Louis' Thuispagina  -  VLAAMSE SCHRIJVERS

DOMIEN SLEECKX

Domien Sleeckx, eigenlijk Dominicus, werd geboren te Antwerpen op 2 februari 1818.
Hij was een tijdje notarisklerk, daarna journalist. Van 1861 tot 1879 was hij leraar Nederlands aan de Staatsnormaalschool te Lier. Hij beëindigde zijn loopbaan als hoofdinspecteur lager onderwijs.
Domien Sleeckx debuteerde als romanticus in de stijl van Conscience. Voorbeeld hiervan is "Kronyken der straten van Antwerpen" (1843). Hij keerde zich echter vlug tegen de idealiserende trant van Conscience en met een bezadigd realisme neemt hij in zijn romans en toneelstukken het kleinburgerlijke tot onderwerp, zoals in "In 't schipperskwartier" (roman, 1856), "Tybaerts en Cie" (roman, 1867) en het toneelstuk "De vissers van Blankenberg" (1870). Hij schreef ook enkele dierenverhalen zoals o.a. "Arabella Knox" (1855). In deze dierenverhalen voerde hij naar Engels voorbeeld de humor in de Vlaamse letterkunde in. Hij werkte ook gedurende zes jaar, samen met Jaak Vande Velde, aan een groot Fransch-Vlaamsch en Vlaamsch-Fransch woordenboek.
Domien Sleeckx was één van de grondleggers van het realisme (1) in de Vlaamse letteren.
T'evens werkte hij mee aan de volgende tijdschriften: De Noordstar, De Vlaemsche Rederyker, Het Letterkundig Jaerboekje, De Kunstkronijk, De Kunstbode, De Oude Tijd, Het Nederlandsch Toneel, De Tijdspiegel, De Portefeuille, Het Album der Schoone Kunsten, Cecilia, De Kindercourant.
Hij schreef ook onder de schuilnamen Belgicus, van den Bogaert, Albrecht van de Bossche, H. Sadeleer, Sertser II, Jan Stern en Zondag.
Hij stierf te Luik op 13 oktober 1901.

Bibliografie :

* Dramata (verzameling van 4 oorspronkelijke toneelstukjes) (verschenen onder pseudoniem Albrecht Van Den Bossche) (1841)
* Kronyken der straten van Antwerpen (3 delen) ((1843)

* Daeltjes (1847)
* Vlaamsche zelfopoffering (1848)
* Steek altoos twee neusdoeken in uwen zak (1848)
* Dry kleine ware geschiedenissen (1848)
* Het Drie-Koningenfeest (1848)
* Het kasteel te W. (1848)
* Volksverhalen (1848)
* De Keizer en de schoenlapper, of de gekroonde laars (blijspel, 1848)
* Over den toestand der Vlaamsche Beweging (voordracht, 1849)
* Schurken en brave lieden (1850)
* Over het Nederlandsch toneel (voordracht, 1850)
* Over de plichten der werklieden jegens hun huisgezin (voordracht, 1850)
* In alle standen (1851)
* Smeke-Smee, duivelarij (toneel, 1851)
* De kraenkinders (toneel, 1852)
* Beschrijving der provincie Antwerpen (1852)
* Jan Steen uit vrijen (liedjesspel, 1852)
* De gilde van St. Lucas en tael en kunst, door een ex-gildebroeder (1854)
* Neel de loods (liedjesspel, 1854)
* Berthilda (toneel, 1854)

* Arabella Knox (dierenverhaal, 1855)
* Ontmoetingen (1855)
* In 't schipperskwartier (1856) (in "Omnibus Vlaamse Parels 19e eeuw", 1972)
* Paul (1857)
* De kleeren van mijn vrouw (blijspel, 1857) (onder pseudoniem Van Den Bogaert)
* Meester en knecht (toneel, 1857)
* De suikeroom (toneel, 1858)
* Geld of naem (toneel, 1858)
* De alleenlopers (blijspel, 1860)
* Het spook (blijspel, 1860)
* In 't schipperskwartier (roman, 1861)
* Beschrijving der provincie Braband (1861)
* Zoo de ouden zongen, zoo piepen de jongen (toneel, 1861)
* Geert en Geertje (blijspel, 1861)
* Matroos, soldaet en sjouwerman (blijspel, 1861)
* Grétry (toneel, 1862)
* De genaamde P. (blijspel, 1862)

