NOVEEN DON BOSCO
KLASGEBEDEN VOOR DE NOVEEN VAN DON BOSCO
EERSTE DAG
v. God onze Vader,
vaak voelen wij
ons zo eenzaam en onmachtig.
Zo moeilijk
geraken wij tot de levensstijl
van het evangelie
van Jezus.
Als wij maar met
Hem op weg konden gaan, zoals don Bosco.
a. Goede God,
leer ons, naar
het voorbeeld van don Bosco,
elke dag groeien
in uw liefde.
Laat ons delen in
zijn manier van leven.
Maak ons hart mild
en deemoedig als zijn hart.
Breng ons, meer
dan ooit, tot n gemeenschap.
TWEEDE DAG
v. Don Bosco had altijd een
groot vertrouwen in Maria.
Zijn werk is tot
stand gekomen en gegroeid dankzij haar.
Hij heeft haar ervaren
als een zorgzame moeder,
de Hulp der
Christenen.
a. Heer onze God,
leer ons de weg
bewandelen van de eenvoud.
Leer ons als don
Bosco vertrouwen op Maria, onze Moeder.
Sta ons bij om te
leven in eenvoudige dienst aan anderen.
DERDE DAG
v. Don Bosco leefde voor en te
midden van jongen mensen.
Door zijn
scholen, zijn jeugdbewegingen en zijn missies
heeft hij vele
uitzichtloze jongeren gelukkig gemaakt.
a. Goede god,
wij bidden voor
onszelf en alle jongeren,
om
fijngevoeligheid van hart en geest,
om
luisterbereidheid tegenover allen
die ons als
persoon verrijken,
om
doorzettingsvermogen ondanks alle tegenslagen,
om aandacht en
inzet voor allen
die onze hulp
nodig hebben,
om vreugde in
onze studie en ontspanning.
VIERDE DAG
v. Don Bosco wilde missionaris
worden.
De Heer heeft het
anders gewild.
Toch werken er nu
in de Derde Wereld
duizenden
missionarissen in zijn geest,
om in woord en
daad te getuigen van Jezus' boodschap.
a. Wij bidden U voor alle
missionarissen, God, onze Vader,
dat zij met veel
moed volharden in het werk dat zij verrichten.
Mogen wijzelf ook
bezield worden door een wereldwijde interesse
voor de jeugd
over de ganse wereld.
Mogen wij voelen
dat wij medeverantwoordelijk zijn voor de wereld
en dat wij
daarvoor mogen steunen op uw werkzame aanwezigheid.
VIJFDE DAG
v. Overal zijn er mensen die
zich inzetten voor anderen.
Don Bosco
verzamelde rond zich ook vele jongeren en volwassenen,
die bereid waren
met hem mee te werken,
zich totaal te
geven aan de jeugd.
a. Wij danken U, Heer God
voor onze
leraressen, leraars en opvoed(st)ers.
Samen met ons
gaan zij op weg.
Wij danken U ook
voor alle mensen die zich inzetten voor onze school.
En bemoedig ons
opdat ook wij,
naar hun
voorbeeld, bereid zouden zijn,
in volle
overtuiging met hen mee te werken.
ZESDE DAG
v. In don Bosco vinden wij een
bewijs
hoe Gij met uw
mensen begaan zijt.
Wij zien dat hij
zich ingezet heeft
opdat het geloof
kansen kreeg in vele mensen.
a. Wij vragen U, God, dat ook
wij ons zouden inzetten
om met al onze
mogelijkheden uw Rijk op aarde, mee te helpen opbouwen.
Doe ook ons leven
in een geest van eerbied en ontvankelijkheid
voor de
bevrijding van alle mensen.
ZEVENDE DAG
v. Don Bosco heeft het niet
alleen gekund.
Hij heeft zich -
naast zovele leken -
omringd met
salesianen en zusters.
Zij zetten tot op
vandaag zijn werk verder.
a. Wij bidden U, God,
dat zij altijd
mogen bezield blijven
met de geest en
het ideaal van hun stichter.
Dat zij niet moe
worden jonge mensen te begeleiden
door hen een
ideaal voor te leven.
Dat de goede
geest in scholen, tehuizen en andere werken
vruchten mag
dragen.
ACHTSTE DAG
v. Don Bosco was bang voor
egosten,
die profiteerden
van anderen zonder een eigen bijdrage te leveren.
