|
|
|
Distelvlinder
Cynthia cardui
( Linnaeus 1758 )
BeschrijvingDe distelvlinder is een trekvlinder, die jaarlijks in wisselende aantallen naar onze regionen komt aangevlogen. In 1996 was deze vlinder waarschijnlijk de meest waargenomen vlinder in Vlaanderen. Andere jaren gebeurt het dat de vlinder bijna niet wordt opgemerkt. Deze vlinder overwintert in Noord Afrika en voor een vlinder is dit toch een grote prestatie om deze afstand te overbruggen. Sommige jaren wordt deze vlinder toch reeds sporadisch vanaf de 2de helft van februari opgemerkt. Zijn dit vroege trekkers of hebben deze vlinders de winter in een schuur, garage of tuinhuisje doorgebracht is nooit helemaal zeker te ontdekken. De bovenkant van de vleugels is oranjebruin met zwarte vlekken. De vleugeltop is zwart met witte vlekken. De onderkant van de vleugels is een fletse kopie van de bovenzijde. Vliegtijd
Bij de distelvlinders hebben we de trekkers, deze komen
gewoonlijk begin mei ( week 18 ) toe, zorgen hier voor eileg en begin juli (
week 27 ) zijn de meeste reeds gestorven. Vanaf dan ( week 27 ) beginnen hun
nakomelingen te vliegen. De meeste van deze 1ste generatie worden
begin augustus ( week 31 ) gezien. Begin september ( week 36 ) is het meestal
afgelopen met deze generatie. Vanaf dan kan men echter terug verse
Distelvlinders waarnemen, zij het meestal in kleine aantallen. Dit zijn dan
vlinders van de 2de generatie. Volledigheidshalve dient hierbij toch
vermeld dat zowel de 1ste generatie als de 2de generatie
ook nog aangevuld worden met trekkers, die uit naburige landen weggetrokken
zijn. Trekvlinders zijn immers steeds op pad. Biotoop
De Distelvlinder is in alle biotopen te vinden, maar aangezien het een trekvlinder is heeft hij toch een zekere voorkeur voor rechtlijnige elementen in het landschap. Kanalen, rivieroevers en wegbermen scoren dan ook iets beter, alhoewel een goede nectarbron in de tuin hem zeker ook kan bekoren. Ook de kustlijn is zo’n opvallend rechtlijnig element, alwaar veel Distelvlinders dankbaar gebruik van maken om langs te trekken. Voedselplanten
Vlinderstruik, koninginnekruid, distel, lavendel, kattenstaart, sedum, braam, e.a. Waardplant en rups
De waardplant is meestal een distel, alhoewel er ook rupsen te vinden zijn op grote brandnetel of kaasjeskruidachtigen. De grijze rups heeft lange vertakte doornen, lichte ruglijnen en onderbroken gele zijlijnen. De rups spint zichzelf een web aan de onderkant van het blad waarmee hij zich voedt. Rode lijst categorieMomenteel niet bedreigd
Meer informatiehttp://www.instnat.be/content/page.asp?pid=FAU_VL_vanecard
|