sikkens, het is bijna te veel om op te noemen, hebben voor ieder vaarwater wel een uitgelezen product.
Iedere aanval van microscopische organismes, plantjes en slijmalgen op het onderwaterschip moet kunnen worden afgeslagen.

Onderwaterverf of antifouling
Onderwaterverf is een koper- en biocidevrije verf voor onder de waterlijn, welke zijn werking haalt uit de zelfslijpende eigenschap.
Deze verfsoorten slijten langzaam af gedurende het vaarseizoen. Wanneer echter biociden, koper, chloorrubber en/of andere aangroeiwerende middelen zijn toegevoegd spreken we over antifouling.

Anti fouling, harde of zachte
Buiten antifouling met een zelfslijpend karakter, ook wel eroderend of polijstend genoemd, is er ook de harde antifouling.
Deze verfsoort scheidt gestaag biocide af. Door dit loogproces verliest de verflaag na verloop van tijd zijn beschermende werking. Aan het eind van het seizoen blijft er een poreuze, harde laag over. Na een aantal lagen, die zich in de loop van de jaren vormt, zal u deze eerst moeten verwijderen voordat er een nieuwe laag wordt aangebracht.
Een van de voordelen van een harde antifouling is dat hij tussentijds nat geschuurd en zo doende gepolijst kan worden. Dit levert weer een gladder oppervak op en dus meer snelheid.

Vaargebieden en hun speciale omstandigheden
De belangrijkste onderverdeling is die in zoet en zout. Maar daar zijn we er niet mee. Ook de watertemperatuur, de hoeveelheid zonneschijn, de stroming en lozingen van zoet- naar zoutwater kunnen een belangrijke rol spelen.

Zo komen we tot de volgende vragen:

Is het vaargebied uitsluitend op zoetwater.?
Is het vaargebied gelegen op zoetwater maar zo nu en dan op zoutwater?
Is het vaargebied zoetwater en langere tijd brak of zout water?
Is het vaargebied meestal op brak of zoutwater en soms op zoet water?
Is het vaargebied en de haven gelegen op brak of zout water en door lozingen of getijden stroomt het water rond het schip.

Is van het vaargebied en de haven bekend dat er sterke aangroei heerst.
De eerste twee lijken veel op elkaar en kunnen vaak met een en de zelfde anitfouling behandeld worden. Voor nr. 3 en 4 kan men het beste uitgaan van de minst gunstige situatie. Nr. 5 en 6 vragen om stevige oplossing.

Zonlicht heeft ook invloed.
Wanneer een schip altijd met de bakboordzijde naar het zonlicht ligt afgemeerd in de haven zal de aangroei van bakboord en stuurboord verschillen. Vooral direct onder de waterlijn kan een duidelijk verschil optreden. Veel valt hier niet aan te doen, u kunt hoogstens het schip om en om met de punt of met de achterzijde in de box leggen en zo nu en dan met een borstel of luiwagen de aangroei verwijderen. Let wel op, eroderende en polijstende antifouling kan hier minder goed tegen. Schepen in botenhuizen hebben vaak minder last van aangroei door het ontbreken van zonlicht.

De vaarstijl en snelle motorboten
Wadvaarders die vaak droogvallen, stellen andere eisen aan hun onderwaterverf dan de wedstrijdzeiler. Wanneer een snelle motorboot voorzien wordt van eroderende of polijstende (ook wel zelfslijpende antifouling genoemd) antifouling zal na een korte periode van snel varen de beschermende laag verdwenen zijn. Voor deze schepen is er een harde antifouling op de markt die zijn werking ook bij snel varen behoud. Ook de droogvallende schepen zullen baat hebben bij een robuuste aangroeiwerende verflaag. De wedstrijdzeiler is meer gebaat bij een dunne laag eroderende antifouling die gaande weg het seizoen dunner wordt. In antifouling worden ook vaak producten als Teflon® gebruikt die het oppervlak glad en weerstandsarmer maken, iets wat een wedstrijdzeiler wel aanspreekt.

Is antifouling duur?
Geen aangroeibescherming is nog veel duurder!
Waarom al deze heisa en wat staat u te wachten als er weinig of niets wordt ondernomen? Een schip met forse aangroei (het schip heeft een baard) zal in de toekomst de volgende problemen krijgen:

Extreem brandstofverbruik.
Weerstand en daardoor snelheidsverlies.
Aantasting van onderlagen en corrosie.
Het vroegtijdig kaal maken van het schip en van een compleet nieuw verfsysteem voorzien
Bij polyester schepen versneld optreden van osmose.
Aantasting van levensduur en waarde van uw schip.
Enkele opmerkingen en waarschuwingen.

Aluminium schepen mogen niet van een koperhoudende antifouling worden voorzien. Koper en aluminium zijn geen vrienden. Controleer de overschilderbaarheid van oude of onbekende verflagen

Controleer de overschilderbaarheid van oude of onbekende verflagen.

Breng altijd de juiste laagdikte aan. Ter hoogte van de waterlijn en de boeg mag het iets dikker zijn omdat daar het water meer kracht uitvoert.

Schuur antifouling altijd nat. Het schuurstof bevat biocide en andere ongezonde stoffen. Volg de milieuvoorschriften van de fabrikant op
.
Lees de veiligheids aanwijzingen op het blik en volg ze op.

Het gebruik van koolteer met PAK’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) is al jaren verboden.

Raadpleeg bij twijfel een professional of lees de vaak zeer uitgebreide documentatie van de bovengenoemde fabrikanten.

Wel of geen koperhoudende antifouling?
Er is de laatste jaren nog al wat "gedoe" geweest over koperhoudende antifouling.
Antifouling is aan strenge milieuwetgeving onderhevig. Er zijn producten die niet in Nederland verkocht mogen worden. Gelukkig zijn er weer een aantal koperhouden producten op de markt die wel in Nederland zijn toegestaan.

Binnen dit artikel is niet dieper in gegaan op de primers, osmose bescherming, onderlagen enz. En nu maar hopen dat de 15 meter grote blauwe vinvis zijn rug niet komt krabben aan de huid van uw schip.

Een goed boek over deze materie is geschreven voor Nigel Glegg: Verfsystemen voor Jachten.
B

Boottrailer

Bootaanhangwagens met een totaal toegelaten gewicht kleiner dan of gelijk aan 750 kg (aanhangwagen + lading) zijn niet onderworpen aan een goedkeuring en dienen niet apart te worden ingeschreven. Een reproductie van de nummerplaat van het trekkende voertuig is evenwel verplicht aan te brengen. Zij dienen geen technische controle te ondergaan.

 

Bootaanhangwagens met een totaal toegelaten gewicht groter dan 750 kg (aanhangwagen + lading) zijn onderhevig aan een goedkeuring. De aanvraag voor inschrijving gebeurt met hetzelfde formulier als voor de inschrijving van een motorvoertuig (te bekomen bij uw verzekeringsmaatschappij of op onderstaand adres). Elke 2 jaar dient een technische controle te gebeuren.

Voor bootaanhangwagens langer dan 12 m of breder dan 2,55 m moet u een toelating voor uitzonderlijk transport aanvragen.

Voor tweedehands bootaanhangwagens aangekocht in het buitenland (maar binnen de Europese Economische Ruimte - EER) moet u in bezit zijn van het inschrijvingsbewijs van het land van herkomst en moet u zich aanmelden, van zodra u in België komt, voor een bijzondere technische controle.

Voor bootaanhangwagens aangekocht buiten de EER moet u in België een homologatie bekomen die slechts zal worden afgeleverd indien de aanhangwagen voldoet aan de voorschriften van het technisch reglement 15 maart 1968.

sinds 2011 moeten alle boottrailers onder 750 kilo zoals de wet omschrijft eveneens een wegentaks vignet hebben.

Adres: Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, Mobiliteit en Verkeersveiligheid, DIV, City Atrium, Vooruitgangstraat 56, 1210 Brussel, Tel. 02 277 31 11, www.mobilit.fgov.be.

Besturen en brevetten

Op de scheepvaartwegen moet de bestuurder van een plezierboot over voldoende stuurvaardigheid beschikken. 

Hij moet voortdurend in staat zijn alle nodige stuurbewegingen uit te voeren om zijn boot onder controle te houden.

Verder zijn er, afhankelijk van bepaalde karakteristieken van de boot, voorwaarden op gebied van de minimum leeftijd van de bestuurder en op het gebied van het al dan niet bezitten van een stuurbrevet.

Ten slotte moet de bestuurder van een plezierboot die één of meer waterskiërs trekt, vergezeld zijn van een medeopvarende van ten minste 15 jaar oud.

Vaartuig Voorwaarden
Lengte Snelheid Vermogen Leeftijd Brevet
< 15 m   Geen motor GEEN GEEN
< 15 m <= 20 km/h < 7,355 kW 16 GEEN
< 15 m <= 20 km/h >= 7,355 kW 18 (16, indien vergezeld van iemand van 18) GEEN
>= 15 m     18 JA
  > 20 km/h   18 JA

Stuurbrevet

Een stuurbrevet is het “Rijbewijs” voor het besturen van schepen op de Belgische scheepvaartwegen.

Er bestaan twee soorten stuurbrevetten :

  • met het beperkt stuurbrevet mag overal in België worden gevaren, met uitzondering van de Beneden-Zeeschelde;
  • met het algemeen stuurbrevet mag op alle Belgische binnenwateren worden gevaren.

