Louis' Thuispagina  -  VLAAMSE SCHRIJVERS

KAREL VAN DE WOESTIJNE

Karel Van de Woestijne werd geboren te Gent op 10 maart  1878. Tijdens zijn atheneumjaren nam hij het besluit niet in het Frans maar in het Nederlands te gaan schrijven, wat niet zo evident was in die tijd. Hij deed de middelbare school niet volledig uit en studeerde als vrij student een paar jaar wijsbegeerte en letteren aan de universiteit te Gent.
Van 1898 tot 1903 verbleef hij te Sint-Martens-Latem, waar hij debuteerde met "Laetemsche brieven over te lente" in 1901. Hij huwde te Gent in 1904 en ging te Sint-Amandsberg wonen, waar een zoon werd geboren in 1905. Ondertussen werkte hij mee aan "Van nu en straks" en was hij oprichter van het tijdschrijft "Vlaanderen" (1903-1907). In 1907 verhuisde hij naar Brussel. In 1915 trekt hij naar Pamel waar hij samen met Herman Teirlinck "De leemen torens" schreef. Na opnieuw naar Brussel verhuisd te zijn, wordt daar in 1919 een dochter geboren. In 1920 was hij medestichter van "Het roode zeil" en ontving hij de Staatsprijs voor PoŽzie. Van 1920 tot 1925 woonde hij in Oostende. In 1921 werd hij uiteindelijk benoemd tot hoogleraar in de Nederlandse letterkunde te Gent. Voordien was hij ambtenaar bij het Ministerie van Onderwijs en journalist voor "De Nieuwe Rotterdamsche Courant". Vanaf 1925 woonde hij in een landhuis te Zwijnaarde.
Karel Van de Woestijne was, onder invloed van de Franse symbolisten (1), een verfijnd en gevoelig Renaissance-dichter en een soepel woordkunstenaar. Zijn eerste gedichtenbundels zoals o.a. "Het vaderhuis" (1903) en "De gulden schaduw" (1910) waren zwoel-zinnelijk. Daarna nam het geestelijke, het mystische de bovenhand zoals in "God aan zee" (1926) en "Het bergmeer" (1928). Ook zijn dichterlijk verhalend proza was merkwaardig. Denken we hierbij maar aan het zeer bekende verhaal "De boer die sterft" uit "De bestendige aanwezigheid" (1918). Van zijn hand verschenen in verscheidene tijdschriften ook vele kritische bijdragen die later gebundeld werden.
Hij schreef ook onder de pseudoniemen Peter van Becelaere, Erik  Monck en Beaat Utenhove.
Karel Van de Woestijne stierf te Zwijnaarde op 24 augustus 1929.

Bibliografie :

* Laethemse brieven over de lente (1901)
* Het Vaderhuis (1903)
* De boomgaard der vogelen en der vruchten (1905)
* Janus met het dubbele voorhoofd (1908)
* De gulden schaduw (1910)
* Afwijkingen (1910)
* Kunst en geest in Vlaanderen (1911)
* InterludiŽn I (1912)
* InterludiŽn II (1914)
* Goddelijke verbeeldingen (1918)
* De bestendige aanwezigheid (1918)
* De modderen man (1920)
* Substrata (1924)
* Zon in de rug (1924)
* Beginselen der chemie (1925)
* God aan zee (1926)
* Het menschelijk brood (1923)
* Christophorus (1926)
* Het zatte hart (1926)
* Epibasis (1927-1929)
* De leemen torens (1928)
* De schroeflijn (1928)
* Het bergmeer (1928)

