Zoek de persoonsvorm


© Paul Corthouts

  

Noteer onder elke zin de pv!

 
  1. Het vermoeide kind bleef in het natte gras zitten.



  2. Daarna stapte het vrolijk zingend naar huis.



  3. Een grote hond liep rakelings langs het zingende meisje.



  4. Men vertelt dat blaffende honden niet bijten!



  5. Heb je het geleende geld al teruggeven?



  6. Na de spannende wedstrijd moest de dokter de gekwetste speler verzorgen.



  7. Met een pijnlijke blik onderging hij dapper de behandeling.



  8. Gemakkelijk was die gevraagde opdracht zeker niet!



  9. Heb je het geleende geld al teruggeven?



  10. Jongens en meisjes, jullie zullen deze makkelijke vragen foutloos moeten oplossen!