Er zijn vier vereisten:

  • de minimum leeftijd bij het aanvragen is 17 jaar. Het brevet verkrijgt men pas op 18 jaar;
  • medisch geschikt zijn:  een dokter naar keuze onderzoekt de algemene conditie en test het zicht en gehoor;
  • slagen voor het theoretisch examen: Het theoretisch examen test de kennis inzake verkeersreglementen op het water, manoeuvreren, veiligheidsvoorschriften, navigatie, enz. Het volgen van een cursus is niet verplicht. Vragen en antwoorden van het laatste examen.
  •  praktijkervaring hebben: u vaart mee met iemand die een stuurbrevet heeft en die u de praktijk al doende leert. Als u minimaal twaalf uren ervaring hebt opgedaan, geeft u uw dienstboekje aan de federatie die uw aanvraagformulier doorstuurt naar de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, Maritiem Vervoer, die zorgt voor het brevet. Het kan ook sneller: als u een praktische cursus volgt in een vaarschool, volstaan zes uur praktijkervaring.

Buitenlandse pleziervaarders: Een aantal buitenlandse brevetten is gelijkwaardig aan het beperkt of het algemeen stuurbrevet.  

Basis

Wet van 21 mei 1991 betreffende het invoeren van een stuurbrevet voor het bevaren van de scheepvaartwegen van het Rijk.

KB van 2 juni 1993 betreffende het stuurbrevet vereist voor het bevaren van de scheepvaartwegen van het Rijk met betrekking tot zekere categorieën van pleziervaartuigen.

MB van 16 mei 1995 betreffende de voorwaarden tot afgifte van de stuurbrevetten vereist voor het bevaren van de scheepvaartwegen van het Rijk met betrekking tot zekere categorieën van pleziervaartuigen.

Aanvraag

Voor de praktische organisatie van de examens wordt beroep gedaan op een aantal federaties (de letter onder T duidt op de taal waarin examens worden georganiseerd - de examenplaatsen zijn onder voorbehoud). Zij helpen bij de gehele procedure. Neem contact op met één van deze federaties (de voorwaarden zijn overal dezelfde). Zij stellen uw dossier samen. Verder kunnen ze alle nuttige informatie geven over de data voor het theoretisch examen, het examenprogramma, nuttige documentatie, cursussen, enz. - inschrijvingsformulier - voorbeeld van een dienstboek

Vaarbewijs ICC 

ICC - International Certificate of Competence

HET BELGISCH ICC

1. Situering

Waarom? Pleziervaarders die houder zijn van een nationaal vaarbevoegdheidsbewijs ondervinden vaak moeilijkheden in het buitenland om hun hobby te beoefenen of om een vaartuig te huren. Het ICC is een internationaal vaarbewijs voor de pleziervaart, dat in de meeste Europese landen wordt erkend en aan deze problematiek een oplossing geeft.

Voor wie bestemd? Het ICC kan worden afgeleverd aan Belgen of aan personen die in België een officieel verblijfadres hebben.

Hoe bekomen? Om een Belgisch ICC te bekomen volstaat het over een gepast Belgisch vaarbevoegdheidsbewijs te beschikken en een aanvraag in te dienen bij de daarvoor door de overheid aangewezen organisaties....
Onze organisatie, de Vlaamse Yachting Federatie (VYF vzw), is één van deze tien aangewezen organisaties.

Overzicht van welke nationale vaarbevoegdheidsbewijzen in aanmerking komen, meer details over de aanvraagprocedure en het aanvraagformulier vindt u onder punt 3 "Aanvraag ICC".

Aanvraagformulier? Bij de aanvraag dient u gebruik maken van een aanvraagformulier dat hier terug te vinden is.

Meer informatie over het ICC, vindt u op de website van de FOD Mobiliteit en Vervoer, door het aanklikken van deze link.

2. Aanvraag ICC

Voor de aanvraag van een ICC volgt u de volgende stappen:

2.1. Aanvraagformulier:

Voor de aanvraag dient u uitsluitend gebruik te maken van het AANVRAAGFORMULIER ICC (klik op de link). U vult dit document bij voorkeur elektronisch in maar het kan ook manueel.

Let daarbij op volgende punten:

  • Na het correct invullen van de persoonsgegevens kruist u onder de rubriek "VAARBEVOEGDHEID " de Belgische vaarbevoegdheidsbewijzen aan, waarvan u in het bezit bent. Indien u het document elektronisch invult,wordt automatisch aangegeven op welke vaargebieden I(interior= binnenwateren), C(coastal= kustwateren) u recht heeft of desgevallend de beide.
  • Op de rugzijde van het aanvraagformulier staat bijkomende informatie, waaronder een tabel die aangeeft op welke type ICC ieder nationaal vaarbevoegdheidsbewijs recht geeft. Vooral voor degenen die het formulier met de hand invullen, zal deze tabel van belang zijn.

LET WEL: Van het bezit van de documenten moet u bewijs leveren d.m.v. een kopie van dit document, dat u met de aanvraag meestuurt. Indien u door het in bezit te zijn van één of meerdere documenten (bvb het algemeen stuurbrevet) al recht hebt op zowel I als C, heeft het geen zin om eventueel nog andere vaarbevoegdheidsbewijzen waarover u beschikt, te vermelden. Dit verzwaart alleen maar de administratieve last voor iedere betrokkene.

  • Bij de rubriek "keuze ICC" geeft u aan voor welke type voorstuwing u opteert, motor(M) of zeil (S) of beide.

OPGELET: De optie motor kan zonder bijkomende voorwaarden worden aangekruist. Indien u de optie zeilen aangeeft,moet u de rubriek daartoe invullen en daarbij dus verklaren dat u over voldoende praktijkervaring met het zeilen hebt opgedaan.

Vrijwel alle zeiljachten beschikken over een motor. Ook voor pleziervaarders die alleen op zeiljachten varen, is het aangewezen de optie motor aan te kruisen.

  • Van alle vaarbevoegdheidsbewijzen, waarvan u melding maakt, dient u met het aanvraagformulier een kopie mee te sturen. Vaarbevoegdheidsbewijzen die worden aangekruist, maar waarvan geen bewijs door middel van een kopie wordt geleverd, worden niet in aanmerking genomen.
  • Tenslotte moet u het document, na het te hebben afgedrukt, dateren en ondertekenen.

Bij het ondertekende aanvraagformulier vergezeld van de kopieën van de vaarbevoegdheidsbewijzen moet een recente, duidelijke pasfoto worden gevoegd. Deze foto kan in kleur of zwart-wit zijn, maar moet een witte achtergrond hebben.

Bovendien moet een kopie van de identiteitskaart worden toegevoegd (kan ook afdruk zijn van informatie bekomen door uitlezen van chip op ID kaart)
Het aanvraagdossier met bijlagen:
dient te worden opgestuurd naar FOD Mobiliteit doorgestuurd,die na goedkeuring de kaartfirma opdracht geeft om het ICC kaartje op bankkaartformaat af te drukken en het u toe stuurt

BEKNOPT REGLEMENT:

HOOFDSTUK 9. PLEZIERVAARTUIGEN

Art. 9.01. Algemene bepalingen

 

1. Het varen met pleziervaartuigen is onderhevig aan de bepalingen van dit reglement.

2. Het varen met zeilplanken is enkel toegelaten overdag op de panden of delen van panden waarvan het begin wordt aangeduid door het verkeersteken E.20 (aanhangsel) en het einde door het verkeersteken A.17       

   (aanhangsel ).

3. De vaart met pleziervaartuigen is verboden in de panden of delen van panden waarvan het begin wordt aangeduid door het verkeersteken A.13 (aanhangsel 7) en het einde door het verkeersteken E.16

    (aanhangsel ).

4. Enkel de pleziervaartuigen met een romplengte groter dan of gelijk aan 15 m moeten in het bezit zijn van een meetbrief.

5. De pleziervaartuigen moeten de kentekens dragen zoals voorzien in hoofdstuk 2 van dit reglement.

Bovendien dient op dezelfde manier het nummer van de immatriculatieplaat, voorzien in artikel 9.03, te worden aangebracht in het midden van de romp of aan de voorsteven, aan weerszijden van het schip; de hoogte van de letter B en de cijfers moet ten minste 0,10 m bedragen.14 Het aanbrengen van het nummer van de immatriculatieplaat is echter niet verplicht voor:

a) pleziervaartuigen met een romplengte van minder dan 5 m, voor zover ze niet met grote snelheid varen;

b) door spierkracht voortbewogen schepen met een romplengte van minder dan 20 m.

 

Art. 9.02. Technische voorschriften

 

1. Alle pleziervaartuigen moeten aan boord hebben:

a1) een reserve voortstuwingsmiddel in overeenstemming met het vaartuig. Dit voortstuwingsmiddel kan onder andere bestaan uit pagaaien, roeispanen, buitenboordmotor, enz.;

a2) voor iedere persoon aan boord, binnen handbereik, hetzij een reddingsgordel, een reddingskussen of een reddingsvest;

a3) twee touwen elk met een lengte ten minste gelijk aan deze van het vaartuig, die er stevig kunnen worden aan bevestigd;

a4) een degelijk functionerende stuurinrichting.

