Louis'
Thuispagina - VLAAMSE SCHRIJVERS
ALBE.
Albe werd
als Renaat Joostens te Mechelen
geboren op 8 juni 1902.
Deze dichter, novellist, toneel- en romanschrijver debuteerde met de
dichtbundel "Praeludium" (1930) en werd bekend met "Paradijsvogel"
(1932). Al zijn poëzie, tot zijn laatste bundel "Midzomerse
miniaturen" (1967) toe, was sterk religieus getint.
Tot zijn bekendst proza behoren de romans "Annunciata" (1944), het
historische "Ossewagens op de kim", dat handelt over de grote
historische trek van de Afrikaanse boeren in 1836-37, en "Harshof"
(1956). Zijn meeste romans getuigen van een levendige inbeelding en
hebben een romantische inslag.
Albe schreef ook verscheidene toneelwerken.
Onder de naam "Kapitein Zeldenthuis" werden een reeks avontuurlijke en
geschiedkundige verhalen voor de jeugd gepubliceerd (1944-1966).
Hij schreef ook onder de pseudoniemen O.D. Decanus, Kapitein
Zeldenthuis, Piet Punt, Robin
Rhode, Broeder Abel, Gheselscap en Justus.
"Annunciata" werd bekroond met de Gottmerprijs, "Ossewagens op de kim"
met de prijs van de Bestendige Deputatie van de provincie Antwerpen.
Albe stierf te Brussel op 10 oktober 1973..
Bibliografie:
* Toen Fonske en Mitke de hemel bezochten
(jeugdtoneel, 1929)
* Praeludium (poëzie, 1930)
* 't Paradijsvogeltje (novelle,
1930, in "Jonge Boogaard")
* Toen de H. Petrus afstemde op...
(jeugdtoneel, 1931)
* Paradijsvogel (poëzie, 1931)
* Kwakske in ballingschap (toneel, 1939)
* Cherubijn en mens (poëzie, 1932)
* De Pathé-baby van Mukunda
(jeugdtoneel, 1932)
* De poëet (proza, 1933)
* Het simpel monikske (jeugdtoneel, 1933)
* Salto mortale (toneel, 1934)
* Het debat der klowns Feber en Faber (toneel,
1934)
* Bloem en vrucht (poëzie, 1937)
* Den doodskop en zijn mama (proza, 1937)
* Ivoren toren (poëzie, 1938)
* Van adelijken bloede (poëzie, 1940)
* Jezus, mijn vriend (kindergedichten, 1941)
* Miniaturen (proza, 1942)
* Mijn weerbeeld (poëzie, 1942)
* Vlaanderen, mijn land (poëzie, 1942)
* Het gelaat (verhaal, in
"Bloei", 1942)
* Het lelijke eendje (kindergedichten, 1943)
* De stem van Rama (poëzie, 1943)
* Toen Fonske en Mitke de hemel bezochten (
jeugdverhaal, 1944)
* En zij spitsten de oortjes (jeugdverhaal,
1944)
* Annunciata (proza, 1944)
* Uit eigen buurschap (proza, 1944)
* 't Spatske (jeugdverhaal, 1946)
* Ossewagens op de kim (proza, 1946)
* Groenendaalse clausuren (poëzie, 1947)
* Vanden Rike der Ghelieve (poëzie, 1947)
* In de Kempen trompt de hoorn (proza, 1948)
* Een parelvisser bij Neptunus (jeugdverhaal,
1948)
* Reinaard de Vos (poëzie, 1948) (onder
pseudoniem Piet Punt)
* Kersthallel (poëzie, 1950)
* Orpheus (proza, 1950)
* De spin en ik (proza, 1952)
* Van zaad tot bloei (pôëzie, 1952)
* Uit de doopvont van meester Verdonck (proza,
1953)
* Scheppingsgedicht (poëzie, 1953)
* Ornella (proza, 1953)
* Eugracia Maria Alcaraz (proza, 1953)
* Dietse filomelen (poëzie, 1953)
* Verborgen roos (poëzie, 1954)
* Aurita (proza, 1954)
* De jongen van de zee (1954)
* Morgenster (poëzie, 1955)
* Wonder van het Hageland (poëzie, 1955)
* Maria Koningin (poëzie, 1955)
* Het tijdloze verbond (poëzie, 1955)
* Goyescas (poëzie, 1955)
* Harshof (proza, 1956)
* Tussen sol en sombra (proza, 1956)
* De honingvogel (jeugdtoneel, 1956)
* De gevlekte paardjes (jeugdverhaal, 1956)
* Naar de tuinen der Hesperiden (proza, 1957)
* Vertellingen uit rijmland (kindergedichten,
1957)
* Dagboek van een brankardier (poëzie +
proza, 1957)
* De kinkhoren (jeugdverhaal, 1957)
* De zilveren kerstboom (jeugdverhaal, 1957)
* Tussen sol en sombra (jeugdverhaal, 1957)
* De vleermuis (toneel, 1957)
* Zonsverduistering (jeugdtoneel, 1957)
* Doremifasollasido (jeugdtoneel, 1957)
* De roos en de doorn (jeugdtoneel, 1957)
* De wedloop (toneel, 1957)
* De fabel van Pipetta (toneel, 1957)
* De avonturen van Kapitein Zeldenthuis (reeks
jeugdverhalen, 1944-1966)
* Paian voor Apollo (poëzie, 1958)
* De drie vroege koningen (toneel, 1958)
* Magnificat (poëzie, 1958)
* Madamisela (luisterspel, 1958)
* Getijden der blijdschap (poëzie, 1959)
* Dichters van deze tijd en van alle tijden
(essay, 1959)
* Handen van Jacobs (toneel, 1960)
* Annunciata (toneelbewerking, 1960)
* Moeders winnen oorlogen (przoa, 1960)
* Dichters van alle tijden (essay, 1960)
* Frederico Garcia Lorca (essay, 1960)
* De arkvaarders (proza, 1961)
* Gedichten (poëzie, 1962)
* Kinderen van de Parnas (kindergedichten,
1962)
*Juan Ramon Jiminez (essay, 1962)
* De UNO der klapeksters (jeugdtoneel, 1962)
* Miniaturen van Sint-Maria-Oudenhoven (proza,
1962)
* Seizoenen om Orpheus (poëzie, 1964)
* Scenische bewerkingen (toneel, 1964)
* Giuseppe Ungaretti (essay, 1964)
* Andalusisch dagboek (essay, 1964)
* Een nacht in Epidaurus (proza, 1964)
* Omnibus van de Zuiderzon (proza, 1964)
* Te gast bij goden en mensen (proza, 1965)
* Droomgezicht in Epidaurus (proza, 1966)
* Midzomerse miniaturen (poëzie, 1967)
* De jonge Odysseus (jeugdverhaal, 1967)
* Diafragma (poëzie, 1970)
* De lokroep der Cycladen (jeugdverhaal, 1970)
* De zeilvogel Ikaros (jeugdverhaal, 1970)
* Het eiland van Ariadne (jeugdverhaal, 1970)
* De Siciliaanse nimbus (proza, 1971)
* Verzamelde gedichten (poëzie, 1977)
Terug naar begin
Terug naar Louis' Thuispagina - index Vlaamse
schrijvers