Waar mensen in
vriendschap samenleven kan men niet zeggen:
'dat is mijn zaak
niet.'
a. God, vandaag bidden wij U
voor onze
families en voor onze schoolgemeenschap
om een goede
verstandhouding onder elkaar:
dat ons huis een
thuis mag zijn,
dat onze school
een plaats is waar we mensen vinden
die naast ons
staan,
bij wie we onze
verwachtingen vrij mogen uitspreken.
En dat wijzelf
nooit hun vertrouwen beschamen.
NEGENDE DAG
v. Een mens die niet onder de
maat
van zijn
mens-zijn wil blijven,
voelt zich
verplicht de mogelijkheden die hij kreeg
te ontplooien.
Don Bosco wist
dat deze gaven een geschenk zijn ten dienste van anderen.
a. God, wij weten dat wij
allen kansen hebben
om ons te
ontwikkelen, verstandig, creatief, sportief.
Geef ons de
kracht om die rijkdom
niet ongebruikt
te laten.
Dat alle
talenten die wij van U ontvingen,
niet alleen voor
onszelf zijn,
maar voor allen
met wie wij leven.
DON BOSCONOVEEN IN DE KLAS
EERSTE DAG: EEN BLIJE HEILIGE
Je kan op vele manieren christen zijn. Ik koos de manier van don
Bosco, omdat een goede christen ook een blije christen mag zijn, zegt een jonge
man van 20 jaar. Als 16-jarige stichtte Jan Bosco met enkele makkers op het
college de club van de vrolijkheid. In de groep was enkel verboden wat de vreugde
kon afbreken. 'Opgewektheid ontspringt aan de vrede van het hart', zei hij. En
niets kon zijn vreugde stukslaan. Eens zei hem een vriend: Ik heb u nog nooit
zo blij gezien als vandaag. En zijn antwoord was: 'En toch heb ik vandaag de
grootste tegenslag van mijn leven gehad.
a. Don Bosco,
uw sterke vreugde
boeit ons!
Onze vreugde
wordt zo vlug door de minste tegenwind uit ons hart geblazen.
Waar kwam die
diepe vrede van uw hart vandaan?
Mogen wij dat
vernemen deze week?
Geef ons iets van
uw milde lach, van uw innerlijke opgewektheid,
opdat ook onze
vreugde - zoals de uwe -
anderen mag
aantasten en bron zijn van geluk en levensmoed. Amen.
TWEEDE DAG: HET BEGON MET EEN DROOM
Je bent 9 jaar. Op een nacht heb je een droom. Iemand vraagt je de
leiding te nemen over een zware jongensbende. Je schiet naar de troep toe en de
rake klappen die je uitdeelt onderstrepen je woorden van afkeuring over hun slecht
gedrag. En dan weer die stem: 'Neen, niet met slagen maar met zachtheid en
geduld'. Je vertelt je droom aan tafel. Grootmoeder zegt: 'Aan dromen moet je
geen aandacht geven'. Dit overkwam de 9-jarige Jan Bosco. 'Ik was het met
grootmoeder eens', zegt hij vele jaren later, maar ik kon die droom nooit van
me afzetten. En hij heeft mijn ganse leven bepaald.'
a. Don Bosco,
wat was die droom
op 9 jaar?
Was het jouw
ontluikend zoeken
of innerlijk
verlangen naar een weg in je leven?
Of was het Gods
droom over jouw leven
die je overmande
in je slaap?
Of vloeiden deze
twee dromen samen?
Help ons
luisteren naar onze eigen droom.
Help ons Gods
droom over ons op het spoor komen.
En help ons
geloven dat hierin de weg ligt naar ons geluk. Amen.
DERDE DAG: EEN DROOM WORDT ROEPING
Wat ga ik met mijn leven doen? Een vraag die telkens weer ook bij
ons naar boven komt. Ga ik mijn droom kunnen realiseren? Don Bosco bleef er
niet mee zitten, dubbend in zichzelf. Hij luisterde en hij keek naar de nood
van mensen en naar Gods droom over zijn leven. Hij kende de nood van vele
jongeren om hem heen die zonder vader en moeder in armoede ronddoolden. Toen
hij twee jaar was hoorde hij zijn moeder tot hem zeggen: 'Je hebt geen vader
meer, Jantje'. Op zijn 14 verloor hij zijn tweede vader: een 70-jarige pastoor
van zijn dorp. Ik weende ontroostbaar, zei hij later. Uit deze ervaringen
groeide zijn roeping: als priester vader worden van arme jongeren.
a. Don Bosco,
wij zijn vaak
angstig en onzeker als we aan onze toekomst denken:
wat moet ik
worden?
De werkloosheid
verwart ons soms
en doet onze
dromen wegkwijnen.
