Dit beeld gemaakt door de WMAP satelliet is een foto van het universum ,300.000 jaar na de oerknal. Het had een temperatuur van 3000°K.

Deze Hubble Deep field foto bestrijkt een oppervlak aan de hemel van 1/10 van de volle maan.

Met deze beelden in het achterhoofd kan ik deze scriptie meer gestalte geven. De materie enkel in de vorm van sterrenstelsels is geconcentreerde materie en voor de rest is het donker. Wat opvalt is dat de hemel buiten onze Melkweg, uitgezonderd het Andromedastelsel, overal en in al de richtingen gelijk is of isotroop. Echter al deze sterrenstelsels verwijderen zich van ons en hoe verder ze zich bevinden des te sneller. De ruimte dijt uit, we kunnen bewijzen dat het universum is ontstaan uit een oerknal, de “Big Bang”. Dit bewijs steunt op drie argumenten.
Ten eerste zien we de uitdijing, ten tweede zien we het hete begin en ten derde zien we de as van de oerknal.
De materie wordt samen gehouden door de gravitatie en de snelheid , de kracht van het uitzetten, van al die sterrenstelsels. Deze dichtheid bepaalt dan de toekomst ons universum.
Indien “Omega” Ω > 1 Dan draait de uitdijing zich om, het is dan eindig in afstand en duur. Het stort terug in elkaar de Big Chrunch “ .Men kan het zien als de geometrie van een bol.
Indien Ω < 1 , is de materie dichtheid te klein en krijgen een open universum. Een zadelmodel
Indien de materie kritisch is en Ω =1 hebben we een vlak universum.
Het antwoord op deze vraag is , geen van de drie gekende modellen is juist. Dit moeten we natuurlijk kunnen bewijzen.
Door de studie van Supernovae in het bijzonder het type Ia is de uitdijing toegenomen. Er schuilt hier een kracht die een duw geeft, een kracht die de motor laat blijven lopen. Steeds meer neemt de snelheid toe.
Het universum is vlak en heeft een versnelde uitzetting. De duw of motor achter dit systeem is de donkere energie.
Als ik dit weet mag ik zeker het eerste vliegtuig nemen naar Stockholm. We weten het niet. We kijken terug in de tijd, maar waarom zien we de oerknal dan niet? Ook niet in de Hubble Deep field foto bovenaan deze pagina.
Een dominante straling met een golflengte gelijk deze uit onze magnetron in de keuken. We kunnen zelf kijken naar de hete gloed van het heelal. 0.1 % ruis op onze TV is afkomstig van uit dat moment” de Big Bang” 13.5 miljard jaar geleden. Wat dadelijk opvalt is dat de temperatuur overal gelijk is namelijk 2.728 graden K. Het heelal is werkelijk in alle richtingen gelijk. De 3000° K van toen, 300.000 jaar na de oerknal , zien we nu aan 2.728° K.
Hiervoor heb je die grote onbekende nodig de donkere energie. Deze kunnen we waarnemen met de WMAP. Deze satelliet kan maar even 5 miljoenste van een graad nauwkeurig het temperatuurverschil meten in deze homogene gasmassa. Nu zien we verdichtingen zoals we een beeld scherp stellen met onze telescoop.

Deze verdichtingen waren de zaden van onze toekomstige sterren en sterrenstelsels , maar ook van het leven, wij dus. We zien God's grote kookpot. De fluctuaties in een heet gas is de basis van alles. De moderne kosmologie is er één van precisie.
We kunnen deze golven analyseren als geluidsgolven. We meten het geluidgolven. We moeten het geluidspectrum van de achtergrondstraling bestuderen. We horen nog steeds het nagalmen van de oerknal met een frequentie van 220 HZ. Op basis van deze gegevens kunnen we de kritische dichtheid van het universum bepalen. We weten nu dat het vlak is en een kritische dichtheid heeft. Het moet zo zijn met de juiste samenstelling om te kunnen bestaan. Probeer maar eens een potlood recht te zetten, ze zal eens rechtop blijven staan na x-maal pogingen. Het universum zal dus altijd blijven bestaan maar de sterrenstelsels verdwijnen uit elkaars waarneembare horizon.
Ω= 0.8 het universum is open
Ω=1 het universum is vlak
Ω=1.2 het universum is gesloten
De toon daalt van o.8 naar 1.2.

We kunnen uit geluidgolven de samenstelling bewijzen , de toon stijgt van 4% normale materie naar 23% donkere materie en maar liefst 73% donkere energie. Dit gegeven is revolutionair, copernicaans , in de sterrenkunde.
De gewone materie waar wij en alles is uit opgebouwd
is slechts een klein deel van het universum, ongelofelijk niet waar. We hebben
te maken met een onbekende energievorm. Noem het vacuüm energie. Ik geef
een voorbeeld iedere kapitein weet dat op een vlakwater waar geen golfje of
een zuchtje is te bespeuren, twee naast elkaar gemeerde schepen naar elkaar
drijven zonder ook maar een oorzaak. Deze vorm van energie is vacuüm
energie. Energie uit niets.
Conclusie
We hebben hier te maken met de grootste uitdaging van de 21ste eeuw.
Het
geluid van het universum 300.000 jaar na de bigbang, let op de toonhoogte<druk>
Het geluidspectrum van de oerknal voorspelt de juistheid van de inflatietheorie. De ruimte zette zich vlak na de oerknal uit met een snelheid velen malen groter dan de lichtsnelheid en we hebben te maken met een onrealistische “fine tuning”. Alleen ons universum kan bestaan en voldoet aan de juiste voorwaarde. Net als de aarde ,waar leven ontstond. De aarde , de atmosfeer, de baan , de zon en maan en nog veel meer moeten voldoen aan deze”fine tuning “ . De juiste voorwaarde om te kunnen leven en in de mogelijkheid te zijn maar te kunnen denken over het ontstaan en werking van ons universum. Ons universum is dan ook een veel groter systeem dan de waarnemingshorizon van 13.5 miljard jaar.
Lode Stevens
14 februari 2009
Bron:
Samenvattingverslag van de lezing door Professor J. Heise bijzonder hoogleraar
aan de Universiteit van Utrecht op 12 februari2009 Studium Generale Universiteit
Maastricht en enkele eigen kritische bedenkingen.
Een baby foto van het universum