Noteer de samenstellingen in het meervoud!

Noteer de samenstellingen in het meervoud!

© Paul Corthouts

Vul in zoals in het voorbeeld hieronder :

aap + streek = apenstreken
1. spreeuw + ei =

2. spin + web =

3. hond + hok =

4. pruim + boom =

5. den + bos =

6. tomaat + pit =

7. jongen + boek =

8. dorp + centrum =

9. fiets +slot =

10. mening + verschil =