| Startpagina -> Kindertelevisie |
|
De afgelopen jaren heb ik uren voor de video/DVD-speler/digibox doorgebracht met wat ik "huiswerk voor de website" noemde: kinderprogramma's bekijken, soms met notablok in de hand, om er later een stukje over te schrijven. Ik doe het nog steeds met veel plezier. Vooral de humor (soms met een dikke knipoog naar de volwassenen toe) en de hoge aaibaarheidsfactor van de personages zorgen ervoor dat je geen drie jaar oud hoeft te zijn om ervan te genieten. Op deze pagina:
Vroeger en nu Zelf ben ik opgegroeid met programma's van diverse pluimage: Peuteranimatie (Tik Tak), verhalen (Liegebeest, De Smurfen), kindermagazines (Prikballon) en zelfs educatie (Sesamstraat). Hoe verschillend ze onderling ook waren, ze hadden toch een gemeenschappelijke noemer: het nut voor kinderen, gezien vanuit een volwassen standpunt. Dit uitte zich vooral in een correct taalgebruik en verhalen met een wijze levensles. Tegenwoordig is dat toch anders (en met "anders" bedoel ik niet "minder goed"!). Het eerste programma dat echt met de gangbare norm brak was Teletubbies in 1996. Voor het eerst werd er ingespeeld op hoe baby's, peuters en kleuters de wereld zelf ervaren. Dit betekende dat er veel herhalingen in het programma zaten en dat er verhalen getoond werden die vanuit een volwassen standpunt "leeg" en zelfs zinloos waren. Een voorbeeld: op een dag ging Po met haar step op reis. Po reed ver weg... om plotseling gewoon terug te keren. Daar komt nog bij dat de hoofdrolspelers zélf baby's waren, en dit had een enorme impact op het programma: de Teletubbies spraken geen correct Nederlands en ze konden niet tegelijkertijd denken en doen. Kortom: het programma was op z'n zachtst gezegd flink vernieuwend. En zoals met elke nieuwe, moderne kunststijl in de voorbije geschiedenis gebeurd is, stond "vernieuwing" voor velen gelijk aan "slecht". Teletubbies" kreeg dan ook bakken negatieve kritiek over zich heen, gaande van enigszins te begrijpen tegenwerpingen (het niet-correcte taalgebruik) tot muggezifterij en zelfs ronduit belachelijke kritiek (Tinky Winky is homo). Toch heeft de serie een enorme invloed gehad op nieuwe series van de laatste jaren. Vooral de introductie van baby- en kleuterfiguren (Pom uit Fimbles, Drum uit Zingzillas, Toto uit Het Zandkasteel, Jake uit Tweenies, ...), het niet-correcte taalgebruik (Waybuloo, WaWa), de herhaling (Balamory, Me Too!), absurde toestanden (Bits and Bobs, Brum) en het doorbreken van de grens tussen kijker en programma (Dora the Explorer, Go, Diego, Go!) zien we tegenwoordig dikwijls in nieuwe kindertelevisie opduiken. Tegenwoordig zien we, naargelang de plaats, verschillende tendensen opduiken:
Politieke correctheid Deze term omvat het tonen van mensen die "anders" ervaren worden door de gemeenschap: buitenlanders, mensen met een handicap, holebi's, ... Persoonlijk ben ik niet zo blij met de term "politiek correct" omdat de uitwerking ervan dikwijls niet veel voorstelt, vind ik. Meer allochtonen, holebi's en mensen met een handicap op tv? Volledig akkoord! Maar dan moeten ze wel realistisch voorgesteld worden, vind ik, en daarin wringt het schoentje. Dat wordt meteen duidelijk als er buitenlanders optreden in "serieuze" programma's: ofwel worden ze voorgesteld als extremisten die familieleden vermoorden voor de eer, ofwel als de-liefste-mensen-ter-wereld-die-gediscrimineerd-worden. Zwart-witdenken, dus. De wereld is niet zwart-wit, ondanks alles wat de politiek ons wil doen geloven. Er is méér dan de twee uitersten, maar dat "grijze" gedeelte wordt zelden vertoond. Met mensen met een handicap is het nog erger gesteld. Dikwijls