Motorpleziervaartuigen moeten bovendien voldoen aan volgende voorschriften:

b1) zij moeten ontworpen en gebouwd zijn ten einde elk risico op brand en ontploffing te vermijden;

b2) hun uitlaatsysteem dient voorzien van een geluidsdemper en de uitlaatgassen mogen noch gevaar noch hinder veroorzaken voor om het even wie;

b3) zij moeten voorzien zijn van een goedgekeurde poederblusser van voldoende capaciteit;

b4) deze met een lengte kleiner dan 7 m en die een snelheid kunnen halen van meer dan 20 km/u en zonder dek of die worden bestuurd van op een loopbrug, moeten voorzien zijn van een inrichting die

       automatisch de motor stillegt indien de bestuurder zijn plaats verlaat;

b5) zij moeten voorzien zijn van een hoosvat of een handpomp en een anker met een touw van ten

minste 10 m.

2. Lid 1 is niet van toepassing op:

a) zeilplanken;

b) opblaasbare bootjes die niet geschikt zijn om met een motor te worden voortbewogen;

c) vlotten;

d) door spierkracht voortbewogen vaartuigen met een romplengte kleiner dan 20 m.

3. Voor jetboten zijn enkel lid 1 a4), b1), b2) en b4) van toepassing.

Nochtans dient ieder der opvarenden een reddingsvest te dragen.

 

Art. 9.03. Immatriculatieplaat

 

1. Om zich op de vaarwegen of hun aanhorigheden te bevinden, moet elk pleziervaartuig voorzien zijn van een immatriculatieplaat.

2. De prijs van de immatriculatieplaat bedraagt 25 EUR. Dit bedrag is gekoppeld aan het indexcijfer der

consumptieprijzen en stijgt per schijf van 2,50 EUR. Als basis dient het indexcijfer van de maand mei 1992.

3. De immatriculatieplaat wordt afgegeven op schriftelijk verzoek van de eigenaar van een pleziervaartuig:

a) na betaling van het vereiste bedrag;

b) na overhandiging van een document dat zijn eigendom aantoont;

c) op vertoon van zijn identiteitskaart;

d) na opgave van de karakteristieken van zijn vaartuig;

e) op vertoon van de schriftelijke verklaring van overeenstemming van het pleziervaartuig of zijn

onderdelen voor zover die verklaring vereist was op het ogenblik dat het pleziervaartuig of de

onderdelen voor het eerst op de markt werden gebracht of in bedrijf gesteld binnen de Europese Economische Ruimte.

Elke wijziging aan deze inlichtingen dient onverwijld te worden medegedeeld aan de dienst die de immatriculatieplaat heeft afgegeven. 

Bij verandering van eigenaar is de nieuwe eigenaar gehouden een kopie van zijn eigendomsdocument te bezorgen aan deze dienst.

4. De immatriculatieplaat is definitief en blijft bij het pleziervaartuig behoren, ook bij verandering van eigenaar. Ze moet worden vernieuwd in geval van verlies of indien ze door beschadiging onleesbaar is geworden. 

De immatriculatieplaat dient bij de dienst die de immatriculatieplaat heeft afgegeven te worden ingeleverd, samen met de reden van inlevering, indien:

a) ze onleesbaar is geworden;

b) het vaartuig definitief vernietigd is;

c) het vaartuig verkocht werd naar het buitenland.

Voor elke ingeleverde immatriculatieplaat wordt een bericht van schrapping afgegeven.

5. De immatriculatieplaat moet worden aangebracht op een duidelijk zichtbare plaats op de buitenkant aan stuurboord van de achtersteven of aan de achterzijde van het vaartuig. Indien de plaat daar niet kan worden aangebracht, dient ze te worden aangebracht op een daartoe geschikte en voldoende zichtbare plaats.

6. Dit artikel is niet van toepassing op17:

a) zeilplanken;

b) opblaasbare bootjes die niet geschikt zijn om met een motor te worden voortbewogen;

c) vlotten.

 

Art. 9.04. Besturen van een pleziervaartuig

 

1. De bestuurder van hetzij een pleziervaartuig met een romplengte gelijk aan of groter dan 15 m, hetzij een motorpleziervaartuig dat sneller dan 20 km/u kan varen, moet 18 jaar zijn en in het bezit zijn van een stuurbrevet.

2. Om een motorpleziervaartuig, anders dan dat bepaald in lid 1, te mogen besturen moet de bestuurder:

a) indien het vaartuig uitgerust is met een motor van minder dan 7355 Watt, ten minste 16 jaar oud zijn;

b) indien het vaartuig uitgerust is met een motor van 7355 Watt of meer, ten minste 18 jaar oud zijn, deze leeftijdsgrens kan tot 16 jaar worden verlaagd indien een andere bestuurder van ten minste 18 jaar oud aan boord is.

3. De bestuurder van een varend pleziervaartuig moet zich bevinden op de plaats en in de houding die voor het sturen is voorzien.

4. De bestuurder van een pleziervaartuig moet in de gesteldheid zijn om te sturen en het nodige stuurmanschap bezitten en moet voortdurend in staat zijn alle nodige stuurbewegingen uit te voeren en zijn vaartuig bestendig     onder controle hebben.

 

Art. 9.05. Bijkomende vaarregels

 

1. Het is verboden het verkeer te water te hinderen of in gevaar te brengen hetzij door gelijk welke voorwerpen of stoffen in de vaarweg te werpen, te leggen, achter te laten of te laten vallen, hetzij door er ongelegen                

    stuurbewegingen uit te voeren of hinderlijke golfslag te veroorzaken. Het is eveneens verboden de gebruikers van de aanhorigheden van de vaarweg te hinderen of in gevaar te brengen.

2. Het is verboden een aantal personen aan boord te nemen zodat hierdoor het evenwicht en de veiligheid van het pleziervaartuig in gevaar worden gebracht.

3. Waterskiërs en de bestuurders van de motorboten die de waterskiërs trekken, dienen zich op een voldoende afstand te houden van de andere schepen en van de oevers.

De bestuurder van een motorvaartuig dat één of meer waterskiërs trekt, moet vergezeld zijn van een medeopvarende van ten minste 15 jaar oud.

4. Het is verboden om personen in de lucht boven het wateroppervlak voort te slepen.

 

Art. 9.06. Gebruik van de motor tijdens het stilliggen

 

De motor van een stilliggend pleziervaartuig mag niet onnodig lang of zonder redelijk doel in werking worden gehouden.

 

Art. 9.07. Varen met grote snelheid

 

1. Het varen met een grote snelheid is enkel toegelaten overdag en bij goede zichtbaarheid op de panden of delen van panden waarvan het begin wordt aangeduid door het verkeersteken E.21 (aanhangsel7) en het einde       door het verkeersteken A.18 (aanhangsel).

2. Het waterskiën en aanverwante activiteiten zijn enkel toegelaten overdag en bij goede zichtbaarheid op de panden of delen van panden waarvan het begin wordt aangeduid door het verkeersteken E.17 (aanhangsel) en       het einde door het verkeersteken A.14 (aanhangsel 7).

3. Het varen met grote snelheid met jetboten is enkel toegelaten overdag en bij goede zichtbaarheid op de panden of delen van panden waarvan het begin wordt aangeduid door het verkeersteken E.24

   (aanhangsel) en het einde door het verkeersteken A.20 (aanhangsel).

4. In de vakken waar met grote snelheid mag worden gevaren, is, behoudens anders luidende bepalingen, de pleziervaart met zeil- en roeiboten verboden.

5. Het overeenkomstig artikel 9.01, lid 5, aan te brengen nummer van de immatriculatieplaat moet een hoogte hebben van ten minste 0,20 m. 

    Bij pleziervaartuigen waar tengevolge van de constructie niet kan worden voldaan aan deze afmetingen, mag de hoogte van de tekens worden beperkt tot ten minste 0,10 m.

6. Snelheid- en behendigheidswedstrijden van pleziervaartuigen zijn verboden.

7. Het varen met grote snelheid is verboden wanneer het zicht minder dan 150 m bedraagt.

8. Snelvarende pleziervaartuigen moeten hun snelheid zodanig regelen dat zij geen schadelijke golfslag veroorzaken.

 

Art. 9.08. Buitenlandse pleziervaartuigen

 

1. Buitenlandse pleziervaartuigen die in het land van herkomst zijn geïmmatriculeerd, zijn vrijgesteld van de in artikel 9.03 bedoelde immatriculatieplaat.

2. De bestuurders van buitenlandse pleziervaartuigen moeten in het bezit zijn van de scheepspapieren die door hun land van herkomst worden geëist.

3. De snelvarende buitenlandse pleziervaartuigen moeten hun nationale vlag voeren en op de voorsteven het letterteken van hun land van herkomst dragen.

 

Art. 9.09. Uitzonderingen

 

Worden niet als pleziervaartuigen beschouwd:

a) de bijboten van schepen, met uitzondering van deze die met grote snelheid varen, die worden geïdentificeerd overeenkomstig artikel 2.02, lid 3;

b) de bootjes van openbare veerdiensten die de veerman toebehoren. Zij moeten de vermelding "Openbaar veer van ..." evenals de naam van de concessiehouder dragen

BRAND

Ook een schip is vaak gemaakt van brandbare materialen. Dus moet u wat doen aan brandbestrijding. Hiervoor zijn er een paar middelen die beslist aan boord moeten zijn.