POSTHUUM WERK
* De nieuwe Esopet (1932)
* Over schrijvers en boeken (1933)
* Proza (omvattend : De boer die sterft, Christophorus, De heilige van het getal) (1933)
* Verzameld werk (1928-1933)
* Een bundeltje lyrische gedichten (1936 en 1950)
* Romeo of De minnaar der liefde (1941)
* Proza (omvattend : De boer die sterft, Goddelijke verbeeldingen I) (1942)
* Nagelaten gedichten (1943)
* Verhalen (1944)
* Verzameld werk (8 delen, 1948-1950)
   - Deel 1 : Lyrische poŽzie
      I. Gebundeld werk
          - Het vaderhuis
          - De boomgaard der vogelen en der vruchten
          - De gulden schaduw
          - PoŽmata
          - Het zatte hart
          - Substrata
          - Het menschelijk brood
          - De modderen man
          - God aan zee
          - Het bergmeer
       II. Niet gebundeld en nagelaten werk
          - Verzen van 1899-1914
          - Liederen voor een kind
          - Hupnos en Thamatos
          - Fragmenten uit Het gelaat des dichters
          - Verzen van 1914-1928
          - Nagelaten verzen
       III.Jeugd-poŽzie
          - Gebundelde jeugdpoŽzie
             - Door het zomeren
             - Zang om de lente
          - Keus uit niet gebundelde en nagelaten jeugdpoŽzie
   - Deel 2 : Epische poŽzie, Fragmenten, Ilias-vertaling
      I. Epische poŽzie
          - Kronos
          - InterludiŽn I
          - InterludiŽn II
          - Zon in den rug
      II. Fragmenten
      III. Homeros' Ilias
      IV. Aishulos' zeven op Thebe los (fragment)
  
- Deel 3 : Verhalen en parabelen
      I. Gebundeld werk
          - Laethemsche brieven over de lente
          - Janus met het dubbele voorhoofd
          - Afwijkingen
          - De bestendige aanwezigheid
          - Goddelijke verbeeldingen
          - Beginselen der chemie
          - De nieuwe Esopet
      II.Niet gebundelden nagelaten werk
          - De doop
          - De ontgoochelde gast
          - Het maal der idioten
          - Mijnheer van Beverley
          - Epibasis
          - Elf duizend-en-een dag-verhalen
       III.Aanhangsel : keus uit het jeugdwerk
   - Deel 4 : Beschouwingen over literatuur en kunst
      I. Gebundeld werk
          - De Vlaamsche primitieven, hoe ze waren te Brugge
          - Kunst en geest in Vlaanderen
          - De schroeflijn, I. Opstellen over plastische kunst
          - De schroeflijn, II. Opstellen over literaire kunst
      II.Ongebundelde opstellen
   - Deel 5 : Beschouwingen over literatuur
      I. Kroniek der gedichten
      II. Opstellen over Nederlandsche letteren
      III. Opstellen over Fransche letteren
   - Deel 6 : Beschouwingen over literatuur, Het dagelijksch brood : I. Keur uit de brieven in dagbladen 1906-1929
     I. Opstellen over Fransch-Belgische letteren
     II. Brieven in De Nieuwe Rotterdamsche Courant over cultureel, politiek en maatschappelijk leven in BelgiŽ 1906-1914,
          1919-1928
     III. Gramophonische tijdingen in De Standaard 1928-1929
   - Deel 7 : De leemen torens (i.s.m. Herman Teirlinck), Vooroorlogsche kroniek van twee steden
   - Deel 8 : Het dagelijksch brood : II. Dagboeken en brieven over den oorlog 1914-1918
* De boer die sterft ( uit "De bestendige aanwezigheid", in "Meesters der Nederlandse vertelkunst", 1949) (ook in "Vlaamse verhalen", ?)
* Verzamelde gedichten (1953)
* Keur uit het werk van Karel Van de Woestijne (1953)
* Journalistiek. Brieven aan de Nieuwe Rotterdamsche Courant
* De droom (uit "Verzameld werk III", in "54 Vlaamse verhalen", 1971)
* Verzamelde gedichten (1978)
* De boer die sterft (in "Vlaamse verhalen rond 1900", 1978)
* Brieven aan Lode Outrop (1985)
* Zes duizend en ťťn dag verhalen (?)
* De boer die sterft (2004) (met kunstwerken van Constant Permeke) (omvatttend: Laethemsche brieven over de lente, De boer die sterft, Karel Van de Woestijne en het landelijke leven)

------------

(1) symbolisme = richting in de letterkunde waarbij men naar symboliek streeft

Terug naar begin

Terug naar Louis' Thuispagina - index Vlaamse schrijvers