Alfons
Jeurissen werd geboren te Hasselt op 19 mei 1874.
Hij begon zijn loopbaan als kantoorbediende. Daarna deed hij dienst
als douanier.
Na de eerste wereldoorlog werd hij van activisme
(1) beschuldigd en verloor hij zijn baan.
De verhalen en romans van Alfons Jeurissen spelen zich in hoofdzaak
af in de Limburgse Kempen. Oude geheimzinnige verhaaltradities en
sagenmotieven
(2) spelen er een belangrijke rol in. Zij worden tevens gekenmerkt
door expressionistische
(3) natuurbeschrijvingen en dramatische effecten.
Alfons Jeurissen was redactielid van "Vlaamshe Arbeid" en "Het
Vlaamsche
land".
Hij stierf te Ekeren op 18 juni 1925.
Bibliografie:
* Heikleuters (1907)
* Broeder Bertus (1906)
* De witte vrouw (1906)
* De turfboer (1906)
* Op de vlakte (1910)
* Van levenden en dooden (1913)
(omvattend: Broeder Bertuis, De
witte vrouw, De turfboer)
* Geert de
Roerdomp (1918)
* Heksendans (1924)
* Verzameld werk (1950)
* De oude Bill (1978) (in "Vlaamse dorpsverhalen uit vroeger tijd")
* Aan de grens (uit "Op de vlakte", in "
Heimatschrijvers in de Nederlandse literatuur") (z.j.)
-----------
(1)
activisme = politieke beweging
die streefde naar de oplossing van de
Vlaamse
kwestie met behulp van de bezettende
macht (1914-18)
(2)
sage = verdicht verhaal rond
een historische kern
(3)
expressionisme = kunstrichting
waarij persoonlijke beleving en visie
wordt
uitgedrukt