Blusdeken
In de kombuis moet bij het kooktoestel een blusdeken voorhanden zijn. Deze is ideaal om bij vlam in de pan of een brandende afvalbak de brand veilig af te dekken en te doven.

Brandblusser
Een brandblusser is natuurlijk het meest voor de hand liggende middel om te blussen (verplicht op snelle motorboten). Er zijn meerdere soorten brandblussers. De beste is wel de poederblusser omdat hij kan worden ingezet voor zowel vaste stoffen-, vloeistoffen- en gasbranden of wel de ABC blusser. Ook onder extreem lage temperaturen blijft hij zijn werk doen.

Echter een groot nadeel is dat het poeder veel nevenschade veroorzaakt. Een alternatief is de schuimblusser, Deze blusser is geschikt voor vaste stofbranden en vloeistofbranden. De inhoud is vaak milieuvriendelijk. Let er wel op of de blusser is voorzien van een juiste sproei straalpijp. Voor aan boord is het advies om een 2 kilogram poederblusser te nemen en in het voor- en achteronder nog een 1 kilogram blusser te monteren. Let op, er is natuurlijk water voldoende voor handen maar vloeistofbranden en water zijn geen vrienden. Voor grotere schepen met grote machinekamers gelden natuurlijk andere regels. Hier zijn automatische blussystemen soms al standaard ingebouwd. Een apart deel van de brandbestrijding betreft de gasdetectoren, rook- hittemelders en koolmonoxidemelders. Vooral de gasdetector kan een explosie voorkomen voordat u bijvoorbeeld de motor start. Gas van een lekkende installatie zal zich altijd ophopen in het diepste punt van uw schip.

Zorg voor uw bemanning en omgeving
Waarschuw bij brand als eerste al uw bemanningsleden en uw omgeving. Zorg dat vluchtwegen en luiken ook van buiten te openen zijn. Bij een onbeheersbare brand verlaat u zo snel mogelijk uw schip. Vooral bij kunststof jachten zal tijdens een brand veel giftige rook en gassen vrijkomen. In de brand is nog niet altijd uit de brand, kijk ook eens naar uw verzekeringsvoorwaarden als uw schip in de winter op de werf staat.

C

Certificaat van deugdelijkheid

Een certificaat van deugdelijkheid is een document dat na onderzoek van het vaartuig wordt afgegeven en dat bevestigt dat het vaartuig voldoet aan de wettelijke voorschriften om op zee te varen. 

Dit certificaat is 5 jaar geldig.

Het is vereist voor het verkrijgen en behouden van een commerciële vlaggenbrief (voor pleziervaartuigen die mogen worden verhuurd of gebruikt voor het vervoer van maximum 12 passagiers, doch niet voor het vervoer van goederen of dieren).

Voor pleziervaartuigen met een geldige commerciële vlaggenbrief wordt op aanvraag een certificaat van deugdelijkheid heruitgereikt, met als vervaldatum dezelfde als deze van de lopende commerciële vlaggenbrief, doch niet later dan de datum van de schouwing + 5 jaar en 3 maand.

De prijs is afhankelijk van de lengte (L) van het vaartuig en het soort onderzoek en bedraagt op dit ogenblik:

Soort onderzoek L=<20 m L>20 m
Eerste onderzoek     Zonder klassecertificaat        325,50 EUR       434,00 EUR  
Met klassecertificaat    87,00 EUR   130,00 EUR  
vernieuwing     Zonder klassecertificaat    162,65 EUR   216,95 EUR  
Met klassecertificaat    43,40 EUR   65,20 EUR  

Indien een inspecteur zich voor een inspectie van het vaartuig naar het buitenland moet verplaatsen dan worden bijkomend de hierna vermelde tarieven aangerekend:

Vacatie Week Zon- en feestdagen
Per vacatie van vier uur of minder 90,00 EUR   134,00 EUR  
Per vacatie van méér dan vier uur tot acht uur  180,00 EUR   268,00 EUR  
Voor ieder begonnen uur boven de acht uren 34,00 EUR   45,00 EUR  
Maximaalbedrag per etmaal 312,00 EUR   450,00 EUR  

Aanvraag

Bij voorkeur via e-mail: yachting@mobilit.fgov.be. Hierbij dienen volgende gegevens steeds te worden vermeld: naam van het vaartuig, ligplaats, contactpersonen en telefoonnummer.

Info Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, Maritiem Vervoer, Scheepvaartcontrole Pleziervaart, Natiënkaai 5, 8400 Oostende, tel. 059 33 95 02 - 059 33 95 04.

Verklaring van overeenstemming

De verklaring van overeenstemming CE (declaration of conformity) is een verklaring van de bouwer waaruit blijkt dat het vaartuig, de waterscooter of de motor, gebouwd is volgens de geldende Europese reglementering (vastgelegd in ISO-normen). Zij vermeldt de beschrijving, de CIN-code (dit is het identificatienummer van het vaartuig of de waterscooter en voor de motor het serienummer), de tijdens de bouw gebruikte ISO-normen, enz…

Basis

KB van 23 februari 2005 houdende vaststelling van essentiële veiligheidseisen en van essentiële eisen in verband met de geluids- en uitlaatemissies voor pleziervaartuigen.

Afgifte

De verklaring van overeenstemming dient verplicht in de officiële talen van België te zijn opgesteld. Voor een tweedehands aangekocht vaartuig volstaat het indien deze is opgesteld in één van deze talen. Zij dient door de verkoper van het vaartuig, waterscooter of de motor te worden overhandigd aan de koper afhankelijk van de datum dat ze in de handel werden gebracht in de Europese Economische Ruimte (lidstaten van de Europese Unie, IJsland, Noorwegen en Liechtenstein):

  • 16.06.1998: voor pleziervaartuigen
  • 01.01.2006: voor waterscooters
  • 01.01.2006: voor motoren (met uitzondering van tweetaktmotoren met vonkontsteking)
  • 01.01.2007: voor tweetaktmotoren met vonkontsteking

Indien een vaartuig, waterscooter of motor wordt aangekocht die niet CE-gekeurd is mogen deze niet in de handel worden gebracht noch in gebruik worden gesteld zonder vooraf in overeenstemming te zijn gebracht met de reglementering. De tussenkomst van een "aangemelde instantie" is verplicht. Na een onderzoek en eventueel aanpassingen zal deze instantie een verklaring van overeenstemming kunnen afgeven. ->  schema

Model van de verklaring van overeenstemming in de officiële talen van België:

Opgelet: wanneer U van plan bent een vaartuig, waterscooter of motor aan te kopen, kijk na of de correct ingevulde verklaring van overeenstemming aanwezig is. Vraag eventueel een kopie van dit document vooraleer dat de verkoop wordt afgesloten. Op deze manier vermijdt U eventuele moeilijkheden bij de aanvraag voor een immatriculatieplaat of vlaggenbrief.

Info Federale overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, Maritiem Vervoer, Scheepvaartcontrole pleziervaart, Natiënkaai 5, 8400 Oostende, tel. 059 33 95 02 – 059 33 95 04, fax 059 33 07 29

E
EHBO doos

Verstop een EHBO doos niet maar leg hem op een duidelijk zichtbare plaats. Onder in de banken wegbergen heeft geen enkele zin. In een noodsituatie moet iedereen snel en adequaat kunnen handelen.

Minimale inhoud Basisset :

1 assortiment wondpleister (minimaal 15 strips)
1 driekante doek/driehoeksverband
1 ideaalzwachtel, 5 m x 8 cm
1 rol kleefpleister, 2- cm
1 flesje desinfectans, bij voorkeur 2 wondverzorgingskits
2 paar handschoenen
1 splinterpincet
4 steriele gaasjes/compressen van 1 / 16 m2 of 5 x 8 ,5 cm
1 schematische EHBO-instructie
1 tekenverwijderset
1 verbandschaar
2 wondsnelverbanden 8 x 10 cm

EHBO aan boord
EHBO aan boord is vaak iets waar te licht over wordt gedacht in de watersport.
Natuurlijk gaat u er van uit dat er niks gebeurt, maar een ongeluk zit in een klein hoekje, met name op grotere wateren zoals IJsselmeer, Markermeer, Zeeuwse Wateren, Waddenzee en de Noordzee legt u niet zomaar even aan om hulp van een arts of EHBO post in te roepen.
Als schipper bent u verantwoordelijk voor schip en bemanning en daar valt u zelf ook onder.
Verdiep u een beetje in de materie of beter nog: volg een EHBO cursus, dat voorkomt een hoop ellende en paniek aan boord.

meer info over EHBO aan boord KLIK HIER

G
Eb en vloed onder invloed van de maan.

Getijden noemt men het verschijnsel dat door de aantrekking van de zwaartekracht van vooral de maan de watermassa's op aarde een dagelijks variërende hoogte vertonen. De zon levert slechts een kleine bijdrage aan deze bewegingen.

De periode van het stijgen van het water heet vloed, die van het zakken eb. De maximale waterhoogte heet hoogwater, de minimum hoogte laagwater.

Eb en vloed

Op elk punt van de oceaan treedt per dag tweemaal een vloed op en ook tweemaal een eb. De tijd tussen twee momenten met de hoogste waterstand bedraagt gemiddeld 12 uur en 24 minuten. De tijdsduur van 12 uur wordt veroorzaakt door de draaiing van de aarde om zijn as, de tijd van 24 minuten komt door de baan van de maan ten opzichte van de draaiende aarde.

