| Mercurius staat van alle planeten het dichts bij de zon. De planeet verwijdert er zich nooit meer dan 28 ° van. Daardoor is ze slechts gedurende korte periode waarneembaar: kort na zonsondergang en kort voor zonsopgang. Daarom ook was onze kennis van Mercurius tot voor kort uiterst beperkt. Mercurius blijkt er zo uit te zien als onze maan. Ze is overvloedig bedekt met kraters, wat onthult dat de planeet sinds haar ontstaan vier miljard jaar geleden nauwelijks geëvolueerd is. Daarentegen suggereert men het bestaan van en dunne atmosfeer rond de eerste planeet van het zonnestelsel. De atmosfeer van Mercurius bestaat niet uit moleculen, maar uitsluitend uit atomen. Mercurius heeft in feite nog het meeste weg van een "dode" planeet, maar dan wel een heel snelle… Mercurius
verwijdert zich aan de hemel nooit ver van de Zon: het is de planeet die
het dichtst bij de Zon staat. In haar perihelium kan de dagtemperatuur
oplopen tot 467° C terwijl het ‘s nachts kan afkoelen tot -173°
C, het grootste dag-nachtverschil in het zonnestelsel. Met zijn kleine
massa en de nabijheid van de Zon is het niet verwonderlijk dat een atmosfeer
ontbreekt (we vinden er slechts 105 atomen/cm3; aan het aardoppervlak
bedraagt het aantal moleculen 1019/cm3). En dit ontbreken van een atmosfeer
verklaart de extreme temperatuursverschillen tussen dag en nacht. Oppervlak In
1974-1975 is de planeet bezocht door het enige ruimtetuig (Mariner 10)
dat Mercurius tot heden heeft aangedaan. Het ging dan nog om drie scheervluchten
waarbij ongeveer 45% van het planeetoppervlak werd in kaart gebracht.
En op het eerste gezicht lijkt dit oppervlak erg op dat van onze Maan.
Ook het Mercuriusoppervlak is bedekt met regoliet, tot puin verpulverde
rots. Er zijn echter belangrijke verschillen. Inwendige Mercurius
bezit een grote dichtheid. Voor zo een kleine planeet met een relatief
kleine massa is het inwendige niet erg samengedrukt. Die grote dichtheid
moet bijgevolg komen van een wel bijzonder grote ijzer-nikkelkern, die
75% van de diameter van de planeet uitmaakt. Mercurius is een éénplaatplaneet
met één ononderbroken lithosfeer . Het warmteverlies gebeurt
er door geleiding. Ontstaan Hoe
komt een zo kleine planeet aan een zo grote kern? Vermoedelijk is, in
de beginperiode van het ontstaan van het zonnestelsel, de protoplaneet
Mercurius in botsing gekomen met een ander groot lichaam. Hierbij verloor
Mercurius een groot gedeelte van zijn gesteentemantel wat, samen met de
ijzerkern van de indringer, de nu in verhouding grote kern kan verklaren.
|