Kledij: voor de pauze hebben ze hetzelfde aan, tijdens de pauze hebben ze hun bad gehad, dus na de pauze hebben ze andere kleren aan.
Voor deel 7 kan Martha vlug een gilet aantrekken en Zulma en Emma kunnen een jurk boven het andere aandoen.
Deel 1
Martha |
(zit altijd op 1 – meestal met de ogen dicht enkel als iemand iets zegt kijkt ze op) |
Zulma |
(zit op 5 en kijkt geregeld door het venster) |
Emma |
(Zit op 6 en is veel bij Zulma)
(zitten er bij het begin van het stuk) |
Rita |
(OP van rechts - helpt Liza op 3) Hierzie Lizaatje, zet u een beetje bij de anderen. Het duurt nog een tijdje eer dat we de soep eten. |
Liza |
(zet zich – kijkt naar Rita en schudt het hoofd) |
Rita |
Ziezo, tot straks (AF naar links) |
Emma |
Wat is er? Zit je niet goed? |
Liza |
Of ik hier zit of op mijn kamer, zitten is zitten. (gelaten) |
Emma |
Ja, maar hier zit je niet alleen. |
Liza |
Het is nu niet dat er hier veel gezegd wordt. |
Martha |
(debiteert )Onder ons gezegd en gezwegen….. |
|
Allen kijken naar haar |
Martha |
(suft verder met de ogen dicht zoals meestal) |
|
Allen kijken naar haar en halen schouders op - vinden het de moeite niet om verder te vragen) |
|
……………………….stilte…………. |
Zulma |
Ik ben vanmorgen opgestaan met pijn aan mijn hand. |
Liza |
(een beetje geërgerd) Was het uw voet niet? Gisteren was het uw voet. |
Zulma |
(haalt haar schouders op en zwijgt) |
|
……………………………………stilte……………………. |
Zulma |
Emma, heb jij dat lawaai gehoord gisteren avond? Marie haar tv stond weer veel te luid. |
Emma |
Dat was haar tv niet, ze had bezoek. |
Zulma |
Begin deze week was haar dochter nog hier. |
Emma |
Het was haar dochter niet, het was iemand anders. |
Liza |
Het was iemand van de zorgenwinkel. Ik weet het want zij is al eens bij mij geweest voor mijn speciale kousen. |
Zulma |
Wat moest Marie hebben? |
Liza |
Een zetel. Zij wil een speciale relaxzetel. |
Zulma |
Voor Marie is de zetel van hier te gewoon zeker? |
Emma |
Marie is niet contrarie. Ze trakteert altijd op haar verjaardag. |
|
………………………..……………stilte………………………….. |
Liza |
Steven is terug uit verlof. |
Zulma |
Hoe weet jij dat? |
Liza |
Hij was van dienst vannacht. Hij is bij mij geweest. |
Emma |
Hij is mooi gebruind. Hij is ook bij mij geweest. |
Zulma |
(verongelijkt) En bij mij niet. |
Emma |
Jawel, maar jij sliep al. |
|
………………………..……………stilte………………………….. |
Zulma |
Virginie gaat trouwen deze zomer. |
Emma |
Hoe weet jij dat? |
Zulma |
Van de coiffeuse. |
Emma |
Wanneer is ze langsgeweest? |
Zulma |
Gisterenavond. |
Emma |
Ik heb het vergeten aan te vragen. |
Martha |
(met knotje) Overbodige luxe voor mij. |
Liza |
Ik heb graag een permanentje. |
Zulma |
Ik heb ook graag een proper kopje en daarbij, dan horen we dan nog eens wat nieuws van uit de parochie. |
|
………………………………stilte…………………………. |
Emma |
Ik vraag mij af wie dat er in de plaats komt van Leontine. |
Zulma |
Leontine van die kamer, op het einde van de gang? |
Martha |
(kortaf) Ze is om zeep. |
Zulma |
Zeep? |
Emma |
Ja, ze is vertrokken. |
Zulma |
Ik zou hier ook willen vertrekken. Maar, ja, waar zou ik naartoe gaan. Het kan niet meer, met mijn heup. |
Martha |
Zij is naar pierenland. |
Emma |
Zij heeft haar laatste snik gegeven. Ze zal nog rap haar houten frakske aanhebben. |
Zulma |
Dat is ons lot. |
Martha |
Dood is dood. (kortaf) |
Emma |
Leontine was toch al 95 jaar. |
Zulma |
Ik zal het zolang niet trekken. |