De waterhoogte die tijdens eb en vloed optreedt ten opzichte van het gemiddelde zeeniveau varieert. Rond nieuwe en volle maan worden de getijdenbewegingen versterkt omdat de maan en de zon op één lijn staan. Dit verschijnsel wordt springvloed genoemd. Als de schijngestalte van de maan in het eerste kwartier of het laatste kwartier is treden juist de minste getijdenbewegingen op. Dit wordt dood tij genoemd.

Eb en vloed in de Noordzee

De tijd waarop eb en vloed optreden op een punt langs de kust wordt sterk bepaald door de lokale topografie.

De eb- en vloedstroom in de Noordzee wordt veroorzaakt door de getijdenwerking van de Atlantische Oceaan. De invloed daarvan dringt zowel door in het Nauw van Calais als om de kust van Schotland en Engeland heen naar het zuiden

Deze twee golfbewegingen komen in de Noordzee samen tot een enkele eb- en vloedbeweging. Door de geringe en ongelijkvormige diepte (Doggersbank) van de Noordzee ontstaat er een vervorming van de getijdelijn, waardoor het dubbele laagwater (agger) ontstaat bij Hoek van Holland en de langgerekte vloedkop te Den Helder. Deze verschijnselen zijn dus niet afkomstig van een noord-zuid-tij maar alleen omdat de Noordzee niet overal even diep is.

Werking van getij

Vaak wordt gedacht dat de getijden ontstaan omdat de zwaartekracht van de maan het water naar zich toetrekt, maar dit is onjuist. Als dit zo was, dan zou er slechts 1x per 24 uur een vloedperiode optreden. De getijden ontstaan echter door een ander krachtenveld, namelijk door het verschil in zwaartekrachtsaantrekking aan de kant dichtbij en ver van de maan. De aarde zelf is erg star, en de diverse delen van de aardmassa blijven bij elkaar. Maar het water eromheen kan zich wel bewegen, en doet dat dan ook.

In de richting van de aarde die naar de maan is toegekeerd, wordt het water sterker door de maan aangetrokken dan de aarde zelf. Het heeft daarom de neiging verder van de aarde af te gaan, hier ontstaat dus vloed. Aan de andere zijde van de aarde, die van de maan is afgewend, wordt het water minder zwaar aangetrokken dan de aarde zelf. Dus ook hier is er per saldo een neiging van de aarde weg te gaan, en ontstaat er vloed.

Als we naar het water kijken dat zich vanuit de maan gezien 'aan de zijkant' bevindt, dan wordt dat ongeveer net zo zwaar aangetrokken (iets lichter) dan de aarde zelf. De richting is echter niet gelijk. Het water wordt hier in de richting van de aarde getrokken, en daarom ontstaat er hier een eb.

Dit verschijnsel verklaart ook waarom juist de maan de getijden veroorzaakt. De zwaartekracht van de zon is veel groter dan die van de maan, maar het verschil in zwaartekracht aan beide zijden van de aarde is door het zwaartekrachtsveld van de zon juist veel kleiner dan dat van de maan. Omdat de maan veel dichterbij staat is de gradiënt van het zwaartekrachtveld van de maan groter dan die van de zon.

Vervorming van de aarde

Getijden hebben niet alleen effect op het water in de oceaan, maar ook op de aarde zelf. Deze getijden zijn niet zo uitgesproken, maar zijn wel meetbaar door de vervormbaarheid van de aardkorst en aardmantel. Door de stijfheid van de aardmassa zelf, lopen de eb en vloed van de aarde zelf ongeveer twee uur achter op de getijden van de zee.

Doordat de getijden wrijving veroorzaken, wordt de draaiing van de aarde om zijn as steeds verder vertraagd, en wordt de lengte van de dag steeds langer. Een ander effect hiervan is dat de maan langzaam verder van de aarde af komt te staan.

Springtij en doodtij

In een synodische maand van 29 dagen, 12 uur en 44 minuten staan de zon, de aarde en de maan tweemaal op één lijn – bij volle en nieuwe maan. Hierbij versterken de getijkrachten van de maan en zon elkaar en treden er hogere hoogwaterstanden en lagere laagwaterstanden op, dit is springtij. Bij het eerste en laatste kwartier verzwakken de getijkrachten elkaar en treden er minder hoge hoogwaterstanden en minder lage laagwaterstanden op. Dit is doodtijj.

Dubbeldaags 

Bij een dubbeldaags getij is er tweemaal per dag hoogwater en tweemaal per dag laagwater, waarbij de beide hoogwaters min of meer even hoog, en de beide laagwaters ongeveer even laag komen, springtij treedt op met tussenpozen van 14 3/4 dag, namelijk ongeveer twee dagen na volle of nieuwe maan. De tijdstippen van hoog- en laagwater vallen iedere dag ongeveer een uur later dan die op de vorige dag. Wanneer het getij een halve cyclus van de maan heeft doorlopen, vallen de hoog- en laagwaters weer ongeveer op hetzelfde tijdstip als aan het eind van de vorige halve cyclus. De hoogwaters op de dag van springtij vallen dus altijd op voor die locatie ongeveer vaste tijdstippen. Doodtij valt 7 dagen na springtij. Het dubbeldaags getij treedt op in de indische oceaan, de atllantische oceaan met uitzondering van de golf van mexico, nieuw zeeland, de Oostkust van australie, grote delen van de Westkust van midden en zuid amerika en enkele andere verspreid liggende gebieden.

Enkeldaags getij

Bij enkeldaags getij is er eenmaal per dag hoogwater en een maal per dag laagwater. Enkeldaags getij komt voor in de golf van mexico, de zee van ochtocks, de zuid chinese zee, het noordwestelijk deel van de golf van thailand en de java zee.

Gemengd getij

Bij een gemengd getij is er op bijna alle dagen een groot verschil tussen de hoogtes van de beide hoogwaters en die van de beide laagwaters. Op sommige dagen heeft het getij het karakter van een enkeldaags getij, maar over het algemeen zijn er twee hoogwaters per etmaal. Dit getijtype komt voornamelijk voor in de grote oceaan.

Noordzee

De tijd waarop eb en vloed optreden op een punt langs de kust wordt sterk bepaald door de lokale geographie.

De getijdenbeweging in de Noordzee wordt veroorzaakt door twee getijdengolven.

  • De eerste getijdengolf komt langs de oostkust van schotland en engeland vanuit de atlantische oceaan de Noordzee binnen, wordt omgebogen in het nauwere zuidelijke deel van de Noordzee om zich verder in noordoostelijke richting langs de kust voort te bewegen.
  • De tweede getijdengolf is van geringere invloed en komt vanaf de Atlantische Oceaan door het nauw van calais de Noordzee binnen.

Door de geringe en ongelijkvormige diepte "doggersbank" van de Noordzee ontstaat er een vervorming van de getijdenlijn, waardoor het dubbele laagwater "agger" bij hoek van holland ontstaat en de langgerektevloedkop te Den helder, deze verschijnselen zijn dus niet afkomstig van een noord-zuid-tij maar komen alleen doordat de Noordzee niet overal even diep is.

Als er gekeken wordt naar de tijden van hoog- en laagwater, dan blijkt dat de tijd van hoogwater zich vrij regelmatig verlaat vanaf wielingen tot aan petten, waar zelfs twee hoogwaters kunnen voorkomen met een tussenruimte van ongeveer 2 uur. Daarna verlaat de tijd van hoogwater weer vrij regelmatig vanaf den helder tot om de noord. Bij vlissingen bedraagt het getijverschil (verschil in waterhoogte) van hoog- en laagwater ongeveer 382 cm. Bij hoek van holland is dat slechts 169 cm, en bij Den Helder 137 cm. Daarna neemt het echter weer toe: bij harlingen is het 201 cm en bij delfzijl 299 cm.

Definitie stroomkaart

Oceanografische kaart* waarop kenmerken van zeestromen, zoals richting, snelheid en temperatuur zijn weergegeven

Een astronomische berekening is niet voldoende om de juiste waterstand te voorspellen, want ook wind, luchtdruk en zeediepte spelen een rol. Bij lage luchtdruk stijgt het water hoger dan bij hoge druk.

Een harde storm kan de golven opzwepen en overstromingen veroorzaken. Het is dus niet verwonderlijk dat hydrografische diensten overal meetpunten hebben om tijdig te kunnen alarmeren. Bijna elk land heeft tegenwoordig ook een instituut dat astronomische voorspellingen en/of waarnemingen op z'n website heeft.

De voorspelling van getijden is vooral een kwestie van zeer ingewikkelde formules opstellen en uitrekenen

Getijden hebben niet alleen effect op het water in de oceaan maar ook op de aarde zelf. Deze getijden zijn niet zo uitgesproken, maar zijn wel meetbaar door de vervormbaarheid van de aardkorst en mantel

Door de stijfheid van de aardmassa zelf, lopen eb en vloed van de aarde zelf ongeveer twee uur achter op de positie van de hemellichamen die ze veroorzaken.

