Louis' Thuispagina  -  VLAAMSE SCHRIJVERS

LODE MONTEYNE

Lode Monteyne werd geboren te Antwerpen op 21 juni 1886.
Hij studeerde te Gent aan de lagere en middelbare normaalscholen en werd onderwijzer in 1905. Van 1907 tot 1939 was hij werkzaam in het onderwijs in zijn geboortestad. Van 1938 tot 1952 was hij leraar toneelgeschiedenis aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium te Antwerpen.
Hij debuteerde in 1912 met de roman "Geerten Basse", gevolgd door o.a. "Aan wal" (1920) en "Het schoone avontuur" (1923), allen in laat-naturalistische (1) stijl. Hij schreef ook enkele interessante essays, zoals "Lode Baekelmans" (1914) en "Maurits Sabbe en zijn werk" (1918).
Lode Monteyne was echter in de eerste plaats toneelcriticus. Hij was van 1923 tot 1940 hoofdredactuer van "Het Toneel" en schreef talrijke belangrijke toneelhistorische werken zoals "De toneelcrisis in Vlaanderen" (1929) en "Een eeuw Vlaamsch toneelleven" (1936).
Hij was tevens lid van de "Koninklijke Vlaamse Academie" en van de "Maatschappij van Nederlandse Letterkunde te Leiden".

Hij schreef ook nog onder verschillende pseudoniemen zoals Caliban, L.C.G. Cornelius, Paul Estraboux, Freddy Fournaud, Marten Helm, Lamme, Lector en Ada de Lerys Goedvriend.
 Lode Monteyne stierf te Berchem op 12 november 1959.

Bibliografie:

* Geerten Basse (roman, 1912)
* Drie schetsen uit het leven van Monneken Peeters (verhalen, 1913)
* Lode Baekelmans (essay, 1914)
* De tweede lente van Meneer Quistwater (roman, 1914)
* Charles de Coster, de mensch en de kunstenaar (essay, 1917)
* Maurits Sabbe en zijn werk (essay, 1918)
* Bretoensch nationalisme en Bretoensche literatuur (essay, 1920)
* Aan wal (roman, 1920)
* Het schoone avontuur (roman, 1923)
* Kritische bijdragen over toneel (toneelkritiek, 1926)
* Geschiedenisjes (verhalen, 1926)
* Charles de Coster, de mensch en de dichter (essay, 1927)
* Geschiedenis van de Vlaamsche toneelletterkunde van 1800 tot 1925 (toneelgeschiedenis, 1927)
* Koorn en kaf (toneelkritiek, 1928)
* De toneelcrisis in Vlaanderen (toneelgeschiedenis, 1929)
* Spiegel van het modern Vlaamsch toneel (toneelkritiek, 1930)
* Julius Romains als toneelschrijver (toneelgeschiedenis, 1930)
* Lodewijk Scheltjens en zijn werk (essay, 1932)
* Het Vlaamsch toneel (In "Vlaanderen door de eeuwen heen") (= Geschiedenis van de Vlaamsche toneelletterkunde
   van 1800 tot 1925) (1932)
* De Sabbe's (essay, 1934)
* Dr. J.O. de Gruyter als directeur van de KNS te Antwerpen (toneelgeschiedenis, 1935)
* Een eeuw Vlaamsch toneelleven (toneelgeschiedenis, 1936)
* De honderdjarige Gids en Vlaanderen (essay, 1937)
* Wendingen in de moderne toneelkunst, 1870-1918-1930 (toneelgeschiedenis, 1937)
* Over den huidigen toestand van ons Vlaamsch toneelwezen (toneelkritiek, 1937)
* Het toneel te Antwerpen (toneelkritiek, 1937)
* Stroomingen, gestalten en spelen in het naoorlogsch Vlaamsch toneelleven (toneelgeschiedenis, 1938)
* Pleidooi voor de alzijdige en harmonische ontwikkeling van den toneelspeler (toneelkritiek, 1938)
* Over Shakespeare, zijn tijd, zijn leven en zijn werk (essay, 1941)
* Medaljons (toneelgeschiedenis, 1949)
* Drama en toneel van Oost en West door de eeuwen heen (toneelgeschiedenis, 1949)

---------------

(1) naturalistisch = de werkelijkheid zo natuurgetrouw als mogelijk weergevend

Terug naar begin

Terug naar Louis' Thuispagina - index Vlaamse schrijvers