* Over het realismus in de letterkunde (essay, 1862)
* Op 't eksterlaar (gesprekken, omvattende o.a. Jol, 1863)
* De scheepstimmerlieden en andere novellen (1863)
* Voor eene wedding (toneel, 1863)
* De vissers van Blankenberg (toneel, 1863)
* Dirk Meyer, eene geschiedenis van den waterkant (roman, 1864)
* In de vacantie (1864) (novellenbundel, omvattend o.a. De lieve musschenhistorie, Tjilp! Tjilp!)

* Zannekin (toneel, voordracht, 1865)
* Over de Nederlandsche letterkunde (voordracht, 1865)
* Basilio en Quiteria (blijspel, 1865)
* Reinaart de Vos (voordracht, 1866)
* Jacob Cats (voordracht, 1866)
* Te zijn of niet te zijn (essay, 1866)
* In 1814 (toneelspel, 1866)
* Oude en nieuwe adel (toneel, 1866)
* Eene vrouw met eenen baard (kluchtspel, 1866)
* Guldentops (blijspel, 1866)

* Tybaerts en Cie (roman, 1867)
* Theodoor Van Rijswijck (voordracht, 1867)
* Tollens (voordracht, 1867)
* Voorbeelden van stijl en letterkunde (1867)

* De plannen van Peerjan (roman, 1868)
* Neef en nicht en andere verhalen (1869) (omvattend: Zuster Juliana, De kraag des duivels, Voorgevoel, Gille, Gillegouwken, De groote St. Bernhart)
* De Rederykers (voordracht, 1869)

* De scheepstimmerlieden (1870)
* Hildegonde, een verhaal over het einde der XV eeuw (historische roman, 1870)

* Kunst en liefde (1870)
* Den wraak van den Jood (toneel, 1870)
* Over de lichtteekening (1871)
* Het erfdeel en andere verhalen (omvatten o.a. Hoe engel zijn bientje kreeg, 1872)
* De Nederlandsche roman, Elisabeth Bekker en Agatha Deken (1873)
* De baan- en de boschwachter (1873) (onder schuilnaam L.J. Zondag)
* Willem van Kaulbach (1875)
* Eduard III en de Gravin van Salisbury (1876)
* Hans Saks en zijne gedichten (1885)
* Chamfort (1885)
* Anneessens (1886)
* Een Chineesch over het Chineesch toneel (1886)
* Dumas père en de Fransche critiek (1887)
* Over mijn dorpken (1887)
* Nederlandsche spraakleer (1887)
* Gronden der Nederlandsche spraakleer (1887)
* Karel VI en Maria-Theresia (1888)
* Jozef II (1888)
* Oefeningen op de gronden der Nederlandsche spraakleer (1889)
* Gervantens als toneeldichter (1889)
* De patriottentijd (1889)
* De Jacobynen in België (1889)
* Vesalius in Spanje (1895)
* Musschenwijsheid (dierenverhaal, z.j.)
* Jol of een hondenleven (dierenverhaal, z.j.)
* Volledige werken (1877-1883)
* Dramatische werken van Sleeckx (1888-1889)

* Indrukken en ervaringen (1902)
* Keurbladzijden uit Nederlandsche schrijvers: Domien Sleeckx (?)
    Omvattend:
    - De kinderjaren van Jan Savoir (uit "Het schipperskwartier")
    - Op reis naar Rio (uit "Het schipperskwartier")
    - De schipbreuk (uit "Het schipperskwartier")
    - Tjilp! Tjilp! (uit "In de vacantie")
    - Naar school (uit "Dirk Meyer")
    - In school (uit "Dirk Meyer")
    - Miss Arabella Knox (uit " Ontmoetingen")
    - Jol (uit "Op 't Eksterlaar")
    - Hoe Engel zijn Bientje kreeg (uit " Het erfdeel en andere verhalen")      

-----------

(1) realisme = kunstrichting die in haar uitbeeldingswijze objectief herkenbare werkelijkheid neerlegt

Terug naar begin

Terug naar Louis' Thuispagina - index Vlaamse schrijvers