Onze historische mis-, neen pisdaad uit 1999

rechts de koster, links ik

                 

1999: drie negens, het meest genegen jaar van de vorige eeuw. Toen gebeurde het..

Het kerkelijk leven van de dader is niet voltooid, denk ik. Dus is de onvoltooid tegenwoordige tijd voor mijn verhaal verantwoord. 

Met een groep senioren reizen we door Noord-Spanje. Wij, deel van de groep, belanden om twintig na elf in de kathedraal van Lugo (12 de eeuw, vaak verbouwd, façade uit de 18 de eeuw, rijk interieur). Lugo is de hoofdstad van de gelijknamige provincie in Galicië, heeft ongeveer 90.000 inwoners. We dwalen door het koor van de kathedraal. Het is er vrij donker. De meest speelse senior van ons gezelschap zet zich in de bisschopszetel. Een man snelt toe.We denken om de speleman tot de orde te roepen. De man heeft die roeping niet. Hij schakelt meer licht aan en knielt en knielt voor de heiligenbeelden in het koorgestoelte. Hij spreekt ook, Spaans. Wij begrijpen dat hij koster is en ons wil gidsen. Hij verklaart “wie is wie” van de plaatselijke houten heiligen. Hij leidt ons verder rond in de kerk. Bij het zijaltaar van de Heilige Maagd zingt hij en wij moeten meezingen. Kennen wij een Nederlandstalig lied? Mia zet O.L.V. van Vlaanderen in. Nog uitleg. Uitleg. Wij verlaten de kerk. Nog niet: we moeten eerst een Spaans schietgebed nazeggen. Dan luidop “Onze Vader” bidden in het Nederlands. 

De devote man leidt ons naar een grote binnenplaats met overdekte galerij. Wachten. Siëstatijd. Slapende kerk van 12 tot 16 uur. De man moet de kerk sluiten, opdat ze in die periode rustig en heilig zou kunnen dromen. Indrukwekkende sleutelbos. 

Hij komt terug. “Servicio?”  Wie moet er naar de wc?  Hij zal de dames de toiletten wijzen. Verdwijnt met de behoeftige vrouwen. 

Komt vlug terug. “Hombres?”  De mannen moeten naar het midden van de binnenplaats. De drie niet-behoeftige vrouwen duwt hij in een hoek van de galerij, dicht bij elkaar. Daar blijven. Hij wijst ons daarna de voeten van de zuilen. Die moeten we Vlaams zegenen. Hij verdeelt het werk met kennis van zaken: jij daar, jij ginds. Uno, dos, tres en wateren. Er zijn meer zuilen dan “watermannen”. Daarom neemt de koster ook deel aan de onderbezette actie. De drie, in de hoek geduwde, vrouwen zijn stout en fotograferen de scène.

De behoeftige dames zijn ondertussen ook terug. De devote koster begeleidt ons, watervrij, tot boven op de stadsmuur. De muur, met poorten en torens, stamt nog uit de Romeinse tijd. Boven op de muur verklaart de koster zich gedienstig, hij doet de mensen graag een plezier. Hij aanvaardt toch als wederdienst wat drink- en pisgeld van ons. Op drinken volgt inderdaad plassen, in Lugo in een historisch kader. Amen.

 

© Hugo Van Vlaslaer

verder naar volgend stukje: klik hier

terug naar de startpagina (klik dan hier)     terug naar de inhoudstafel van deze reeks (klik)