Ernest-Willem
Schmidt werd geboren te Antwerpen op 14 augustus 1886. Hij
volgde enkel lager onderwijs. Na enkele jaren kantoorbediende te zijn
geweest, werd hij beambte bij het Antwerps stadsbestuur. In deze
functie
was hij verbonden aan het Museum van de Vlaamsche Letterkunde.
Al zeer jong begon hij toneelstukken te schrijven. In zijn
toneelstukken trachtte hij op naturalistische wijze het kleinschalige
van onze dorpen en kleine steden te doorbreken door karakters neer te
zetten die een welbepaalde toen niet gangbare cynische (1) levenswijze
vertolkten. Dit werd door het katholieke Vlaanderen niet zo
geapprecieerd. Het maakte hem echter tot één van de
eerste moderne toneelauteurs in Vlaanderen.
Hij was ook theatercriticus voor o.a. "Het Laatste Nieuws" en "De
Vlaamsche Gids".
Ernest W. Schmidt stierf te Antwerpen op 19 februari 1937.
Bibliografie:
* Een paar
menschen (1910)
* De doode
man (1912)
* Het
kindernummer (1918)
* Een eiland
(1918)
* De ultra's
(1918)
* De
antichrist (1920)
* De Meskien
(1920)
* Een
wonderlijke gast (1921)
* Tilly's
tribulaties (1921)
*
Klapperbeentjes of De geschiedenis eener operet (1922)
* Eersteling
(1923)
* De schone
historie van Valentijn en Ourson (proza, 1924)
* De
giftmenger (1924)
* De twee
vrienden en de vrouw (1924)
* De gang der
wereld (1925)
* De peer als
twistappel (1926)
* Klaas in 't
luilekkerland (1926)
* De klucht
van den doktoor (1927)
* Georges
Fries (1927)
* Schubert's
liefdeslied (1929)
* Ninon de
Lenclos (1929)
* De
waterdrinkers (1931)
* De
niet-ingebeelde zieken (1932)
* Speculeeren
(1936)
* Kabaske
(1937)
* Een huwelijksmorgen (?)
------------------------------
(1)
cynisme = levenshouding van
onbeschaamde zelfgenoegzaamheid, gepaard met gevoelloze minachting en
spot voor wat waarde heeft voor anderen