worden ze gewoon niet getoond. Enkel als hun handicap een rol speelt in het verhaal verschijnen ze. En personen met een esthetische afwijking krijgen dikwijls de rol van slechterik toegespeeld. In mijn ogen is politieke correctheid alleen nuttig als de getoonde personen realistisch voorgesteld worden: als niet slechter, maar ook niet beter dan "gewone" mensen. Concreet betekent dit dat ik ze ook eens graag zie verschijnen als hun "anders"-zijn geen rol in het verhaal heeft, en dat ze niet in een zwart-wit-rol gecast worden. Waarom vertel ik dat juist op deze pagina? Omdat kinderprogramma's hierin in mijn ogen hun "volwassen" tegenvoeters mijlenver vooruit zijn. Dat is niks nieuws. Toen Sien Diels voor het eerst in Sesamstraat verscheen, had ze een feministisch tintje. En vandaag de dag zijn er talloze (alweer: dikwijls Engelse) varianten. Voorbeelden genoeg. In Storymakers zijn alle menselijke presentators "zwart" (weet er iemand een beter woord dan dit?). Penny Pocket uit Balamory zit in een rolstoel (net zoals actrice Kim Tserkezie, trouwens) en Rudi uit Me Too! heeft Retinitis Pigmentosa. Something Special is zelfs volledig gebouwd rond kindjes met een handicap. Sommige mensen vinden dit juist ergerlijk en beweren dat deze programma's "geforceerd" politiek correct zijn. Is dit zo? Daarop is maar één antwoord mogelijk: Neen. Van geforceerde politieke correctheid kun je spreken als de geportretteerde personen als veel beter dan "gewone" mensen worden afgeschilderd. En dat is gewoon niet zo in kinderprogramma's; ik moet het eerste geforceerde kinderprogramma nog tegenkomen. De reden dat mensen soms spreken van geforceerde politieke correctheid is dat ze kennelijk niet graag zulke personages zien verschijnen. Er is vandaag de dag nog veel onverdraagzaamheid. En juist daarom vind ik het belangrijk dat "andere" mensen in kindertelevisie opduiken. Door ze voor te stellen als gewone mensen zoals jij en ik leren de kinderen vanzelf de mensen te aanvaarden zoals ze zijn. Voor mij hoeft er geen numeriek quotum te zijn, of een "elke aflevering zoveel gehandicapten"-regel. Maar af en toe een "ander" personage kan in mijn ogen veel goed doen...
Overacting Als volwassenen meespelen in kinderprogramma's, hebben ze de neiging om hun gebaren en toonhoogte sterk te overdrijven. Kinderen zijn immers nog niet helemaal "sociaal vaardig" en de overacting helpt kinderen te bepalen hoe de persoon zich voelt. Met andere woorden, overacting maakt het gemakkelijker om het programma te volgen. En tenslotte geven de overdreven gebaren de acteurs en poppenspelers de gelegenheid om te spelen met favoriete gebaren of zinnen, en zo echte "catchphrases" te ontwikkelen.
Catchphrases Een "catchphrase" is een zin die steeds terugkomt. Toen de eerste echte sprookjes zich begonnen te verspreiden, zaten ze vol met catchphrases, als geheugensteuntje voor de verteller (het refrein bij liedjes en gedichtjes is op dezelfde manier ontstaan). Kinderen zijn dol op catchphrases. Meestal zorgt de acteur/poppenspeler dan ook voor bijhorende gebaren, zodat de kinderen de catchphrase zien aankomen - om hem dan met volle longen mee uit te roepen. De meeste catchphrases dienen vooral om het karakter van een personage te bevestigen. Als deze een komische rol heeft, slaan de producers meteen twee vliegen in één klap - het bekendste voorbeeld is ongetwijfeld Albert uit de Samson-soap (" ten eerste, 't is AlbertOOOOOOOOOOOOOO !!"). Slechts heel weinig catchphrases zijn enkel en alleen komisch bedoeld. Eén van de weinige uitzonderingen vinden we in hetzelfde programma: "Ik moest kloppen, want de bel doet het niet".