We dubben dan
vaak in onszelf.
Doe ons - zoals
gij - luisteren naar de nood van mensen
en naar Gods
droom over ons jonge leven.
Help ons geloven
dat God ook ons roept
om in deze wereld
iets van zijn liefde door te geven
op de levensweg
die voor ons ligt,
maar ook iedere
dag - hier en nu tussen de mensen
met wie wij mogen
samenleven. Amen.
VIERDE DAG: VADER VAN VERLATEN JONGEREN
De koster zwierde hem met een oorveeg weg uit de sacristie. Hij
kon de mis toch niet dienen. Don Bosco liet de jongen terugroepen.
- Hoe heet je?
- Bart Garelli.
- Van waar kom je?
- Uit Asti.
- Leeft je vader nog?
- Neen.
- En je moeder?
- Neen.
- Hoe oud ben je?
- Zestien jaar.
- Kun je lezen?
- Neen.
- Kun je schrijven?
- neen.
- Kun je zingen?
- Neen.
- Kun je fluiten?
Het gezicht van Bart klaarde op. Door zijn voorzichtige lach heen
klonk een 'Ja!'. Don Bosco had iets positiefs in hem gevonden. Het werd de
eerste jongen die hij van de straat opraapte! De eerste in een zeer lange rij.
a. Don Bosco,
je zocht steeds
het positieve in de jongeren die je ontmoette.
Het geloof dat in
iedereen iets goeds verscholen zit,
maakt je tot
vader van veel verlaten jongeren.
Doe ook ons het
positieve zien in ieder van onze vrienden.
Doe ons ook onze
eigen mogelijkheden zien
en ons niet blind
staren op onze tekorten.
Help ons al het
goede in onszelf en de anderen
kansen te geven
tot ontplooiing
en laat het
bouwstenen worden voor gelukkig zijn om elkaar. Amen.
VIJFDE DAG: VERTROUWEN GEEFT LEVENSKRACHT
Wie op bezoek kwam bij don Bosco kon niet uitgekeken raken: al dat
jonge leven in zijn huis, een nooit geziene blije bende vol levenslust. Er
heerste een echt familieklimaat. En waarop steunde dit? Don Bosco wist het
vertrouwen van zijn jongens te winnen door hun zijn vertrouwen te schenken. 't
Is mij genoeg dat ge jongens zijt, om echt van u te houden. Vertrouwen is voor
mij het dierbaarste ter wereld. Vertrouwen is de sleutel van alles. Het vertrouwen
legt de stroom tussen jongens en opvoeders. In dit vertrouwen kwamen de
thuisloze jongeren tot leven. In dit vertrouwen groeide de vreugde en de
levenskracht van iedere jongen en van iedere groep.
a. Don Bosco,
er heerste tussen
uw jongens een klimaat van blije levenslust.
Door uw
vertrouwen in hen gaven zij u hun vertrouwen.
Wij hebben het
niet zo gemakkelijk om in onze schoolgemeenschap
dit diepe
vertrouwen in elkaar te beleven,
tussen leerlingen
en opvoeders, en onderling met onze kameraden.
Wek in ons
datzelfde vertrouwen dat in uw hart leefde.
En help ons
vanuit dit vertrouwen te bouwen aan een familieklimaat
van vreugde en
innerlijke blijheid. Amen.
ZESDE DAG: EEN ROTSVAST FUNDAMENT
Heb je al ervaren in je leven dat je door iemand ten volle wordt
aanvaard? Dan groeit je vertrouwen in mensen. Hoe kon don Bosco zo sterk
vertrouwen in zijn jongens en in alle mensen? Hij wist zichzelf ten volle
aanvaard! Door mensen ja, zijn moeder, zijn vrienden, zijn jongens. Maar geen
mens kan je laten ervaren dat hij je helemaal aanvaardt. Don Bosco wist en
ervaarde dat God hem en ieder mens honderd procent aanvaardde. Dat was zijn
rotsvast fundament. Daarop steunde heel zijn leven. Daardoor kon hij zoveel
vertrouwen geven. Zo vaak zei hij: 'Vrees niets! God is met ons! Vrees niets
God zal u helpen.'
a. Don Bosco,
wij verlangen er
sterk naar
ons bemind en
aanvaard te voelen.
Maar vaak blijft
ons verlangen onbevredigd.
Uw vertrouwen
dat God u beminde kunnen wij zo moeilijk volgen.
Voor ons is dat
meestal niet zo een zekerheid als voor u.
