De kuiper gordel

Vele zijn proto – kometen. Het eerste
object werd in 1992 ontdekt door David Jewitt en Jane Luu aan de Universiteit
van Hawaii. Sindsdien zijn er tot op heden 400 Kuiper objecten gevonden. Er
wordt ook aangenomen dat Pluto en zijn maan Charon Kuiper objecten zijn.
Dit jaar in 2001 werd de nieuwe planeet Varuna ontdekt met een diameter van
900 kilometer. Op 22 mei 2001 werd er weer een nieuwe ontdekt met een diameter
van 1270 kilometer op een afstand van 6.4 miljard kilometer en wordt Plutinio
genoemd.
Pluto en
zijn natuurlijke satelliet Charon bevinden zich aan de rand van het zonnestelsel
en werden pas recent ontdekt. De laatste en kleinste van de "grote " planeten
- in tegenstelling tot de "kleine " planeten of planetoïden - werd pas
voor de eerste keer en dan nog "toevallig" waargenomen in 1930. Het bestaan
van Charon werd pas in 1978 ontdekt.
De dwergplaneet in het zonnestel blijft een raadsel voor de sterrenkundigen. Hoewel Pluto rond de Zon draait past hij in geen enkele categorie van de bekende planeten. Pluto is niet "aards" zoals onze eigen planeet en niet gasachtig zoals Jupiter. Wat voor een object is Pluto dan? Specialisten menen dat het kan gaan om één van de laatste exemplaren van een soort primitieve planeten die het zonnestelsel bij zijn ontstaan bevolkten: de ijsdwergen. De grote Neptunus maan Triton zou hier ook toe behoren. Ondanks zijn kleine afmetingen en enorme afstand tot de zon is zijn atmosfeer zeer dynamisch. De seizoensgebonden klimaatveranderingen worden beïnvloed door de zeer elliptische baan van de planeet rond onze ster. Pluto kan de zon naderen en daarbij de baan van Neptunus zelfs kruisen. In die omstandigheden stijgen de temperaturen op Pluto tot - 215 °C. In de "winter" vallen ze terug tot - 240 °C.
Opnamen van 17 junli 2004
opnamen 9 april 2005
Door de grote afstand en de bescheiden afmetingen van Pluto konden tot nu toe geen oppervlaktedetails waargenomen worden, zelfs niet met de krachtigste telescopen. Maar sinds vorig jaar kon dit toch verwezenlijkt worden dankzij de Hubble-telescoop. De opnamen tonen veel contrast en werden gemaakt tijdens één rotatieperiode van Pluto. Het oppervlak is complex: er zijn een twaalftal verschillende oppervlak kenmerken, waaronder een noordpoolkap die door een meer donkere lijn in twee wordt verdeeld, een heldere vlek die evolueert met de rotatie van de planeet en een reeks donkere gebieden. Het kunnen inslagkraters en enorme "zeeën" zijn, te vergelijken met de maan. Een van de weerhouden hypothese beschrijft de beweging van ijs velden gedurende de omwenteling van de planeet rond de zon.
Pluto werd in 1930 ontdekt en het is de enige nog niet door een ruimtetuig bezochte planeet. Omdat in het begin van de twintigste eeuw nog steeds afwijkingen in de baan van Uranus werden waargenomen, veronderstelde men dat ook hier een nog onbekende planeet in het spel was. Percival Lowell ging aan het rekenen en niet ver van de berekende positie werd in 1930 Pluto gevonden. Nu moeten we toegeven dat dit een enorme toevalstreffer is geweest. De massa van Pluto is véél te klein om ook maar enige invloed uit te oefenen op Neptunus en Uranus.
De baan van Pluto rond de Zon heeft de grootste excentriciteit en de grootste
inclinatie of helling van alle planeetbanen.
Pluto bevindt zich met Neptunus in een zogenaamde 3:2 resonantie. Drie omlopen
van Neptunus komen haast overeen met twee omlopen van Pluto. En alhoewel Pluto
in zijn perihelium dichter bij de Zon komt dan Neptunus, kunnen daardoor de
beide planeten nooit in elkaars nabijheid komen. Heel wat objecten in de Kuipergordel
bevinden zich ook in een 3:2 baanresonantie met Neptunus (Plutino’s).
Pluto bezit een maan, Charon, die in1977 werd ontdekt. Charon heeft een diameter
die ongeveer de helft is van die van Pluto. We spreken hier dus terecht van
een dubbelplaneet. Pluto en Charon keren steeds dezelfde zijde naar elkaar
toe.
Op Pluto komt een ijle atmosfeer voor, waarvan de dichtheid varieert met de
afstand tot de Zon. De atmosfeer van Pluto bevat voornamelijk stikstof met
wat methaan en koolstofoxide (CO). Nu Pluto zich verwijdert van de Zon –
de laatste periheliumdoorgang was in 1989 - koelt de atmosfeer af –
zij het trager dan men verwachtte - en zal een deel uitvriezen. Charon is
bedekt met waterijs. Albedometingen tonen de aanwezigheid aan van methaan-,
stikstof- en koolstofoxideijs.
Opmerkelijk is dat Pluto en Triton gelijke afmetingen, dezelfde gemiddelde
dichtheid, dezelfde oppervlaktesamenstelling en dezelfde globale temperatuur
bezitten.
Men kan zich de vraag stellen of Pluto een volwaardige planeet is dan wel
het grootste zogenaamde Kuiperobject (zie later). Duidelijk is dat Pluto en
Charon tot de ijswerelden moeten worden gerekend.
Pluto
werd definitief een kuiperobject en geen planeet meer van ons zonnestelsel.
| Diameter (km) | 2300 |
| Rotatie periode | 6.3874 uren |
| Polaire inclinatie | ? |
| Aard massa's | 0.0017 |
| Dichtheid | 0.6-1.7 ? |
| Ontsnappingssnelheid | 5.3? km/sec |
| Oppervlak gravitatie | 0.44 ? |
| Magnitude | 14.9 |
| Albedo | 0.14 |
| |
|
|
|
| |
|
|
|
Nix(S/2005P2) |
48.675 |
24,856 |
40-125 |
Hydra(S/2005P1 |
64.780 |
38,206 |
45-135 |
[ Mercurius][Venus][Aarde][Mars][Planetoïden][Jupiter][Saturnus][Uranus][Neptunus][De kuipergordel ]