Tweelingwoorden

Tweelingwoorden

© Paul Corthouts

Noteer het juiste woord!
   bladen      bladeren      kauw      kou      leidt      lijdt      nood      noot      reist      rijst   
1. De meester deelt de uit.

2. In de lente vind ik de van die boom het mooist.

3. Ook in Italië kan je kweken.

4. Hij niet graag naar dat verre land.

5. Wie lust er nu geen ?

6. Tijdens de storm verkeerde de olietanker in .

7. In onze tuin zie je af en toe een .

8. Zonder warme kleren krijg je .

9. Die man veel pijn.

10. De beste renner de kopgroep.