Doordat de getijden wrijvingen veroorzaken wordt de draaiing van de aarde om haar as steeds verder vertraagd, en wordt de dag steeds langer. Een ander gevolg hiervan is dat de maan langzaamaan verder van de aarde komt af te staan

H
Herkenningstekens

Voor zover aan bepaalde reglementen dient te worden voldaan, moeten op het vaartuig bepaalde herkenningstekens worden aangebracht. Indien deze tekens zelf moeten worden aangemaakt (bijvoorbeeld door schilderen) moeten ze duidelijk leesbaar en onuitwisbaar zijn; zij moeten licht van kleur zijn op een donkere grond of donker van kleur op een lichte grond. De breedte en de lijndikte van de tekens moeten in verhouding staan tot de hoogte.

  Teken Hoogte Hoe aanbrengen?
Groot schip
(lengte >= 20 m)
Naam vaartuig 0,20 m Aan beide zijden en achteraan.
Thuishaven 0,15 m Aan beide zijden of achteraan. 
Land (code) 0,15 m
Klein schip
(lengte < 20 m)
Naam vaartuig 0,10 m Aan beide zijden met uitzondering van:
  • vaartuigen < 5 m
  • door spierkracht voortbewogen vaartuigen
Immatriculatie Immatriculatie-plaat _ Op een duidelijk zichtbare plaats aan stuurboord aan de buitenkant van de achtersteven of aan de achterzijde van het vaartuig. Indien de plaat daar niet kan worden aangebracht, dient ze op een daartoe geschikte en voldoende zichtbare plaats te worden bevestigd.
Nummer van de immatriculatie-plaat (Bxxxxx) 0,10 m In het midden van de romp of aan de voorsteven, aan weerszijden van het schip. 
0,20 m Indien snelheid > 20 km/h
Meetbrief Metingsmerk 0,10 m Op de achtersteven. Aanbevolen hoogte.
Vlaggenbrief  Naam vaartuig _ Op het achterschip, of indien dit niet mogelijk is, op de beide flanken.
Thuishaven _

Handelen in noodsituaties

Bij gevaar en ongevallen is een ieder verplicht, rekening houdend met zijn eigen mogelijkheden, hulp te verlenen. Blijf altijd kalm in noodsituaties als brand, averij, kapseizen of man over boord.

Handel snel en doelgericht, voorkom paniek!

Brand

Voorkomen is beter dan blussen.
Elke brand, ook de kleinste, direct energiek met alle beschikbare middelen bestrijden.
Zuurstoftoevoer afsluiten.
Brandstoftoevoer afsluiten.
Let altijd op de bereikbaarheid van de brandblusmiddelen.
Nooit met water blussen op een vloeistofbrand!

Averij
Direct vaststellen of personen letsel hebben opgelopen.
Eerste hulp verlenen.
Eventueel noodsignalen geven.
Anderen op de noodsituatie attent maken.
Reddingsvesten aantrekken en andere reddingsmiddelen gereed houden.
Hulp aanvragen.
bij gezonken schip de plaats markeren, bijvoorbeeld met een boei.
autoriteiten inlichten.
U maakt het hulpverleners gemakkelijker als u kunt aangeven welke hulp u nodig heeft en wat de omvang van de schade is. Ook uw positie is voor hen erg belangrijk.

Kapseizen
Blijf bij de omgeslagen boot.
Kijk uit naar de overige bemanningsleden.
Vermijd onnodige krachtsinspanning (onderkoeling).
Bied hulp aan anderen.
Roep om hulp en probeer de aandacht van anderen te trekken.
Geef indien mogelijk noodsignalen.

Man over boord
Reddingsmiddelen werpen.
Direct een uitkijk opstellen.
‘Man over boord’- manoeuvre uitvoeren. Oefen deze bij mooi weer in zwemkleding.
Positie vaststellen.
Overige schepen op de situatie attenderen.
Per marifoon om hulp vragen.

HERSTELLINGEN IN POLYESTER DOE JE ZOhttp://users.telenet.be/jurgensweb/Botenbouw-glasmat.pdf

|M

Marifoon

Motorvaartuigen op de binnenwateren met een romplengte van meer dan 7 m moeten over een marifooninstallatie te beschikken. Aangezien men met deze installatie gelijktijdig moet kunnen uitluisteren op 2 kanalen (schip-schip en nautische informatie) zal dit neerkomen op de aanschaf van 2 afzonderlijke apparaten. Voor kleine vaartuigen (< 20 m) is de verplichting om gelijktijdig uit te luisteren echter opgeschort tot een later te bepalen tijdstip waardoor één apparaat volstaat. Het blijft evenwel ten zeerste aangeraden om nu al over 2 apparaten te beschikken.

Marifoonkanalen ontvangen zonder vergunning
Voor watersporters die geen gebruik maken van het zenden met een marifoon is het toch handig om de marifoonkanalen te kunnen beluisteren. Dit bevordert de veiligheid op het water en tevens kunnen daarop de kanalen voor maritieme weersberichten en scheepvaartberichten worden uitgeluisterd.

U heeft hiervoor geen marifoonbrevet nodig omdat u alleen kunt uitluisteren en niet zenden.
Vaartuig Lengte (L) Marifoon verplicht Dubbele marifoon verplicht
KLEIN motorvaartuig L <= 7m neen

neen

7m < L < 20m 01.01.2009

later te bepalen datum

GROOT motorvaartuig 01.01.2007

01.01.2007

Het is toegelaten om portofoons (draagbare toestellen) te gebruiken voor zover een vast station niet verplicht is. De marifoons zijn steeds voorzien van ATIS en van dezelfde roepnaam. Aangezien het bereik van een portofoon beperkter is dan van een vast station, raadt het BIPT evenwel aan om ten minste gebruik te maken van één vast station.

Iedereen die een marifoon aan boord heeft, ook al is dit niet verplicht, dient wel over de nodige vergunning voor radio-elektrische apparatuur te beschikken voor het toestel en een bedieningscertificaat voor het gebruik ervan.

Dus indien een marifoon aan boord is geïnstalleerd, is een ministeriële toelating voor het houden van zend-en ontvanginstallaties vereist. De vergunning kan u aanvragen bij:

Belgisch Instituut van Postdiensten en Telecommunicatie(BIPT)

ASTRO-Toren

Sterrenkundelaan 14 bus 21

1000 Brussel

 02-226 88 56

website: www.bipt.be (oa. aanvraagformulieren)

 

Bij de aanvraag moet een technische beschrijving met de schema’s en het homologatienummer van de toestellen worden gevoegd. 

Alleen voor het gebruik van typegekeurde toestellen worden vergunningen afgeleverd.

De persoon die de marifoon bedient, moet in het bezit zijn van een "beperkt getuigschrift van radiote-lefonist van scheepsstation".

De examens hiervoor worden ingericht door het BIPT.

De internationale roepnaam voor de pleziervaartuigen wordt, aan de eigenaars van schepen die de

Belgische nationaliteit bezitten, toegekend door het BIPT. Een voor éénsluidend verklaard afschrift van de vlaggenbrief is vereist. 

De roepnamen toegekend aan de pleziervaart beginnen steeds met de letters "OS" gevolgd door "2" letters of 4 cijfers.

Beperkt certificaat van radiotelefonist.

Vergunning voor radio-elektrische apparatuur.

|O
omnium

Eerst en vooral verlenen maatschappijen hogere kortingen voor wie reeds eerder schadevrij verzekerd was voor een pleziervaartuig. Anderzijds behoudt een schip (anders dan bij een auto) beter zijn waarde, vooral wanneer dit degelijk en op regelmatige basis onderhouden wordt.
Nagenoeg alle schadeoorzaken zijn verzekerd, gaande van de gevolgen van een van buitenaf komend onheil (zoals aanvaring, stranden, storm, bliksem), verlies van schroef, diefstal tot de gevolgen van een eigen gebrek (zoals fouten van ontwerp of bouw). Zelfs de voortstuwingsinstallatie (bestaande uit de motor met omkeermechanisme, schroef, schroefas, motorkoeling en het instrumentenpaneel) is gedurende de eerste 10 jaar voor de gevolgen van een eigen gebrek meeverzekerd. Voor het vernieuwen van onderdelen zal er een aftrek wegens ouderdom worden toegepast voor oudere buitenboordmotoren, zeilen, buiskappen e.d.
Bovendien vermindert de franchise die bij een omniumverzekering gebruikelijk is in de meeste gevallen met 20% per schadevrij jaar. Overkomt u dan toch een schadegeval nadat u een 3 jaar schadevrij verzekerd was, dan geniet u in bepaalde gevallen bescherming van de no-claimkorting. Kortom : uw premie blijft dan ongewijzigd na een schadeclaim.
Tenslotte voorziet een uitgebreide omniumverzekering ook bij bepaalde malelaars een Vaartuigenhulpdienst die 24 u op 24, 7 dagen op 7 te bereiken is en zijn nut kan bewijzen bij ernstige gevallen.
Ook voor verzekering van de repatriëringskosten van opvarenden, vaartuig en/of trailer zijn mogelijkheden in de omnium."

In het geval u als eigenaar/schipper personen tegen betaling meeneemt, is het belangrijk dat u zich indekt tegen de onbeperkte aansprakelijkheid die u zou kunnen oplopen wanneer een betalende opvarende zich aan boord van uw schip zou kwetsen."

Een gewone rechtsbijstandsverzekering verleent immers geen dekking in geval van contractuele geschillen ten aanzien van leveranciers en herstellers. In de praktijk stellen wij vast dat u vroeg of laat te maken kunt krijgen met gebrekkige en/of foutieve leveringen en herstellingen."

