|
In 1977 werd er tussen Saturnus en Uranus een nieuw object
ontdekt. Eerst dacht men dat het een asteroïde
was, die door Jupiter uit zijn baan was geslingerd. Het object
heeft een diameter van tussen de 150 en 200 km en werd
Chiron genoemd. In 1988 bleek Chiron echter een komeetachtige coma en staart te ontwikkelen. De grote omvang duidde echter op iets anders dan een gewone komeet. Men meent nu dat Chiron een object is uit de Kuiper-gordel dat in een lagere baan is terechtgekomen. Het oppervlak van Chiron bestaat waarschijnlijk gedeeltelijk uit stikstof, methaan en andere lichte verbindingen. Toen Chiron te dicht bij de zon kwam, is dit beginnen te verdampen, net als bij een normale komeet, wat de coma van stof en gas verklaart. Lange tijd dacht men dat Chiron de enige in zijn soort
was, maar vanaf 1992 werden er nog meer gelijkaardige objecten
ontdekt. Vermits Chiron in de Griekse mythologie een Centaur
is, worden deze objecten nu Centauren genoemd. Enkele zijn
ook genoemd naar andere Centauren, zoals Pholus. Verwant aan de Centaurs zijn de zogenaamde verspreide-schijf objecten. Deze zijn ook afkomstig uit de Kuiper-gordel, maar bevinden zich buiten de baan van Neptunus. Er wordt aangenomen dat door storingen vanwege de gasreuzen deze objecten uit de Kuiper-gordel in een onregelmatige baan worden geslingerd. Ze maken allen een hoek met het planeetvlak, terwijl de banen van Kuiper-objecten min of meer in het vlak liggen. |
![]() Chiron
Links:
|