Stereotiepe figuren Als je een beetje vertrouwd geraakt met kinderprogramma's, zul je merken dat sommige personages dikwijls terugkeren, net zoals in soapseries. Zowel Albert (Samson-soap) als agent Suikerbuik (Big en Betsy) en het Koekiemonster (Sesamstraat) doen niets liever dan eten. En terwijl Betsy op Big let, waakt Gert over Samson. Ook al zijn geen twee shows hetzelfde, meestal vind je wel altijd enkele personen van dit lijstje terug:
Dit cliché kom je nog verrassend vaak tegen, vooral op de Britse televisie. Door zich nogal afkeurend en verwend op te stellen zorgen deze personages voor een shockwerking, en dikwijls zijn de anderen figuren dan net zo verbaasd als de kijkers thuis. Nieuw is dit fenomeen zeker niet, want in talloze (Amerikaanse) tekenfilms gebruiken ze dit al jaren (met succes). Dit personage zag ik voor het eerst in Laa-laa (Teletubbies), maar pas in Tweenies is het verder uitgewerkt in de figuur van Fizz. Soms valt ook Jelly uit Storymakers hieronder.
Humor Eén van de beste redenen waarom ik graag naar dit soort programma's kijk, is de originele humor die erin verwerkt zit. Televisieprogramma's voor volwassenen (ik denk vooral aan soaps en zgn. "comedy") vertonen een haast ziekelijke neiging om bestaande grappen en situaties steeds maar weer te recycleren, met als resultaat dat je de clou al mijlenver ziet aankomen. Okee, in kinderprogramma's doen ze dit ook, zul je zeggen. Dat is ook zo, het opwekken van voorpret bij de kijkertjes is een belangrijke strategie in de Slag der Kijkcijfers, maar niet alle grappen zijn naar de kinderen gericht! Soms zit er een duidelijke knipoog naar de wereld van de volwassenen in, en met dit soort humor moet ik altijd onvoorstelbaar hard lachen. Want deze grappen en grollen komen steeds totaal onverwacht. In de elf jaar dat ik met deze website bezig ben, heb ik al de gekste dingen gezien: een operaversie van "Goudlokje en de drie beren" (Tweenies), een echtpaar dat vol trots een gouden WC-pot kocht (Brum), een passionele tango tussen twee Teletubbies, een bikkelharde concurrentiestrijd tussen de Teletubbies en de Story Makers, een rappende grootmoeder (Balamory), een blauwe koe die de bus neemt (Story Makers), verwijzingen naar John Wayne, Star Trek, Neighbours, de Beatles en zelfs Queen, en zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan. Hier zijn de meest gebruikte vormen van humor:
Het beste effect... ... dat krijg je als je de programma's samen met je kinderen bekijkt. Hoe goed een kinderprogramma ook in elkaar mag zitten, voor de kindjes blijft het toch steeds een "ver-van-mijn-bed-show", omdat ze niet direct bij het programma betrokken worden. Daarom kunnen ze steeds een helpende hand van de ouder(s) gebruiken. De televisie als babysit zorgt er uiteindelijk voor dat de kinderen net zo passief naar de programma's gaan kijken als de volwassenen. En dan kom je meteen in die situatie terecht waarvan deskundigen (terecht) beweren dat ze niet goed is voor kinderen...
Waarom schrijf jij zo dikwijls over Engelse programma's? Daar zijn twee redenen voor. De eerste reden heb ik al eerder op deze pagina aangehaald: Engeland is in kindertelevisie wat educatiever gericht. Nogmaals: de boog moet niet altijd gespannen staan, maar een gezonde dosis educatie is niet slecht. De tweede reden ligt bij de kijkertjes zelf. Ik denk dat het taalprobleem minder groot is dan je op het eerste gezicht zou zeggen. Ik herinner me nog hoe ik vroeger samen met mijn broer naar Franstalige kinderprogramma's keek. We verstonden absoluut niet wat er gezegd werd, maar toch waren we iedere zondag present! Door Engelstalige programma's op deze website voor te stellen hoop ik niet alleen dat onze kindjes ook eens naar de BBC zullen kijken, maar ook dat de televisiebazen ze zouden opmerken en wie weet zelfs overwegen om ze in Vlaanderen/Nederland te vertalen. Dat is al enkele keren gebeurd met series als Lazytown, Zoostraat 64, en zelfs Tweenies.
Lees meer over de volgende steengoede series!
|