Als daarin echter
het fundament ligt van heel uw leven,
help ons dan ook
geloven dat God onze honger naar liefde kent
en wil stillen,
en dat Hij ook
ons onvoorwaardelijk bemint
en ons echt
aanvaardt zoals we zijn.
Laat dit geloof
ook voor ons de rots zijn
waarop heel ons
leven steunt. Amen.
ZEVENDE DAG: DE WAARDE VAN EEN MOEDER
'Ik zal je een Moeder geven die je met liefde en wijsheid zal
bijstaan', hoorde don Bosco in zijn eerste droom. 'Op haar', zegt hij later,'
heb ik al mijn vertrouwen gesteld'. Zij wenst dat wij al ons vertrouwen stellen
in haar. Zij heeft mij steeds geleid. Het is zeker dat zij ons bemint. Zij
verlaat nooit wie op haar vertrouwt. Wie op haar vertrouwt komt nooit bedrogen
uit. Wie alleen weinig kan doet veel met haar hulp! Zo drukt don Bosco zijn
liefde tot Maria uit en zijn vertrouwen in haar. Maar ook haar liefde voor ons.
Hij heeft die steeds ervaren.
a. Don Bosco,
wij kunnen er zo
moeilijk bij hoe gij met Maria waart verbonden,
hoe gij haar
liefde hebt ervaren.
Geef ons iets van
uw kinderlijk vertrouwen in haar.
Doe ons beseffen
dat zij ook voor ons een moeder wil zijn
om ons de weg te
tonen naar het volle vertrouwen in God
en de overgave
aan hem en naar echte liefde voor de mensen om ons heen.
Vraag haar, dat
zij ook ons wil helpen
om onze dromen en
Gods droom over ons waar te maken in ons leven. Amen.
ACHTSTE DAG: PLAATS VOOR VELEN
Vanaf het ogenblik - zegt don Bosco - dat ik als arme priester
jongens begon bijeen te brengen voelde ik de noodzaak aan medewerkers te
hebben. Hij zocht priesters en leken die op welke wijze ook hem hulp konden
bieden bij zijn werken voor de jongeren. Hij zocht mensen die ook elders vanuit
zijn geest wilden werken voor de jeugd. Hij stichtte de congregaties van de
salesianen en de zusters. En zijn jongens zelf riep hij op mee te werken in hun
eigen opvoeding en die van hun kameraden. Zijn opvoedingswerk geeft de kans aan
ieder die - hoe dan ook in zijn geest wil werken voor het heil van jonge
mensen.
a. Don Bosco,
gij wist u
geroepen en gezonden om in de Kerk,
voor de jeugd met
een eigen opvoedingstrant heel je leven in te zetten.
Uw hart was
echter veel groter dan uw handen en uw eigen mogelijkheden.
Daarom hebt gij
velen kans gegeven om met hun eigen geaardheid
en hun eigen
levensroeping met u mee te werken.
Vele jongens zijn
bij u gegroeid tot volwassen, dienstbare mensen
omdat ze zich
hebben ingeschakeld voor hun eigen opvoeding
en die van hun
vrienden.
Geef ook ons de
kracht en de moed
om met onze eigen
mogelijkheden ons in te zetten in uw opvoedingsproject. Amen.
NEGENDE DAG: TESTAMENT AAN ZIJN JONGENS
De dag is nakend dat ik jullie moet verlaten, schreef don Bosco
aan zijn jongens. Bedenk dat bescheidenheid de bron is van tevredenheid. Leer
elkaars gebreken verdragen, volmaaktheid is niet van deze wereld. Hou op met
kankeren, want daaraan gaat de liefde kapot. Wie geen vrede heeft met God,
heeft geen vrede met zichzelf en geen vrede met de anderen. Weet dat jullie
kinderen zijn van Maria. Zij wil de barrire van wantrouwen tegenover jullie
opvoeders samen met jullie opruimen. Jullie arme, oude vriend verlangt jullie
openhartigheid in alle eenvoud en oprechtheid, jullie warme liefde en jullie
ware vrolijkheid.
a. Don Bosco,
uw testament aan
uw jongens
is een heel
levensprogramma
maar ook een
veilige weg om gelukkig samen te leven.
Blijf gij ons
telkens oproepen om er dag na dag aan te bouwen.
Toon ons de weg
om in vrede en vriendschap te leven met God,
met onszelf, met
elkaar.
Geef ons iets van
uw kracht en uw warme liefde,
van uw vertrouwen
in God en in elk van uw jongens,
zodat wij samen
kunnen leven in die ware vreugde die u zo dierbaar was. Amen.