Wie het laatst lacht ...


© Paul Corthouts

Wie het laatst lacht ...

Een slager had onverwachts bezoek gehad van een hond. Zonder te betalen had het beest enkele worsten meegenomen. De slager was nu al enkele dagen aan het nadenken hoe hij ooit de worsten vergoed zou krijgen. Hij wist immers wie de eigenaar van de hond was maar die oefende het ambt van advocaat uit. De slager begreep maar al te best dat hij zich op glad ijs zou begeven.
Toch besloot hij het erop te wagen. Toen hij de meester in de rechten zijn winkel zag passeren, trok hij zijn stoute schoenen aan. Schuchter vroeg hij aan de advocaat of hij hem iets mocht vragen. "Zeker slager," antwoordde de slager welwillend.
"Nu meester," zei de slager, "het probleem is het volgende. Als een hond bij mij in de winkel een worst wegneemt, kan ik dan de eigenaar aansprakelijk stellen?"
"Zeer zeker," was het antwoord van de advocaat."De eigenaar is verantwoordelijk voor zijn hond."
"Wel meester," glimlachte de slager triomfantelijk, " dan krijg ik twee euro van u want het was uw hond!"
Met gefronste wenkbrauwen bekeek de advocaat de slager maar hij betaalde zonder mopperen. Bulderend van het lachen ging de slager terug zijn winkel binnen. Hij had die advocaat toch maar goed te pakken genomen.
De volgende morgen lachte hij als een boer die kiespijn heeft. Toen hij zijn post openmaakte, ontdekte hij een brief van de advocaat. Op de nota stond : " Twintig euro honorarium voor het verstrekken van juridisch advies."