Antoon
Thiry werd geboren te Leuven op 8 september 1888.
Van 1898 tot 1908 woonde hij te Lier. Vervolgens verbleef hij gedurende
tien jaar te Gent. Hier gaf hij les in het middelbaar- en
normaalonderwijs.
Mede dank zij zijn Lierse echtgenote werd zijn werk door de stad Lier
en
zijn mensen geïnspireerd. Het is dan ook niet te verwonderen dat
hij
1911 debuteerde met het samen met Felix Timmermans geschreven
"Begijnhofsproken".
In 1918 week Antoon Thiry met zijn gezin uit naar Nederland, waar hij
te Tiel (Gelderland) leraar en bibliothecaris werd. Het heimwee naar
Vlaanderen
deed hem verder gemoedelijke romans schrijven over het schilderachtige
maar toch soms beklemmende kleine-stadsleven. Hij verstond de kunst
karakters
en milieus innig en fijn te ontleden met grote aandacht voor
folkloristische
eigenaardigheden, doch op een rustigere meer bezadigde wijze dan zijn
beroemde
vriend Felix Timmermans.
In 1930 kwam Antoon Thiry terug naar Vlaanderen. Hij werd
uitgever te Antwerpen.
In 1942-1943 bouwde hij een huis te Mortsel.
Antoon Thiry overleed te Antwerpen op 13 juli 1954.
Bibliografie :
* Begijnhofsproken (1911, samen met Felix
Timmermans)
* Het schoone jaar van Carolus (1920)
* Pauwke's vagevuur (1922)
* De droomer (1924)
* Het hofken van Oliveten en 7 andere verhalen
(1924)
* Onder Sinte Gommarus' wake (1924)
* Meester Vindevogel (1924)
* Mijnheer Pastoor en zijn vogelenparochie
(1925)
* De vader (1926)
* Baziel's uittocht (1927)
* Mijnheer van Geertrui zijn Kerstnacht (1927)
* Van vier pelgrims (1928)
* De izegrim (1929)
* Kiroeme ! Kiroeme ! Menschkens keert eens
om (1930)
* De president van 't Vliegend Wiel (1930)
* De drie uit Sinte Gerardus Majella en hun
vrouw (1931)
* De hoorn schalt (1932)
* Domien en zijn zoon (1932)
* Gasten in 't huis ten halve (1932)
* Vikingers (1932)
* De zevenslager (1934)
* Ach ! De kleine stad (1936)
* Voghelen in der muyte (1949)
Terug naar Louis' Thuispagina - index Vlaamse schrijvers