Emma |
Allee, toe toe, krakende wagens leven het langst. |
Rita |
(OP van links – klapt in de handen) Zijn er die meekomen met mij? We gaan groenten snijden. |
Liza Martha |
(kijken de andere kant op) |
Zulma |
(met gemaakte spijt) Met die pijn in mijn hand zal dat niet gaan. |
Rita |
Morgen komt de dokter, hij zal er dan eens naar kijken. |
Emma |
Mijn zoon zal nog komen. |
Rita |
We zullen je wel komen halen hoor! |
Emma |
Nee, dank u, laat maar. |
Rita |
Zoals je wilt, niemand dus? Niemand is verplicht om aan de activiteiten deel te nemen. Kom Liza. (neemt haar mee – beiden Af naar rechts) |
|
……………………………. stilte …………………………………. |
Emma |
Ik vraag mij af waarom de groenten moeten gesneden worden. Ze draaien hier toch alles door de molen. |
|
……………………………….stilte…………………………….. |
Zulma |
(kijkt door het venster) Het is alweer vroeg laat. |
Martha |
(trekt ogen open) Is de soep daar? |
Zulma |
Er stopt een auto. |
Emma |
(sarcastisch) Op de parking van een rusthuis? Dat is raar. |
Zulma |
Ja maar, er stapt een vrouw uit met een valies. |
Martha |
(kijkt nu ook) Amaai, een schminkdoos. |
Emma |
(komt ook kijken) Die is te jong voor hier. ….. Er zit nog iemand in de auto…….. wacht…. Ik zie een been…. Twee benen………….. twee benen in een lange broek………… (luider) Het is een vent! |
Zulma |
Enen in een rolstoel……….. |
Martha |
…………….uit de kreupelstraat. |
Zulma |
Die zal toch niet hier op de gang komen! Bah, een ‘mannenmens’. |
Emma |
Waarom niet? Op onze ouderdom kan dat geen kwaad meer. |
Zulma |
Pas op, een oude schuur brandt nog gemakkelijk. |
Martha |
(horen de lift) Wat is er het eerst boven, die vent of de soep? |
Zulma |
Het is te hopen dat het de soep is want met die vent kan ik niets doen. |
Emma |
Wie weet? |
Zulma |
Ben jij niet goed wijs? |
Martha |
Een rare apotheker. |
Rita |
(klapt in de handen – OP van links) |
Zulma |
Oef, de soep. |
Rita |
We kunnen soep komen drinken. Kom Liza. |
|
Allen gaan met of zonder rekje/stok naar de kamer – AF naar rechts) |
|
(reftergeluiden) |
Edward |
(OP van links– rolt zich tot aan het venster met de rolstoel en wuift zijn gezelschap uit) En nu ??? (zit ineengedoken als een hoopje miserie – komt vooraan - maar recht dan de rug) Edward jongen, je kunt nu kiezen, ofwel blijf je met uw kop in de grond zitten maar dan val je uit uw kar ofwel maak je er het beste van. En dit is wat we gaan doen (kijkt rond) Er zou hier wel een beetje meer leven kunnen zijn. |
Martha |
(OP van rechts – kijkt niet op en zet zich op haar stoel en doet de ogen dicht) |
Edward |
Het is hier stil. Is dit altijd zo? |
Martha |
(geen reactie) |
Edward |
Ik ben Edward… en jij? |
Martha |
(trekt eens haar ogen open en doet ze terug dicht) |
Edward |
(haalt de schouders op en plaatst de rolstoel nog meer op de voorgrond) |
Zulma Emma |
(OP van rechts en bekijken Edward – vragen zich niets af en zetten zich neer) |
Zulma |
De soep was niet fameus vandaag. Wat was het? |
Emma |
Ze had weinig smaak. Het was watersoep. Wat denk jij Martha? |
Martha |
(ogen open) Afwaswater. |
Edward |
Hallo! (luider) hallo! Ik ben Edward. |
Emma |
Wardje van Pier Lampies? |
Zulma |
Edward van Tekla van Leo de kuiper? |
Edward |
Edward van niemand. Edward van mijn eigen. Ik ben niet van dit dorp. |
Emma Zulma Martha |
(interesse voorbij) |
Rita |
(OP van rechts met Liza) Voila zie Liza. (tegen de anderen) Heeft de soep gesmaakt? |