Voorbeeld 1: u koopt een boot en deze blijkt behept te zijn met een eigen gebrek waarvoor de verkoper dient in te staan. Maar wanneer hij dit betwist en u de zaak via een advocaat voor de rechtbank dient te brengen om uw gelijk te halen, kunnen deze kosten hoog oplopen en zonder uitgebreide rechtsbijstandsverzekering zouden deze volledig ten uwe laste vallen.

Voorbeeld 2: een reparateur komt na herstelling op de proppen met een hogere factuur dan eerst afgesproken. U wenst deze dan ook te betwisten. Probleem is dat de reparateur kan weigeren om uw schip terug te geven vooraleer deze factuur betaald is. In dat geval dient u uw belangen door een advocaat te kunnen laten verdedigen teneinde zo vlug mogelijk terug over uw boot te kunnen beschikken.

V
*verzekering

Anders dan voor een auto is de verzekering 'Burgerlijke Aansprakelijkheid' voor een schip in onze contreien immers niet wettelijk verplicht.
Alleen in een beperkt aantal landen zoals Italië, Spanje en Kroatië is deze verzekering wettelijk verplicht en dient men een gepast verzekeringsattest voor te kunnen leggen.
De praktijk wijst echter uit dat het ook bij ons aan te bevelen is om een dergelijke verzekering te nemen teneinde u tegen de aanspraken van derden te beschermen.
De meeste verzekeringsmaatschappijen hanteren hierbij een verzekerd bedrag van € 5.000.000,00, wat overeenkomt met de bepalingen van de Conventie van Londen die de aansprakelijkheid van de eigenaar/schipper beperkt."

Iemand met een beetje gezond verstand verzekert zich bij een watersporter-makelaar die gespecialiseerd is in pleziervaartuigenverzekeringen die u met raad en daad kan bijstaan. Bovendien is het zo dat wanneer men een aanvraag indient voor het bekomen van een ligplaats in een jachthaven de havenmeester een verzekeringsattest zal vragen waaruit blijkt dat naast de waarborg 'Burgerlijke Aansprakelijkheid' ook de 'Bergings-en lichtingskosten' verzekerd zijn.
Mocht het schip komen te zinken dient er immers snel gehandeld te worden om de hinder voor de vaart zoveel mogelijk te beperken. Daarom wenst de havenmeester al op voorhand de garantie te krijgen dat deze kosten door de verzekeraar zullen betaald worden mocht er zich iets voordoen.
De kosten om een gezonken schip te lichten kunnen trouwens enorm hoog oplopen, ook voor kleinere boten, vooral wanneer er bij slecht weer dient gehandeld te worden. Daarom wensen de verzekeringsmaatschappijen in de mate van het mogelijke zelf met de bergingsfirma te onderhandelen.
Het komt regelmatig voor dat de bergings-en lichtingskosten hoger oplopen dan de dagwaarde van het schip. Dit zal zeker het geval zijn mocht uw schip komen te zinken in een vaargeul of druk kanaal met beroepsvaart.
Daarom is het aan te bevelen dat deze kosten voor een onbeperkt bedrag verzekerd worden."

*vlaggenbrief

Pleziervaartuigen die varen in volle zee, vreemde wateren en Belgische zeewateren (de territoriale zee, de havens van de kust, de haven van Gent, de kanalen Oostende-Brugge en Zeebrugge-Brugge, het Belgisch gedeelte van het kanaal Gent-Terneuzen alsook de Beneden-Zeeschelde) moeten in het bezit zijn van een vlaggenbrief.

Varen op zee: vaartuigen die in het buitenland op zee varen, in gebieden waar een vlaggenbrief is vereist, en die een Belgische vlaggenbrief bezitten, worden beschouwd als vaartuigen waarop de Belgische wetgeving van toepassing is. Concreet betekent dit bijvoorbeeld dat in dat geval geen stuurbrevet vereist is, aangezien dit in België niet is vereist. Let wel op, indien u, als Belg, een vaartuig huurt in een land waar een stuurbrevet is vereist, is de reglementering van het betreffende land ook op u van toepassing!

Vaartuigen korter dan 2,5 m en kajaks krijgen geen vlaggenbrief.

Vaartuigen langer dan 24 m of deze die het zeehengelen met betalende passagiers uitoefenen of deze gebruikt of bestemd voor het vervoer van meer dan 12 betalende passagiers, worden niet beschouwd als pleziervaartuigen. Zij krijgen een zeebrief (inlichtingen: Scheepvaartcontrole, Natiënkaai 5, 8400 Oostende, tel. 059 56 14 85), de schipper zou moeten in bezit zijn van STCW attest !!

Er bestaan twee soorten vlaggenbrieven:

De vlaggenbrief vervalt:

Let op: wie binnen de 3 maand voor deze geldigheidsdatum een nieuwe vlaggenbrief aanvraagt, krijgt een vlaggenbrief met een geldigheid tot de vorige geldigheidsdatum + 5 jaar, en verliest op die manier geen geldigheidstermijn.

Een pleziervaartuig onder buitenlandse vlag moet de documenten aanboord hebben die zijn nationaliteit bevestigen (registratie, immatriculatie), overeenkomstig de reglementering van zijn land.

Basis

KB van 4 juni 1999 betreffende de inschrijving en de registratie van de pleziervaartuigen

Aanvraag

De aanvraag voor een vlaggenbrief (die tevens de aanvraag is voor een inschrijving in het register der pleziervaartuigen) gebeurt door middel van een formulier.

Het ingevulde en getekende formulier, met de documenten zoals hieronder vermeld, dient te worden opgestuurd naar één van de adressen van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, Maritiem Vervoer. De commerciële vlaggenbrief wordt echter enkel in Brussel uitgereikt.

1210 Brussel, City Atrium, Vooruitgangstraat 56, tel. 02 277 35 36 (37, 38). 
Van maandag tot vrijdag van 9.00 tot 11.30
2060 Antwerpen, Olijftakstraat 7-13, tel. 03 220 74 28 
Van maandag tot vrijdag van 9.00 tot 12.00 behalve woensdag 
4000 Liège, La Batte 10, tel. 04 220 66 70
Van maandag tot vrijdag van 9.00 tot 12.00
8380 Zeebrugge , Kustlaan 118, tel. 050 28 92 60
Van maandag tot vrijdag van 9.00 tot 12.00 en van 13.00 tot 16.00
8400 Oostende, Natiënkaai 5, tel. 059 56 14 85
Van maandag tot vrijdag van 9.00 tot 12.00 en van 13.00 tot 16.00
9000 Gent, Port Arthurlaan 12, tel. 09 218 83 30
Van maandag tot vrijdag van 9.00 tot 12.00 en van 13.00 tot 16.00

Documenten te voegen bij de aanvraag

Betaling en afgifte

De vlaggenbrief wordt afgeleverd tegen betaling van een retributie van 50 EUR.
De betaling gebeurt door middel van één van de hieronder vermelde systemen:
1. Door overschrijving bij de Bank van de Post, Koloniënstraat 56, 1000 Brussel op het rekeningnummer 679 2005831 65 met vermelding van de unieke gestructureerde mededeling die bovenaan rechts het aanvraagformulier staat (bv. +++000/0000/00000+++). Voor een overschrijving vanuit het buitenland, gebruik IBAN: BE18 6792 0058 3165 en BIC: PCHQBEBB.
2. Door storting bij de Bank van de Post, Koloniënstraat 56, 1000 Brussel op het rekeningnummer 679 2005831 65 met vermelding van de unieke gestructureerde mededeling die bovenaan rechts het aanvraagformulier staat (bv. +++000/0000/00000+++).
3. Met betaalkaart aan het loket. Betaalkaarten Bancontact, Mister Cash of Maestro worden aanvaard. Kredietkaarten en cash worden niet aanvaard.

Opmerking: de bankkosten zijn ten laste van de aanvrager

De vlaggenbrief kan per post worden opgestuurd of na afspraak aan het loket worden afgegeven (in geval van storting, gelieve het stortingsbewijs af te geven).

Vernieuwing 

De vlaggenbrief moet worden vernieuwd als een wijziging optreedt in de gegevens die erop worden vermeld (bv nieuwe eigenaar of motor) en bij het overschrijden van de geldigheidsdatum. De aanvraag voor een nieuwe vlaggenbrief gebeurt door middel van het volledig ingevulde formulier (met inbegrip van de niet gewijzigde gegevens). Het ondertekende formulier dient te worden opgestuurd naar één van de hierbovenvermelde adressen, samen met 

De documenten reeds in ons bezit hoeven niet meer te worden opgestuurd.

Let op: wie binnen 3 maand voor de vervaldatum een nieuwe vlaggenbrief aanvraagt, krijgt een vlaggenbrief met een geldigheid tot de vorige geldigheidsdatum + 5 jaar.

