Het evangelie van de ware Humor

De eerste twee zinnen werden overgenomen uit het “echte”.  Sorry voor het plagiaat, maar het mag van SABAM: de evangelist is reeds meer dan 70 jaar overleden.

In den beginne was het woord, dit was in den beginne bij God.  In den beginne was het licht en het licht scheen in de duisternis en de duisternis heeft het niet aanvaard.  En het woord roerde zich ook niet en God vond het onroerende woord niet af en sprak met ontroerende stem tot het onroerende woord aldus:

“Ik geef u de spraakkunst woord, u zult u zelf kunnen nemen en voeren waar u wil, maar u mag de regels van de spraakkunst niet overtreden, zo niet...”

En Hij sprak tot het licht:

" Ik geef u meer vermogen, zodat u de duisternis kunt weg lichten."

Aldus geschiedde naar Zijn wil.

Onmiddellijk nam het woord zich en zei:

"Schepper, waarom zijn wij, het licht en ik, het woord, onzijdig?  Schepper, toe, doe er nog een schepje bij en maak ons zijdig, veelzijdig."

En aldus geschiedde naar hun verzoek en naar Zijn wil.

Op een buitengewoon paradijselijke dag keerden het woord en het licht zich met hun  beste zijde naar elkaar toe en zij koeiden niet maar paarden en hinnikten van plezier.  Uit deze vereniging werd het eerste lichte woord geboren.  God aanvaardde het peterschap en noemde dat lichte woord “Humor”.

Maar twee dagen nadat Adam en Eva uit het paradijs gezet waren, voerde het veelzijdige woord zich in dezelfde hof van Eden en verleende daarbij God geen voorrang van rechts.  God was verbolgen en het woord werd verbannen naar de mensen.  Dezelfde dag gedroeg het licht zich lichtzinnig en het vloog ook buiten.

Humor bleef in het paradijs wonen.  Dat lichte woord heeft God nooit mishaagd.

Het licht en het veelzijdige woord leefden dus voortaan bij de mensen.  Deze schepsels misbruikten vaak het woord: ze maakten het hard en lieten het vallen, ze namen het woord aan alle zijden tegelijk, ze gaven het woord aan elkaar en hielden het niet.

Het woord was nog steeds verliefd op het licht.  Maar toen God het licht had heengezonden, had Hij het zijn luister ontnomen: het mocht niet meer hemels schijnen bij de mensen en niet meer coherent trillen in de fysica.  Het aldus gedegenereerde licht paarde nog met het woord.  Maar de twee lichte kinderen, die het woord tussen de mensen baarde, waren niet meer “dat”.  Het veelzijdige woord zag het ook en durfde het tweede en het derde lichte woord niet meer Humor noemen, ze kregen respectievelijk de naam “Ironie” en “Sarcasme”.  Toen God die mindere kinderen zag, kreeg Hij medelijden en sprak tot de Humor, in het paradijs, aldus:

"Ga af en toe naar de wereld en loop overal door, heen en weer."

Zo geschiedde naar Zijn wil.

En zij, die de lopende Humor kunnen opmerken in de taal, in de kunst, in de wetenschap, in de politiek, in alle dingen en in het leven zelf, zij zullen gelukkig zijn.

 

© Hugo Van Vlaslaer

Zo is het.

.

          En zij, die de lopende humor kunnen opmerken in de taal, in de kunst, in de wetenschap, in de politiek, in alle dingen en in het leven zelf, zij zullen gelukkig zijn.

Zo is het. Maar het is moeilijk die lopende humor vast te zetten in een tekst Je valt daarbij makkelijk in het water van de steken onder water. Vermits je niet wilt verdrinken, moet je dan wel bovenkomen met steken onder water, ze plakken aan je. Je beseft daarbij ongelukkig dat het van meer vaderlandsliefde, naastenliefde en andere liefdes getuigt ideeën te zoeken waard om boven water te houden. Je moet eerder steekhoudend dan stekend zijn. Zo is het.

          Je kan bij de geschreven jacht op de lopende humor zelfs het woord niet betrouwen. De woordspelval, een soort buitenspelval, staat altijd open. Ik trap er vaak in. Ik bedoel: ik zie een leuke woordcombinatie... en ik schrijf meer dan ik bedoel en de lezer denkt dat ik nog meer bedoel dan ik geschreven heb en hij verwenst mij tussen de regels door. Zo is het.

© Hugo Van Vlaslaer

 

naar het volgen stukje: klik hier
terug naar de startpagina: klik dan hier     
terug naar de inhoudstafel van deze reeks (klik)