Emma Zulma Martha |
(gelaten) Ja |
Rita |
Wel meneer Edward, hoe is het? Hebben we al een beetje kennis gemaakt? |
Edward |
(gromt wat maar vind het ‘meneer Edward’ toch leuk) |
Rita |
Meneer Edward komt op ons verdiep wonen. Heb jij al soep gehad, Meneer Edward? |
Edward |
Nee, maar laat maar. |
Rita |
Echt? Als je deze middag geen eten gehad hebt, dan moet je op het belleke duwen in uw kamer. Het zou kunnen gebeuren dat de keuken nog niet op de hoogte is. |
Edward |
(gromt wat) |
Rita |
(AF naar links) |
|
……………………..stilte………………….. |
Edward |
(hoest eens en niemand kijkt op) Is het hier altijd zo stil? |
|
……………………….stilte…………………… |
Edward |
Niemand die zin heeft om te tieren? |
Zulma |
Dat doet pijn aan de oren. |
|
……………………..stilte…………………………. |
Edward |
(probeert het nu eens met een mop) Gisteren zijn er twee kleine vliegtuigjes tegen mekaar gebotst en neergestort, vlak op het kerkhof. De hulpdiensten kwamen om de lijken te bergen. Ze hebben er op dat kerkhof al 500 opgegraven en ze zijn nog bezig. |
|
……………………stilte………………… |
Martha |
(begint te lachen) Goed, dit is een goeie. |
Rita |
(Op van links) Dat is hier plezant (tegen meneer Edward) Je bent hier al thuis zie ik. |
Edward |
(gromt) |
Rita |
(klapt in de handen) Emma, het is uw beurt om naar de kinesist te gaan. |
Emma |
(staat recht en verliest haar zakdoek) |
Edward |
(wijst op zakdoek) Hier … he… dingske, uw zakdoek is gevallen. |
Rita |
Meneer Edward, dit is Emma – aan het venster zitten Martha en Zulma en hier zit Liza – ik ben Rita en dit is dus meneer Edward. Kom Emma. (AF naar rechts) |
Emma |
(AF naar rechts) |
Liza |
Dat weten we nu al.. |
Edward |
Mijn neus. |
Liza |
Wat? |
Edward |
Hij was er bijna af. |
Liza |
Wat? |
Edward |
Ik weet niet welke taal jullie hier spreken. Mijn dialect is blijkbaar niet goed te verstaan. |
Zulma |
Jawel, maar de goesting om veel te zeggen is al lang vervlogen. |
Martha |
Het vuur is uit. |
Zulma |
Je bent oud voor je het niet meer weet. |
Liza |
Mensen van onze ouderdom moet je gerust laten. |
Edward |
Allee, welke parlé is me dat? Mijn moeder zong nog tot haar 95ste en mijn vader deed nog de aardappelen uit op zijn 89ste verjaardag. |
Zulma |
Hier zijn er geen aardappelen en als je hier zingt dan komen ze kijken wat er scheelt. |
Edward |
Het is omdat ze dat hier niet gewoon zijn. Je moet het hen leren. Ze zijn hier mismeesterd. |
Liza |
Jij hebt gemakkelijk spreken. Je bent hier amper 1 uur. |
Edward |
Wedden dat we dat kunnen veranderen? Wie wedt er met mij? Voor een fles wijn? Wedden? |
Rita |
(OP van rechts) Tututututut meneer Edward, gokken is hier verboden hé! (klapt in haar handen) Het eten is gereed. We gaan eten. Kom Liza. (helpt Liza) |
Edward |
Waar is de eetzaal? |
Martha Zulma |
(lachen binnensmonds) |
Rita |
Wij eten op onze kamer, meneer Edward. |
Edward |
Ja, jij misschien maar wij? |
Rita |
Iedereen, meneer Edward, iedereen (AF met Liza naar rechts) |
Martha Zulma |
(schuifelen er achteraan AF naar rechts) |
Edward |
(kijkt ze na – verbijsterd) Je moet dit zien. De juf knipt met haar vingers en die kleuters volgen lijk, hondjes (zucht) |
|
……………………..stilte…………………… |
Edward |
Edward jongen, nu kan je kiezen: ofwel je legt je er bij neer maar dan is het goed mogelijk dat je niet meer recht geraakt, ofwel je doet er iets aan en je brengt een beetje leven in de brouwerij. (AF naar rechts om te gaan eten) |