Doorhaling 

De schriftelijke aanvraag voor doorhaling moet opgestuurd worden naar één van de hierboven vermelde adressen, vergezeld van de originele vlaggenbrief en het bewijs van verkoop van het vaartuig. Een attest van doorhaling kan worden afgegeven


De voorgeschreven uitrusting aan boord van pleziervaartuigen is afhankelijk van het vaargebied.
Grosso-modo kan dit worden ingedeeld in Zeewateren (Territoriale zee, Havens van de kust, Beneden Zeeschelde, Haven van Gent, Gent-Terneuzen, Zeebrugge-Brugge en Oostende-Brugge) en Binnenwateren

Belgische zeewateren

1. Pleziervaartuig, uitgezonderd kano, kajak en zeilplank

  • Reddingsmiddelen: reddingsgordel voor iedere opvarende, lichtgevende reddingsboei indien het vaartuig nachtelijke tochten onderneemt, afdoende noodseinen waaronder vuurpijlen;
  • Nautische instrumenten: misthoorn, magnetisch kompas, navigatielichten, dieplood;
  • Uitrustingsmaterieel: anker, pomp of hoosvat, voldoende aantal roeispanen met hun dollen, 20m tros voor allerhande werken, blusapparaat voor motorjachten, hamer, bootshaak, elektrische lamp geschikt voor het geven van lichtsignalen, volledig stel zeilen voor zeiljachten;
  • Heel- en verbandmiddelen: waterdichte doos met het nodige verband en andere gewone farmaceutische producten;
  • Documenten: vlaggenbrief, dubbel van de verzekeringspolis, getijdenboekje, bijgewerkte zeekaarten.

2. Kano en kajak:

  • Reddingsmiddelen: opblaasbare reddingsboei of opblaasbare kussens;
  • Nautische instrumenten: kleine misthoorn of dubbele toonfluit;
  • Uitrustingsmaterieel: reservepaddel als het een éénzitter betreft, meertouw van ten minste 10m, opblaasbare puntluchtzakken vóór en achter voor vouwboten, enterhaakje, desgevallend de nummerplaat van de vereniging waartoe ze behoren of waarvan de eigenaar lid is.

3. Zeilplank:

  • Reddingsmiddelen: isotherm pak dragen
  • Uitrustingsmaterieel: 2 handstakellichten, bevestigingssysteem van de mast aan de plank

Binnenwateren

(behalve voor Gemeenschappelijke Maas: zie reglement ter zake, en voor Brussel-Schelde: het onderstaande is aan te bevelen)

Pleziervaartuig (uitgezonderd kano, kajak en zeilplank)

  • Reddingsmiddelen: reddingsgordel (of kussen of vest) voor iedere opvarende; personen op jetboten moeten een reddingsgordel dragen;
  • Nautische instrumenten: marifoon voor een motorvaartuig langer dan 7 m
  • Uitrustingsmaterieel (behalve voor jetboten): anker of dreg, pomp of hoosvat, reserve voortstuwingsmiddel, 2 touwen minstens gelijk aan de lengte van het vaartuig, blusapparaat voor motorjacht

De Scheepvaartpolitie heeft in samenwerking met de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer, Maritiem Vervoer, een preventiecampagne voor de pleziervaart opgezet. Deze campagne bestaat vooreerst uit een informatiecampagne waarbij de pleziervaarder wordt geïnformeerd om op een veilige manier zijn hobby te beoefenen.

Veiligheid aan boord is voor de watersport een belangrijk item. Vooral het weer en de staat van onderhoud aan uw schip zijn belangrijke factoren. Niet te vergeten is de kennis en ervaring van schipper en bemanning bepalend voor een veilige tocht.

Schipper en bemanning
Zorg er voor dat schipper en bemanning op elkaar zijn ingesteld. Misschien wat ouderwets, maar de schipper is de baas aan boord. Commando’s dienen opgevolgd te worden. Dit is met name belangrijk in noodsituaties, paniek en in discussie gaan wanneer er noodsituaties zich voordoen leidt tot een ramp. Maar ook bij manoeuvreren in een sluis, het aanleggen moet van te voren bekend zijn wie wat doet en pas op het moment dat de schipper daarom vraagt.

Veiligheidsmiddelen – reddingvesten
Het lijkt niet zo sportief misschien, maar het dragen van een reddingvest is op groter open water zonder meer aan te bevelen. Als bij een onverwachte manoeuvre iemand overboord valt leidt dat tot problemen, zeker wanneer iemand overboord valt in zwaar weer of na een ongeval. Een zwemvest geeft bescherming en houdt de drenkeling drijvende.
| meer info reddingsvesten |

Brandbestrijding
Hopelijk overkomt u het nooit, maar brand aan boord is een grote ramp. Een goede brandblusser en brandwerende dekens dienen gewoon op ieder schip te zijn. Brandblusser zijn in veel soorten verkrijgbaar en dienen regelmatig gecontroleerd te worden. Een poederblusser is goed om aan boord te hebben. Daarmee blust u brand bij vaste stoffen, vloeistoffen en gasbranden.
| meer info over brandbestrijding |


Noodsignalen voor watersport
Iedere watersporter dient noodsignalen aan boord te hebben om in geval van calamiteiten anderen te kunnen waarschuwen. Natuurlijk kan dat ook via een marifoon, maar als er redding onderweg is dan is het afschieten van noodsignalen handig om de plaats van onheil te wijzen.
| meer info over noodsignalen |

Alcohol en watersport
Menig schipper en zijn bemanning houden wel van een slokje. Maar tijdens het varen is het levensgevaarlijk, zeker tijdens warm zomerweer. Gelukkig controleert de Waterpolitie de laatste jaren intensief op alcohol onder watersporters, een dronken schipper is geen schipper maar een gevaar op het water. Bekeuringen hiervoor zijn ook erg kostbaar…
| Meer info over alcoholgebruik |

Handelen in noodsituaties
Indien u uw schip onder alle omstandigheden kent en schipper en bemanning op elkaar ingesteld is kunnen noodsituaties worden voorkomen. Desondanks kan er plotseling iets gebeuren dat u niet voorzien heeft. Alleen kalmte kan redding brengen, indien u in paniek acties gaat doen zal dat vaak fout gaan. Op onze pagina noodsituaties staan een aantal mogelijke problemen en oplossingen…
| meer info over noodsituaties |

hier vindt u het zwemvest of reddingsvest naar uw keuze

   automatic_inflation50.gif              automatic_inflation100.gif             automatic_inflation150.gif             automatic_inflation275.gif

EN 393 zwemvesten    EN395 reddingsvesten    EN 396 reddingsvesten   EN399 reddingsvesten

Wij hebben speciaal voor u de zwemvesten en reddingsvesten in drijfvermogen categoriën ingedeeld, bekijk deze categoriën door op de tekst te klikken.

De keuze van uw reddingsmiddel is mede afhankelijk voor welke categorie deze gebruikt wordt. Zo zijn er diverse categoriën waar binnen uw zwemvest of reddingsvest valt. De categorie wordt uitgedrukt in "N" hoe groter het getal voor de "N" hoe meer drijfvermogen het zwemvest of reddingsvest heeft.

Europeese Norm 89/686/EEG

De categoriën zijn opgesteld en geconformeerd volgens de Europeese Norm 89/686/EEG "persoonlijke beschermingsmiddelen".

Drijfhulpmiddel (zwemvest)

automatic_inflation50.gif

Drijfhulpmiddel 50N - EN 393

Alleen geschikt voor zwemvaardigheden. Alleen bij of op beschut water waar snel hulp aanwezig is. Niet veilig bij bewusteloosheid.

Geen REDDINGSVEST! voor personen vanaf 30 kg.

Het 50N drijfhulpmiddel is bij uitstek geschikt in situaties waar veel bewegingsvrijheid vereist is, zoals:

  • Kanoën & Kayakken
  • Dinghy - zeilen
  • water / jetskiën
  • vissen - jagen

automatic_inflation100.gif

Reddingsvest 100N - EN395

Geschikt bij of op binnenwater en beschut water. Beperkt veilig bij bewusteloosheid en bij het dragen van waterdichte kleding.

Geschikt voor kinderen (al vanaf een paar maanden) en volwassenen bij of op binnenwater en beschut water tijdens normale weerstomstandigheden en het dragen van lichte kleding. Biedt goede bescherming voor niet-zwemmers en zwemmers. De 100N reddingsvesten zijn zo ontworpen dat ze een bewusteloze persoon op de rug draaien, met de luchtwegen vrij van water.

automatic_inflation150.gif

Reddingsvest 150N - EN396

Voor zwemmers en niet-zwemmers. Geschikt bij of op open- en kustwater. Met zware, waterdichte kleding beperkt veilig bij bewusteloosheid. Een reddingsvest dat meer drijfvermogen en geavenceerder is. Voor serieuze jachtvaarders, zwemmers en niet-zwemmers.

Geschikt voor kinderen en volwassenen bij of op open- en kustwater. Voor zware weersomstandigheden en bij het dragen van bijvoorbeeld lichte regenkleding. De 150N reddingsvesten zijn zo ontworpen dat ze een bewusteloze persoon op de rug draaien, met de luchtwegen vrij van water.

automatic_inflation275.gif

Reddingsvest 275N - EN399

Voor op zee en bij extreme zware omstandigheden. Voor dragers van zware, waterdichte kleding. Onder vrijwel alle omstandigheden volkomen veilig bij bewusteloosheid. 275N reddingsvesten zijn er in diverse uitvoeringen, wij hebben een overzicht van 275N reddingsvesten op deze website speciaal voor u gesorteerd. voorbeelden van automatische reddingsvesten vindt u in de categorie: automatische reddingsvesten.

Let op: een drijfhulpmiddel en/of reddingsvest werkt alleen goed als:

Extra: opblaasvest, controleer of het opblaasmechanisme operationaal is volgens de bijsluiter. Check ook of het gasflesje vol of niet doorboord is.



klik op de afbeelding voor jurgensweb