Ze Valentijn

Ze is geen zee.  
Ze heeft daarvoor
een "e"
te weinig,
de “e” van eindeloos  
waarschijnlijk.

Ze is dikwijls  
zelf het einde,  
mijn vrouw,
doeleinde
en happy end.

Ze geeft een zee  
van, met liefde.

 

 

Een gedicht moet rijpen. Je laat het een tijd rusten en dan proef en verbeter je het. 

Ik zat vorige zomer traditioneel op een strand aan de Adriatische zee te zonnen. Ongezond werk, schijnt het. Maar je kan tegelijk lezen.  Je kan er tijdens het zonnen zelfs nadenken en gedachten opschrijven.  Ik heb er steeds een plastiek zakje bij met een schrift en een serieuze bic erin, één die goed schrijft, een parker.

Toen, die mooie dag voelde ik mij zo zonnig gelukkig, ik keek naar mijn vrouw en naar de zee. Verliefd. Zodat ik een liefdesgedichtje schreef, een vluggertje. Ik heb het laten rijpen en heb er later nog twee lijntjes, één zinnetje aan toegevoegd. Het belegen gedicht staat in het gele vlak links.  

Ik las het ooit halfbelegen voor op een zgn. werkvergadering van het Duffels Literair Gezelschap, d.w.z. zonder het slot “ze geeft een zee enz..”  De andere leden knikten welwillend, maar spraken kritisch: “Je speelt weer met woorden.”  Ze dachten erbij, ik zag het aan hun gezicht: stoute jongen.

Ik: “Ik speel toch niet met jullie woorden, alleen met die van de dikke Van Dale.”

Volgens de dikke Van Dale is een zegswijze: “Er is geen lid aan mijn lijf dat er aan denkt.”  Die zegswijze betekent: “Ik denk er in het geheel niet aan.”   Ik denk er wel aan, aan liefdesgedichten, ik heb een lid aan mijn lijf en ik ben lid van verenigingen o.a. van nog een andere, grotere literaire vereniging, die een tijdschrift uitgeeft, 80 blz. Leden raken daarin werk kwijt. Kritiek zegt: “Het niveau van het tijdschrift is niet zo hoog.”  Ik heb het nagemeten: de hoogte is 21 cm als je het tijdschrift op zijn smalle kant zet.  Dus niet te hoog voor mij.  Als ik iets opstuur voor publicatie, komt het er wel in.  Zo ook mijn liefdesgedicht.  Ik dacht: ik word nu een internationaal beroemde verliefde, het tijdschrift verschijnt namelijk ook in Nederland en in Zuid-Afrika. Metamorfose van Hugo Van Vlaslaer naar Valentijn Van Vlaslaer. Leuk “VVV” in plaats van “HVV”. Helaas, helaas, helaas, hebben ze dat gedicht afgedrukt in de rubriek “humoristische en kolderverzen”. Humoristisch?  Misschien zinnig licht, maar niet lichtzinnig. Kolder? Kolder past niet bij mij. Ik ben doodernstig opgevoed.  Ik mocht van mijn moeder niet vrijen voor ik afgestudeerd was. Niet humoristisch bedoeld, geen kolder. Als je met pensioen bent, voldoet je zeker aan de voorwaarde “afgestudeerd”.  Dus mag ik nu “Valentijn” vieren. “Valentijn” valt op 14 februari.  Valt?  Valentijn mag geen jaarlijks “geval” zijn, kan feestelijk staan op vele dagen...

© Hugo Van Vlaslaer

hugo.van.vlaslaer@pandora.be       naar volgend stukje: klik hier

terug naar de startpagina klik dan hier   terug naar de inhoudstafel van deze reeks (klik)