Als je alleen maar naar de foto's wil kijken en de hele reutemeteut niet wenst te lezen, druk je hier.
Dit is mijn hoekje waarin ik je sommige van mijn foto's wil tonen. Ik hoop dat je ze mooi vindt. Toch wil ik ook verder gaan : verder dan de gemakkelijke esthetiek, waarin alles op elkaar afgestemd is en het beeld zachtjes binnenglijdt. Ik wil ook foto's maken waar je wat moeite moet voor doen.Ze moeten a.h.w. wat "gewalst" worden, net zoals met koppige wijn, om de volledige betekenis en waarde te herkennen. Ik ben niet zeker dat ik deze betekenis en waarde in woorden kan uitdrukken. Mijn indruk is dat dat vaak niet kan; waarom, weet ik niet. Het is meer een deel van de persoon die erdoor aangesproken wordt en het beeld niet meer kan loslaten.
Het onderscheid met een banale foto is dan ook niet meer zo scherp; wat op het eerste zicht banaal lijkt, kan bij nader inzien juist bijzonder intrigerend zijn. Of mijn foto's nu banaal zijn of betekenisvol, laat ik in het midden. Ik heb het plezier gehad om ze te nemen en te bewerken. Ik hoop dat je er ook plezier aan beleeft om ze te bekijken.
Eergisteren ben ik naar een tentoonstelling over Frank Capa gaan kijken. Frank Capa is een oorlogsfotograaf die geleefd heeft in de eerste helft van de vorige eeuw. Hij zat steeds midden in de aktie en dat heeft hem uiteindelijk ook zijn leven gekost. Het leverde hem wel beklijvende foto's op. Het zijn niet alleen foto's die technisch perfekt zijn, maar die ook wat vertellen : niet alleen over de konkrete mensen die erop staan, maar ook over de oorlog in het algemeen. De oorlog is hier niet geësthetiseerd tot een plaatje; het plaatje is de oorlog geworden. De kracht die de foto's uitstralen is ongelooflijk. Voor mij is dit wel een bron van inspiratie.
Je zal nu wel zeggen : allemaal goed en wel, maar als je daarvoor ten oorlog moet trekken.. . De oorlog leent er zich inderdaag toe, om veelzeggende en expressieve foto's te maken. Maar kan hetzelfde ook in een andere, meer vredevolle situatie ? Kan je, om het redelijk absurd te zeggen, een dergelijk soort foto's maken in de Veldstraat in Gent, zelfs, als ik eerlijk ben, in mijn onmiddellijke leefomgeving ?
Wat is dan het verschil tussen een oorlogssituatie (of gelijk welke rampsituatie) en een drukke winkelstraat ? Als ik het gevoelsmatig op mij laat afkomen, zou ik zeggen : oorlog of ramp is vechten om te overleven; een winkelstraat is het geleefd worden, met een maximum aan externe prikkels en een minimum aan interne sturing. In beide situaties is veel onmacht aanwezig : in de eerste wordt die veroorzaakt door externe faktoren, in de tweede door interne faktoren. In een oorlogs- of rampsituatie is er één centrale waarde : overleven; alles wordt geïnstrumentaliseerd tot het realiseren van deze waarde. In een winkelsituatie is er die van het geld en van het genot. De waarde van geld wordt echter voortdurend ontkracht : de suggestie wordt voortdurend gegeven dat men meer kan kopen met minder geld. Alles wordt geïnstrumentaliseerd tot een functie van genot. In feite gaat het om meer dan een winkelstraat; ik zie het eerder als een exponent van onze Westerse cultuur : alles gemakkelijk, alles vanzelf, alles onmiddellijk, de verleiding als opperste richtinggever, alleen maar genot.
Deze instrumentalisatie vind ik ook terug in mijn gewone leefomgeving : ik kijk uit de straat en zie mijn straat. Alles is nogal grijs; iedereen gaat zijn gangetje en iedereen doet zijn ding. Hier staat niet het genot voorop, het is een raderwerk dat draait, dat zowel de maatschappij als de individuen draaiende houdt. Veel expressie is hier ook niet aanwezig; van zodra alles draait is het voldoende.
Wat kan je dan doen als je met je foto-apparaat afkomt ? Je neemt een foto. Deze foto geeft een beeld weer, een beeld van een deel van de werkelijkheid. Voor het gemak nemen we aan dat de foto goed gemaakt is, technisch en compositorisch is alles in orde. Blijft de vraag : wat staat er op ? Voldoet datgene wat er op staat aan ons verlangen, onze doelstelling ? Wat willen we eigenlijk ? Wat ik wil, is een foto die de kijker niet gerust laat, die hem wat uit evenwicht brengt. Dat kan door de expressie die in het beeld zelf ligt. Het kan ook door een onrust tot stand te brengen, omdat het beeld het vooraf gedachte of gevoelde tegenspreekt, ev. ingaat tegen vooroordelen. Het kan door een bevreemding binnen te brengen : niets is wat het nog lijkt, een deel van de kijker wordt in vraag gesteld. Het kan ook door de verwondering te creëren : in de foto steekt een stukje wonder.
Kan dat door de banaliteit van het alledaagse leven weer te geven ? Niets van het bovenstaande lijkt hier in voor te komen. Voor zover het over een letterlijke weergave gaat, wordt de foto opgeslorpt door de grijsheid van het beeld. Ik zie hoe er gewinkeld wordt vanuit een ondraaglijke lichtheid, hoe alles wat kan storen vermeden wordt, hoe de mensen als bootjes in een zachtjes deinende muzak-achtige stroom meegevoerd worden in de ideële werkelijkheid van het moment, hoe deze schijnbaar perfecte wereld het individuele uitvlakt tot een aangename grijsheid. Neem ik hiervan een foto, dan neemt de foto de banaliteit van het onderwerp gewoon over.
Wil ik toch een interessante foto nemen, dan moet ik dit grijsachtige beton breken en de onrust, de bevreemding, de verwondering binnen te brengen. Dat vraagt dat ik verder kan kijken dan wat ik zie. Dat vraagt dat ik uit de situatie kan uitstappen, uit mijn eigen grijsheid en banaliteit en op een frisse manier mij open stellen voor wat achter het oppervlakkige ligt.